Meewind compleet

.

Hieronder alle Meewindverslagen van 2005 tot 2011

 .

MEEWIND 67 naar SPEULDERBOS, STROESCHE ZAND EN KOOTWIJKSCHE VELD

Ik, Jas Janbeschermer, had Boxmeer in mijn hoofd. Want alleen beneden de grote riolen 
– denk aan het Ruhrgebied, BASF en de Franse kalimijnen – 
werden hoge temperaturen beloofd (14º of hoger) en een onbewolkt zwerk. Waarom Boxmeer, waarom niet de Drunense duinen? Omdat al bij 
Holendrecht de A 2 vaststond. Dit kwam weer door de Afghanistanconferentie in Den Haag. Op de A4 moest een rijstrook vrijblijven voor 
hoogwaardigheidsbekleders. Sinds de Twin Towers mogen hoogwaardigheidsbekleders veiligheidshalve nergens meer stilstaan. Wij gelukkig nog wel. 
Ik dacht, als de A2 het niet doet, rijden we via de A1 en de A30 naar de A12 en dan via de A50 en de A73 naar Boxmeer. Opnieuw de vraag: 
Waarom Boxmeer? Omdat daar fietsen te huur zijn, zonder dat er een trein rijdt en omdat de pont over de Maas daar de Op hoop van zegen 
I, II, III, of IV heet, naar gelang welke er in de vaart is. Geen slechte naam voor  overzetveren. Het laatste dat we van de man van de 
onlangs overleden Patricia de Martelaere weten is dat hij op een veerboot was gestapt. Maar in Nijmegen zijn toch ook fietsen te huur? 
Maar daar was Meewind al eens geweest en daar parkeer je lastig. Ga dan met de trein. Nee, we gingen juist met de auto om ons bewegings-
vrijheid te verschaffen. Zodat we konden zien waar de wolken wegbleven en de temperatuur hoog genoeg was. Waar waren we gebleven?
Op het knooppunt Holendrecht. A2 verstopt, dus via A9 naar A1. Daar mochten we ook stilstaan, maar was de doorstroming toch beter. 
We zaten met zijn vijven in mijn Franse bolide, die niet eens signalen geeft als je achteruit rijdt. Vanwege mijn lange benen, zat Jan van Margit, 
die de achter de chauffeur zat, die ik weer was, met zijn lange benen dubbelgevouwen in de lucht. Hij gaf geen ki(c)k. Ook Brigitte (ook van een 
Jan) en Margit en Matti waren lief, stil en voorbeeldig. Ik ging ze belonen. Ik zag de Lange Jan, zeg maar, de Dom van Amersfoort, en gooide 
inspraak tussen mijn medereizigers. Ik zei: wie is er voor als we niet naar Boxmeer gaan, maar dichter bij huis blijven, zelfs op de A1? Dus niks 
A30, A12, A50, A73. Iedereen was voor, want iedereen kon geen kant uit. Anders dan wij meteorologisch bang gemaakt waren, was er ook 
boven de Grote Rivieren (zie grote riolen) een strakblauwe  lucht. Dus konden we het dichterbij proberen. Nu moest we naar een punt van 
uitval waar geen treinstation was, maar wel fietsverhuur, liefst in een donkere molen De Hoop, tevens VVV-kantoor, met ouderwetse mevrouw. 
Waarom? De oplossing lees je onder dit verslag. Maar onze uitvalsstellling moest hierdoor Garderen worden. Niet Putten, want daar is ook 
fietsenverhuur, maar ook een station en de A28 en dat mocht vandaag niet. Waar we dan koffie konden drinken? Bij De Bonte Koe, daar was 
het heerlijk. De Bonte Koe was gesloten. Bakker Schuiteman, in de Bakkerstraat, heeft ook koffie, behoorlijk vieze, maar daarnaast diverse 
gebak, diverse luxe koeken en voor Matti een saucijzenbroodje. Mocht je willen lunchen op het zonnige terras van De Brinkhof in Kootwijk, 
vraag dan de ambachtelijke bal gehakt en eis per bal minstens vijf mosterdzakjes. Zo groot is één bal daar. Viagrabal, zeg maar. En trek 
echte wandelschoenen aan, ook als je geen meter gaat lopen. Dat staat stoer. Stoer is ook de luchtmacht. We reden er langs. Op het hek 
stond: Air Operations Control Station. Lokatie: convooi. Ik schreef het op. De man van HIER WAAK IK MET MIJN HOND, reed langszij, zette 
mij klem en vroeg bars: Wat schrijft u daar op. Ik zei: hoe het heet: Air Operations Control Station – AOCS. ‘Doe u dit voor de puzzelrit, of 
hebt u andere oogmerken?’ vroeg de securityman. ‘Dat ga ik jou aan je neus hangen’, zei ik ferm, want ergens heb je je trots als Meewinder 
en wij doen niet in puzzelritten. Hij droop af, met zijn herder, en dat was hem geraden. Waarom gaat dit verslag – als zo vaak – over niets? 
De waarheid is dat Meewind 67 in één zin beschreven kan worden. Wij reden een rondje Garderen, aten onderweg een bal, het landschap 
was afwisselend, het was stukken kouder dan in Boxmeer, ’s middags kwamen er steeds meer wolken en Margit had een kapotte fiets die 
alleen zwaar kon trappen. (Natuurlijk ging ik voor haar zwaar trappen, maar dat lukte niet omdat mijn zadel te hoog stond en wel lager kon, 
maar niet laag genoeg voor Margit.) Dat had zij weer.
Route: Garderen, Koudhoorn, Pauwenhof, Stroe, Kootwijk, Nieuw-Millingen, Ouwendorp (31km).

Vraag: Waarom moest de tocht beginnen in een plaats zonder treinstation en met fietsenhuur.
Oplossing: Als we naar een plaats hadden gewild met een treinstation, hadden we de auto’s beter thuis kunnen laten. En als we naar een 
plaats hadden gewild zonder fietsenhuur, hadden we beter de fiets kunnen nemen dan de auto.


MEEWIND 66 IN DE BREEDTE OVER GRIEZE HEIDEN NAAR DE HELL VAN HUINEN

Op de kop af drie maanden onthouding tussen de Meewinden 65 (op17/12) en 66 (op 17/03). 
Hoe hebben we het volgehouden? Het moet 
beestenweer zijn geweest. Ik gokte op Matti, Hilde, Francine, Jet en Marja, maar wie kwamen er opdagen? De knappe Patricia, maar die 
ging weer weg, die was alleen naar de Kamer van Kooophandel geweest. En Hilde, Francine, Margit, Brigitte en Kees. Kees? Precies. Kees 
van De bolhoed van Piet de Jong. Kees Sorgdrager dus. Hij debuteerde. Hoe dan ook, ik zat er met mijn voorspelling mooi twee vrouwen en 
één man naast. Een bedroevende score.

We pakten de trein van 09.57 naar Amersfoort. Dat is de gekke trein, de Duitse trein, de trein met de klemmende deuren en de rare kleuren, 
de incongruente zitplaatsverdeling en de eenzijdige gordijnophanging. Wanneer worden die afgedankte leasebakken weer eens afgerangeerd 
naar Pruisen? We hadden wel een leuke conducteur. Die ging op ons verzoek in het Frans omroepen, dat we op onze bagage moesten letten, 
bij het quitter van zijn trein.

Nieuwe gekte in Nijkerk, ons station van uitval. Voor fietsen moet je daar naar Ridder tweelwielers BV in de Groenestraat. En dan zit je voorbij 
de oude eierhal, achter het centrum, in de Schulpkamp. Ridder tweewielers, liet de oudste Ridder  - type 72 jaar, maar nog elke dag in de zaak – 
ons trots zien, legt zich toe op meerwielers. Je kunt er fietsen in de lengte en in de breedte. Je kunt naast en tegenover elkaar plaatsnemen, 
met de ruggen of de gezichten naar elkaar toe. Het leek ons verstandiger – afnemend kraakbeen, kwetsbare kruisbanden  - om deze manieren 
van voortbewegen niet uit te proberen. De fietsen die we wel meekregen, waren de lichtste en beste ooit. Scapino’s. En niks borgsommen of 
sofinummers.

Door de Prof. Eijkmanstraat op de koffie af. Een oude vrouw stond water tegen de ramen te ketsen. Vrouw, vroeg ik haar, weet u naar welke 
Eijkman uw straat genoemd is? Nee, dat kon ze niet zeggen, maar ze had wel eens gehoord, dat hij om de hoek woonde, in de Tuinstraat. 
Ze zou even haar man vragen. Ach, nee vrouw, doe dat niet, ga lekker door met de buitenboel. Goeie bakkers herken je aan niet één maar 
twee joekels van moorkoppen aan de pui, al ging ik zelf voor de mergpijpen. We hoopten dat er op het dak van de auto’s ook 
moorkoppen gemonteerd waren. Normaal wel, maar nu waren ze er even af. Voor onderhoud. 

Al weer bijna 500 woorden onderweg en nog geen meter gefietst. Hoe kunnen wij ons verslag substantie geven? Dat is niet moeilijk. Meewind 66 
werd verreden tussen Nijkerkernauw en Veenhuizerveld. Je fietst dan door kwelwaterstromen, de natte gebieden en ‘grieze’ heiden tussen 
de stuwwallen van de Utrechtse heuvelrug en het Veluwe massief. Een schitterend coulisselandschap met houtwallen, tol- en bakhuizen, 
hessenwegen, kloosterhoeven, legerkampen en offerplaatsen. De buurtschappen heten hier Hell, Huinen, Gerven, Appel, Kruishaar en Terschuur. 
Wilt u het gebied in één woord? Turf. En dan was het natuurlijk lente. Broeken aan de lijn, paarden nog onder hun dekens, maar ook schattige 
sneeuwklokjes, crocusjes, lammetjes en hier en daar al een enkel reusje. 

Oostwaarts door de Beulekampersteeg. We doorsteken de Kruishaarsche Heide. Over rulle zandpaden, richting Boeschoten en Garderen. We pakken 
een stukje Speulderbos mee, maar maken al voor de Pauwenhof rechtsomkeer. De maag knort en alleen Voorthuizen biedt dan soelaas. Door 
’t Veenwater, de Woudsteeg en het Wilbrinksbos bereiken we het zonovergoten terras van Grand Café ‘De Bunckman’, vernoemd naar de reus 
uit de bekende Veluwse sage van het violistje dat zulke hoge tonen aan zijn snaarinstrument wist te ontlokken, dat de reus jammerlijk ter aarde 
stortte. Er zijn tosti’s, Ciabattabollen en waldkornstokbroodjes met tonijnsalade.


Voort, gaat het, nu weer zonder huizen. Over de Appelsche Heide, door ’t Woud en over de Vrouwenweg naar Zwartebroek. Schoolkinderen, 
fouragehandels en loonbedrijven. De groene thee genieten wij bij Henk van Middelaar aan de Dijkhuizerstraat, die net met zijn buurman 
– met brede leren riem over de buik – zit te rusten voor zijn hoeve. Henk kennen wij van  het zaterdagse Radio 1-programma Napels bij 
nacht, waarvoor hij deze week nog geen gast heeft. Nijkerk zit trouwens vol met omroepvolk. Over de Vetkamp zagen we al EO’s Ad de Boer 
lopen, terwijl Lex Harding (geboren als Lodewijk den Hengst) de Slichtenhorst deerlijk heeft opgepimpt. Fluks terug naar de hoofdstad.
Maar eerst rijden we nog langs de kleine Joodse begraafplaats, sporthal Strijbos en de Renselaer. We halen de stoptrein naar Utrecht van 
vijf uur. In Amersfoort, weer over in de gekke trein. Er komt een meisje binnen. Ze is ongerust. Gaat deze trein wel naar Utrecht? Nee, 
jonge vrouw, gekke treinen, als deze, gaan alleen naar Amsterdam.

Thema: Lentegekte  (Franse conducteurs in Duitse treinen, meerwielers & moorkoppen)
Route:   Nijkerk, Huinen, Veenhuizerveld, Huinerveld, Prinsenkamp, Voorthuizen, Appelsche      
             Heide, ’t Woud, Zwartebroek, Nijkerkerveen (36 km).


Jan Zwartebroek

MEEWIND 64 BEZOCHT NATIONAAL PARK DE UTRECHTSE HEUVELRUG

De kust en het oosten van het land moesten we die tiende december mijden.
 Ik opperde, we beschikten over twee auto’s, 
Garderen of Doorn. Min of meer centraal gelegen plaatsjes zonder stations, maar met fietsen en 
pannenkoeken. Het werd Doorn, dat landschappelijk meer variatie beloofde. Bekend ook van Vestdijk 
en zijn heks, de Duitse ex-keizer, het golfslag-bad Woestduin en dus tevens de kraamkamer van elke 
Nederlandse marinier. Het blijft belachelijk, mariniers opleiden midden in de bossen. Die jongens horen 
thuis op Juno Beach, op de grens van land en water. Maar goed.

Parkeren in het centrum en, hoewel al 12.00 uur, via glibberige klinkers op zoek naar een fietsenboer. De dichtstbijzijnde 
had zijn huurfietsen al in de winterstalling opgelegd, maar toverde ze weer tevoorschijn. Een prachtige dag met een felle 
lage zon, waterkou en winterlicht en – in de bosdalen - spooky grondnevels. Eerst, o gruwelijk voorteken, langs het 
revalidatiecentrum. En daarna de Stichtse lustwarande in. Vreemde kasteel- en torenachtige bouwsels, donjons, 
ridderhofsteden, langs weteringen aan het einde van kaarsrechte beukenlanen. Met namen als Moersbergen, 
Leeuwenburgh, Hindersteijn, Lunenburg, Anderstein en Nellenstein. We zijn in het slagen- of copenlandschap 
(copen zijn speciaal ontgonnen langgerekte kavels) tussen de Utrechtse heuvelrug en de Kromme Rijn, waar de dorpen 
naar boerenkielen klinken: Werkhoven, Neerlangbroek. Het is een gebied, dat willen jullie inmiddels wel geloven, dat 
zwanger gaat van de komgronden, oeverwallen en stroomruggen. Als oude dorpskernen ergens hun hysterisch karakter 
hebben behouden, dan hier. Ideaal voor fruitteelt, dichters (Achterberg) en prinsessen, zoals Irene die ons op de 
Sandenbergerlaan achter een zwarte voile tegemoet kwam. Ik heb het Marianne, Peter, Francine en Inge maar niet 
verteld. Ze hadden me zeker niet gegloofd. Hoe komt dat toch, dat mij dat zo vaak overkomt? Help mij, Here, van 
mijn credibility gap af.

We gaan pas om half twee eten in idyllisch bosrestaurant Sandenburg aan de straatweg tussen Doorn en Darthuizen. 
De jongen die bedient is een schat, het eten is treurig: verbrande kroketjes zonder mosterd, uitsmijters met te slap 
eiwit en de koffie neemt de BOK (= bokaal voor ontroostbaar koffiedrab) over van een ijssalon in Purmerend (MW 32). 
Hier is gewoon lauw afwaswater op chemische korrels uit een zakje gemieterd. En nu de bergen en de Kaapse bossen 
in! We steken de Utrechtse heuvelrug dwars door naar Huize Maarsbergen. We kruisen de  A12 en het spoor en rijden 
daarna over de golflinks van Anderstein en bijna langs het Henschotermeertje op Maarn aan. Voor het raadhuisje 
worden doden herdacht, die – nooit eerder gezien - zijn uitgesplitst: je bent of getroffen in bombardementen, of 
omgekomen in Duitsland, of gesneuveld in Indië, of – wherever – gefussileerd. We fietsen door. En dan, waar de 
Esdoorn- Eekhoornlaan wordt, gaat Francine onderuit. Volkomen onverwachts. Het had iedereen kunnen gebeuren. 
IJzel, spekglad, fietsbel gebroken, zadel in vreemde stand, Francine gelukkig goed ingepakt. Blauwe plekken, geen 
pulserend bloed. Paarse designbril gespaard, Lebensbejahende oogreflexen. 

De lol is er af. We moeten van nu af op onze hoeden zijn. De Maarnse Grindweg is gelogen. Niks grind, aalglad 
asfalt. Ik had nog thee willen drinken op de Zonneheuvel met prachtig uitzicht over de Betuwe, rond willen kijken 
bij het Maarten Maartenhuis en de Diepwel, af willen zakken in het Doornse Gat, maar de zich snel uitbreidende 
gladheid gedoogt geen uitstapjes meer. Via de kortste weg, gelukkig een schitterende geaccidenteerd kronkelpad 
met in de weg staande beuken, terug naar de auto’s. Langs de Drift of de Dreef zakken we terug naar het centrum. 
Om vijf uur al weer veilig bij Matti en Tommy in Welling.

Meewind 64 reed een zeer vrije variant van de Boommarterroute van Domincus (2006).
Route:     Doorn, Moersbergen, Langbroek, Sandenburg, Kaapse Bossen, Maarsbergen, 
                Anderstein, Maarn, Hoog Moersbergen (23 km)
Thema’s: Buitenhuizen, essenhagen, boerenweteringen, golfballen en ijspret.

METROMEEWIND 63 AFVALRACE MET SPECULAAS, AQUADUCT EN REGENBOGEN

Langs Amstel, Bullewijk, Holendrecht, Gein en Gaasperplas


Bij Welling is de boel nog steeds opgebroken. Ik verwacht weinig klandizie. Lot is er, maar zij komt haar vader alleen uitzwaaien en de arme 
Matti moet werken. En dan tussen kwart voor twee en twee uur zijn er ineens tien rijders, een absoluut winterrecord. Ik noem ze alfabetisch: 
Eveline, Hilde, Ike, Jan, Jet & Joke, Marianne (Houtzager), Patricia, Peter (Poldervaart) en Truusje. Meteen op pad. Eerste stop in de Cliostraat, 
iets voor bij de Openluchtschool voor het gezonde kind. We geven een fietsbellenconcert voor Eli Asser, David de Goede en Paul - Bestseller – 
Sebes, maar er gaan geen ramen open en er worden geen bloemen gestrooid. We nemen ons verlies en stuiten op de Cornelis Dopperkade op 
Dodi Doni. ‘Ga mee, Dodi’, roepen wij, maar ze kan niet. Door het Beatrixpark (sinds 1923), langs de Parkhal en de Randstadhallen van de RAI, 
onder de A10 en het spoor door, langs het Amstelpark, de Amstel over en scherp en stijl terugdraaien naar de Ouderkerkerdijk, dat is de stile 
kant van de Amstel. Een feestelijke zaterdagmiddag: zon, Ruysdaelluchten en roeiers, die instructies krijgen door megafoons. En dan gaat het 
mis. Dikke spijker, lekke band. Het is pas Meewind’s tweede (zie Meewind 35 in Zwolle). Peter is de ongelukkige. Niet Peter Pech schrijven, dat 
ligt te veel voor de hand. Meewind wordt uit elkaar gescheurd. De kop van het peloton zit bij de Kloostervaartjes en de Van Otterlootjes aan de 
thee met speculaas (Sinterklaas moet daar nog gevierd worden) en zal – ondanks heen en weer gefiets tussen Ouderkerk en de Plaats Delict ter 
hoogte van de Machineweg – Peter, Hilde en Marianne niet meer te zien krijgen. Marianne zet haar fietspompje nog lief in, maar volgens de 
overlevering eindigt Peter toch bij de boer. Toen waren er nog zeven. Na een kort buitje met twee (sommige beweren zelfs drie) regenbogen 
(Jet heeft ze met haar mobieltje vereeuwigd) rijden we verder. Door Ouderkerk, langs Ron Blaauw en Beth Haim het dorp uit. We houden de 
noordelijke kant van de Bullewijk, langs de Ouderkerkerplas en onder de A9 door. Voor de Stokkelaarsbrug en Baambrugge is het te laat geworden. 
Daarom kiezen we de doorsteek langs de Holendrecht en het Abcouder Meer. We zijn nu ook in de provincie Utrecht. De Eendracht in Abcoude, 
waar Jean-Paul innam toen hij in de Bijlmer woonde, laten we – het is al bijna vier uur - rechts liggen en dan wordt nieuwe rampspoed ons deel. 
Kettingleed bij Joke ter hoogte van Geinlust aan het Gein Noord. We hebben geen spullen om de kettingkast te lijf te gaan. Joke moet terug naar 
huis. Met de fiets in de trein. Zij weet van niets. Het wordt haar OV-ontmaagding. Wij gaan met zijn allen mee terug om haar te helpen. Het 
(inmiddels onbemande) station in Abcoude blijkt een heel stuk naar het noorden te zijn verlegd. Kaartjes uit de automaat, fiets in de lift en dan 
het afscheid. Toen waren er nog maar zes. Terug langs het kerkhof en over het nieuwe Rien Nouwen Aquaduct. De zon gaat onder in het Gein. 
Molens, klompjes, melkbussen, ooievaarshorsten, ingekuild gras en de batterijen van de Stelling van Amsterdam. Wij houden van Holland. Voor 
Driemond buigen we over de Ruwelswal terug richting Bijlmer. Over een fraai kronkelpad door nieuw bos en langs het  pompstation bereiken we 
de Gaasterplas. We volgen de oost-, zuid- en westoever van de plas en buigen dan tussen Leksmond- en Lopikhof af naar station Gaasperplas. 
Het is vijf uur. Tijd voor de laatste bejaardenbeproeving: met je fiets in de metro. Mag dat, kan dat, hoe doe je dat en wat dat kost dat? Langs 
de trap, met de lift of over de roltrap? Drie, vier of vijf zones/strippen? Ik verklap niks, maar we zijn er uitgekomen. Na de halte 
Venserpolder, ter hoogte van de Anatole France Singel zwaaien we even naar Fred Schoen, maar Fred zwaait niet terug. Wij stappen uit op het 
Weesperplein en zitten voor 18.00 uur in Welling. Joke zit om 18.00 uur vòòr Welling. Binnen is het stampvol, na Mahler blijven ze altijd langer 
hangen. Ze vertelt dat haar ketting op Amstel is gerepareerd door een microtechnoloog, die haar stokoude fiets, een heus collectors item, op 
€ 1.400,-- taxeerde. Tussen Weesperplein en Welling zijn we en passant Patricia nog kwijtgeraakt (die ging een soepje eten op de Cuyp), zodat 
we Meewind 63 met vijf van de tien onversaagden moesten afsluiten. Geen slechte score.   

Thema’s: Materiaalpech, Openbaar vervoer en Sinterklaas.
Route:     Welling, Beatrixpark, Amstel, Ouderkerk, Bullewijk, Holendrecht, Abcoude, Gein, 
               Gaasperplas (verder per metro), Venserpolder, Amstel, Weesperplein (23 fietskm’s) 

MEEWIND 62 WOEI NAAR DE COCKSDORP

De consulente werd ziek, dus konden we nu ook weer ’s morgens fietsen.  
De zon zou zich alleen boven Texel vertonen, dus werd het Texel. En alleen Hilde kwam opdagen bij Welling, dus gingen we samen. 
Dat was pas één keer eerder vertoond, met Liesbeth. Die heb ik toen, bij wijze van tractatie, nog per scheepslift overgehaald in 
de Wortelsloot (Meewind 29). 

Texel kon dat nog wel? Daar waren we toch al geweest? Geen punt, Meewind 41, getroffen door veel rampspoed, kwam niet ver. 
Het verslag was geëindigd met de aanbeveling om de volgende keer fietsen te huren in De Koog i.p.v. bij de veerhaven en de noordelijke 
helft van het eiland te gaan verkennen. Aldus geschiedde op 27 november 2008. Meewind verlegde die dag zijn noordgrens met zes 
kilometer van de Koog (568)naar De Cocksdorp (574). Hoger kunnen we nu alleen nog in Groningen en Friesland terecht, want de 
stad Groningen en Leeuwarden liggen al noordelijker dan De Cocksdorp. 

Eerst per auto via (dit keer maar eens oost om) Alkmaar naar Den Helder. Bijna de boot van 11.30 uur gemist, door files ten gevolge 
van de plaatsing van één lullige lantaarnpaal in ’t Zand. Van ’t Horntje nog steeds per bolide door Den Hoorn en De Dennen naar De Koog. 
Voor twaalf euro twee goede fietsen bij Bruining gehuurd en daarna een broodje bij SamSam in de dorpsstraat. Wat zou beter uitpakken? 
Om met de klok mee te fietsen, dus eerst langs De Slufter naar boven en dan langs het wad terug, of juist tegen de klok in. We besloten 
tot het laatste en verlieten De Koog in zuidelijke richting. Op het Pijpersdijkje ging alles nog goed, maar daarna op de hoge Waal en 
Burgerdijk, een kilometer voor De Waal, werden wij door de zuidwester storm letterlijk van onze fietsen geblazen. Met Meewind nooit eerder 
meegemaakt. Zelfs naast de fiets lopen was in het open polderland riskant. Nu konden wij ons voorstellen dat de Polder Eijerland met de r
amp in ’53 was ondergelopen. De ramp speelde toen niet alleen in Zeeland, ook Texel moest dode boeren en vee bergen. Moedig voorwaarts. 
Door het idyllische De Waal en over kronkelweggetjes via Spang, Spijkdorp en De Nes naar Oosterend. Kerken, een muziektuin, houten 
siereenden  en veel tweede handse flauwe kul. Na het buurtschap Oost komt het mooiste deel van de tocht. Pal naar het noorden, wind in 
de rug, nu eens binnendijks dan weer op de schuine betonhelling buitendijks. Bij gedogen, op eigen risico, alleen op de wereld. 
Eén groot en leeg natuurreservaat, met duizenden vogels, kolken, kapen, keten en killen. De Schorren en Vogelweid De Bol. Zou het lukken 
om bij De Cocksdorp weer binnendijks te komen, of zouden de hekken op slot zitten en zouden we tegen de storm in weer helemaal terug moeten. 
We hadden geluk, het dorp liet ons binnen. Er was iets na drieën weinig open in de commerciële Kikkertstraat, maar twee thee moest lukken. 
Als we de boot van vijf uur wilden halen, moesten wij proberen voor half vijf in de Koog te zijn. We vochten ons een weg terug. Door de Eierlandse 
duinen, langs de wonderschone Slufter, De Muy en De Nederlanden, een heidegebied dat op de schop is gegaan. Van de duinen hadden wij 
bitter weinig voordeel. Of ze waren te laag, of niet dik genoeg, of ons pad liep er niet dicht genoeg langs en de wind was meer zuidelijk dan 
westelijk zodat hij binnen de duinen langs kon. Alleen het laatste stukje, vlak voor de Koog, met bosdekking, werden wij beloond.  

Terug naar Amsterdam. Maar beter over Hoorn dan over Alkmaar. En liever langs Ilpendam dan langs Zaandam, want de hele ring (A 10) stond 
muurvast, dus konden we die maar het beste vanuit ’t Schouw naar de IJtunnel oversteken. 
Via Waterlooplein en Ceintuurbaan toch nog tegen zevenen bij Welling. Na een lange, onstuimige dag met meer storm en zon dan regen.

Route: De Koog, Waal en Burg, De Waal, Spang, Oosterend, Oost, De Bol, De Schorren, De 
           Cocksdorp, de Zanddijk, Postweg (35 km).

MEEWIND 58 NAAR JUTTELAND, RIBBELZEGGE EN VOCKESTAERT

Als ik zeg Wippolder, Pauwbrug en Voorhof, waar zijn we dan? Bij Yab Yum. 
Ik help jullie: Poppesteeg, Voldersgracht, Vrouw Jutteland. Worden we al warm? Of moet het nog makkelijker met Arretje Nof,  De Porceleijne Fles 
en Willem de Zwijger? Meewind deed een rondje  Delft. Na de topkoffie bij de Coffee Company op het mooiste punt van de binnenstad – uitzicht op 
Wijnhaven en Oude Langendijk – rijden we over Doelenplein, Schuttersveld, Paardenmarkt en Kantoorgracht de stad uit. We zijn in de Delfse Hout, 
maar het Hazenpad is afgesloten. We moeten om door interessante nieuwbouw van Nootdorp met lange witte bruggen. De straten heten Ribbelzegge, 
Biesvarken en Veenwortel. Verder naar het zuidoosten tussen de Dobbeplas en het überbiologische Biesland door. Alles is Nederlands. 
De wolken, de weiden, het water, de verten en het vee. Zet hem op Vermeer! We lopen opnieuw vast. Onze kaart is niet gedetailleerd genoeg en verouderd. 
Er staan wegen ingetekend die er nooit gekomen zijn of veel te drassig en het wemelt van de nieuwe wegen, paden en fietstunnels waarvan onze 
Toeristenkaart Zuid-Holland geen flauw benul heeft. Dan maar gewoon langs Pijnacker naar Oude Leede. In de verte wenkt Rotterdam. Na molen 
De Valk komt het mooiste deel van de tocht. Een smal schelpenpad tussen de Ackerdijksche Plassen en een brede vaart, beter bekend als Berkelse Zweth. 
We gaan met een tunneltje onder de A13 door en rijden recht op de Zwethheul af, waar Mario Ridder pollepelt. Wat de Librije voor Zwolle is en Kaatje 
voor de sluis, is de Zwethheul voor Zweth. Kleine hapjes, grote rekeningen en mooie wijnen. Patricia, Marja en ik vieren de crisis met kibbelingetjes, 
kapperappeltjes en vingerhoedjes puree. We kijken uit over de Delftsche Schie. De grote boten varen vlak langs onze borden, zo laag zitten we. 
Over de Schie ligt dat deel van Midden-Delfland dat kassenvrij wordt gehouden en naar de naam Vockestaert luistert. We gaan het bekijken. Eerst de hoge 
Kandelaarsbrug over – staat ook al niet op de kaart – en dan door de polder Noord Kethel (het oude Kethel zelf is opgeslokt door de Schiedamse nieuwbouwwijk 
Woudhoek) en over de kronkelende Woudweg op Zouteveen aan. Harde wind tegen, maar een prachtig slagenlandschap, zoals we dat kennen van de 
Weerribben en rond Langbroek. Over een te smalle weg met allemaal idioot rijdende A13-ontwijkers bereiken wij na Negenhuizen, gelukkig op een oude 
kreekrug gelegen, het maar gedeeltelijk beschermde dorpsgezicht Schipluiden. 
En dan – via de Tramkade en de Hoornse Kade - is Delft nog maar een fluitje van een cent.       

Aftiteling:
Afstand:	28 km
Weer:		Zonnig, wolkig en zacht
Route:		Delft, Nootdorp, Pijnacker, Oude Leede, Zweth, Kandelaar, Zouteveen, 
                          Negenhuizen, Schipluiden, Hodenpijl, Den Hoorn
Thema’s:	Financiële crisis, gastronomie, Biesvarken, Veenwortel en kreekrug.
Stemming:	Opperbest	

MEEWIND 57 HAKSELT TUSSEN VELUWE EN VELUWEMEER

Het kon niet uitblijven. Meewind is een beleggingsfonds geworden, meldt de 
Volkskrant van 25 september. Het gaat voor windmolenparken in zee. Als het tenminste niet voor die tijd omvalt. Wij kunnen daar wel 
een handje bij helpen. Wie zich altoos voortbeweegt op twee wielen, weet van omvallen. 

Meewind 57 stond trouwens in het teken van het hakselen. Wat dat is weten wij van Martin Bril (maandag weer terug!), die geen maisveld 
kan tegengekomen, of het is gehakseld. Tussen Nunspeet en Elburg werden wij steeds van de weg gedrukt door enorme tractoren met 
bakken vol haksel. Het begin van de herfst is echt hakseltijd. Voor zover de maisvelden nog niet gehakseld zijn, zagen wij ze staan te 
popelen om gehakseld te worden. Genoeg hierover.

Domper in Nunspeet. De fietsenverhuur is verdwenen. Hoegen is zo groot geworden dat het bedrijf moest uitwijken naar het industriegebied.  
De dagklant bij het station is niet interessant  meer. Wij nemen een taxi naar Industrieweg 60d. Daar krijgen we – zonder borg – en voor 
een lage huurprijs drie patente Gazelles Primeur. Aan het eind van de dag  drinken we thee bij zalencentrum Joris, net over het spoor. 
Hilde ziet Hoegen’s truck met oplegger vol fietsen aan de overkant staan wachten voor de overwegbomen. Ze spurt eropaf, maar Hoegen 
is onvermurwbaar. Hij kan niet onze fietsen gaan staan opladen; de bomen kunnen elk moment opengaan. We nemen ons verlies. 
Dat wordt nog een eind fietsen naar het industrieterrein, opnieuw een taxi en twee treinen later. En dan gebeurt het wonder. 
De schat van Hoegen is teruggekeerd met een kleiner busje om onze fietsen alsnog op te halen.  

Terug naar de ochtend. Wij – Hilde, Joyce en Jan - beginnen in Nunspeet met koffie bij De Stroopstok. Als dat geen pannenkoekenhuis is, 
eet ik mijn hoed op. Wij mijden de Zuiderzeestraatweg en rijden achterom via molen De Duif en Lage Bijssel naar Doornspijk, ooit Thoornspiic. 
De veldweg voert ons naar het Veluwemeer en de resten van de Sint Ludgeruskerk, genoemd naar de Friese evangelist Ludger (742 – 809). 
Na de Papenbeek rijden we over het Bagijnendijkje een oud Hanzestadje binnen. Elburg valt, ondanks een zonnig terras, niet mee. 
De vestingplaats is ingenomen door een buslading bejaarden uit Almelo. De mosterdsoep met paling is niet te drinken. Te heet, te dun en 
te flauw. Ook de erwtensoep smaakt nergens naar. In plaats van de kazematten, heb je er nu ’t Kruidvat en de visser heeft er plaats moeten 
maken voor Zeeman. Elburg zet zich niet meer op de kaart met zijn Rechthuys, Vischpoort en Agnietenconvent, maar met Silly Kids, 
More Than Jeans en Hans Schroten Optiek. Snel verder richting Oostendorp en Oosterwolde. Vanuit Eekt kiezen we het kerkpad door de 
Broeklanden naar Oldebroek. De laatste twaalf kilometer hebben we de noordooster in de rug. We volgen de Veluwezoom. Langs de 
Bovenstraatweg liggen mooie Saksische boerderijen met bemoste rieten daken uit het einde van de negentiende eeuw.  Via de Zwaluwenberg 
bereiken we legerplaats ’t Harde. Het Artillerieschietkamp zwijgt. Over fraaie fietspaden langs het Haereland en de zandduinen van De Zoom 
keren wij terug naar Nunspeet. We hebben dan dik 40 kilometer in de benen en bloedende zadels. 

Tot volgende week

Jan Oldebroek

MEEWIND 56 NAAR BISONBAAI, KEKERDOM EN DUITSLAND

17 september 2008. Meewind zoekt, vindt en bekijkt Kekerdom. Zijn ooievaar en zijn molen. 
Waarom naar Kekerdom? Het komt door een kinderliedje dat Patricia ooit schreef. Opdracht was om in dit liedje zoveel mogelijk Saksische 
plaatsnamen te verwerken. Dit is het couplet met Kekerdom: 

’t Was op een Bontemorgen, vlakbij de Woppereis
en ’t lieve meisje Lievelde dat wilde graag op reis
Mamma stond bij de Pannerden, warmt Mosseltjes met ijs 
“Klein Dochteren, nu breekt mijn Klomp, kom Ede” zuchtte zij
“Je moet het mij niet Vragender, want ik ben Kekerdom
Ga snel oom Wolbert Haalderen en kom dan Wekerom

De cursieve woorden zijn bestaande plaatsnamen. Het klinkt onwaarschijnlijk, maar het is echt waar. Je kunt wonen in Warm, Mossel, Wolbert of 
De Klomp, etc. Maar Meewind zette dus in op Kekerdom. Het is het laatste dorp aan de Waal, twee kilometer voor het begin van Duitsland. 
We zijn in de schitterende Ooijpolder, met het even vermaarde als ecorijke en vrouwvriendelijke gastenlogement Oortjeshekken. Wie Ooijpolder zegt, 
zegt ook Ubbergen, Persingen, Tiengeboden, Kaliwaal en Leuth, bekend van het ‘Koningschieten’. 

Meewind kon het natuurlijk niet laten om Duitsland aan te doen. Nergens komt Duisland dichterbij Amsterdam dan bij grenspaal 640, even ten 
oostzuidoosten van Nijmegen. Wij stapten de grens over in een Naturschutzgebiet, op een steenworp van het dorpje Zyfflich, dat zich halverwege 
Kleef en Nijmegen ophoudt. Het Naturschutzgebiet was veel lelijker dan onze Ooijpolder, maar wij wilden nu eenmaal even internationaal wielrijden.

Wat maakt de Ooijpolder zo bijzonder? Het feit dat het water er zo vrij spel heeft. Overal zijn walen, zeelten, wielen en baaien en dat weten vogels 
en planten te waarderen. Er zijn nu zelfs – tot schrik van Brigitte -  grote grazers. Veel huizen staan ondanks het Deutsch-Holländische Pumpwerk 
(van de beroemde bouwmeester Granpré Molière) op eigen terpen.
Tot Duitsland in 1966 lid werd van de NAVO maakte de Ooijpolder ook nog deel uit van de IJssellinie die bedoeld was om het levensgevaarlijke 
Russische communisme een halt toe te roepen. Een van de krijglisten die daartoe werd ingezet was het ingraven en in beton gieten van versleten 
Shermantanks met 17-ponder kanonnen, die alleen met hun geschutskoepels boven het maaiveld uitstaken. Een soort tankkazematten, zeg maar. 

Valt er over Meewind 56 ook nog iets warm-menselijks te berichten? O, zoveel. In de trein zagen we, dankzij de nieuwste mobieltje van Brigitte, 
Agnes Kant tijdens de Algemene Beschouwingen. Daarna gaf onze sociolinguiste Jet een college ongeadresseerd meeluisteren. Zij legde uit 
hoe moeilijk het is om stilte te interpreteren en waarom er geen Nederlands woord bestaat voor ‘overhear’. Dezelfde Jet was het eerder gelukt 
om als laatste aan te komen fietsen en als eerste in de trein te zitten. Terwijl wij nog met defecte automaten probeerde haar kaartje te kopen, 
zat zij al op Amstel. De trein zat trouwens stampvol bejaarden voor de 50-plus beurs in Utrecht. Om die de ogen uit te steken gingen de 
Meewind-vrouwen hun Demmenie-topjes aan- en uittrekken, om de steekzakjes op kleefband te inspecteren. Na Arnhem reed de trein verder in de 
richting van waaruit wij kwamen, wat alleen klopt als de ‘meester’ in Arnhem snel van de voorkant naar de nieuwe voorkant aan de achterkant 
gelopen is. Daarna werd, ik dacht door Dodi, het leerstuk van het preventief plassen uiteengezet. Het kwam, geloof ik, neer op ‘plassen als je kan, 
zodat je niet meer hoeft waar het niet kan’. In Nijmegen reden wij langs wat hoeren naar de terrassen aan de Waalkade, waar wij op de heenweg 
koffie dronken bij Vivaldi’s en terug – met de voeten in de rivier – bij Le Figaro. Mag ik het daarbij laten?

Ga mee naar blaadje twee


Voor de statistiek:
Vijf rijdsters: Jet, Hilde, Brigitte, Dodi en Jan
Route:          Nijmegen, De Vlietberg, Groenlanden, Bisonbaai, Oortjeshekken, Ooij, Erlecom,      
                     Kaliwaal, Kekerdom, Haukes, Leuth, Duitse grens, Wercheren, Leuthse Straat, 
                     Oude Waal (25 km).
Thema’s       Prostitutie, steenfabrieken, IJssellinie, Gelderse Poort, grote grazers en zand- en 
                     Grindwinning.		

De volgende Meewind is op woensdag 24 september, 09.45 uur Centraal Station bij taxi’s.

MEEWIND 55 OP 27/08/’08 NAAR CANON, CODA EN KATHEDRAAL

De waat’ren brachten telker reis
Een vruchtb’re slibkorst mede
En ’t hief het rijzend hoofd omhoog
En werd bewoonb’re stede

(Bilderdijk, Hollands wording)

Is de gekte in Meewind gevaren? Welnee, het velocipedistisch gezelschap bezocht gewoon een Triënnale. Die ging over parken, tuinen, borders, 
tochten, tentoonstellingen, foto’s, projecties, schilderijen, gedichten (zie boven), schoolpleinen en landschappen. Knoop daar maar eens een 
touw aan vast. Wij begonnen gemakshalve in een even afgebrande (1958)* als onttakelde Nettenfabriek** in Apeldoorn en kozen vooral voor de 
CANON VAN HET NEDERLANDSE LANDSCHAP, afgebeeld op 60 enorme billboards, vijf per provincie. Wij zien terpen & wierden, essen & borgen, 
kliffen & singels, erven & kavels en moeren & broeken. Van de zestig getoonde landschappen, zijn er inmiddels zeventien door Meewind verkend***.  
Wij hebben dus nog heel wat landschappen te gaan, al maken wij met de Betuwelijn, de petrochemie in de Botlek, de ruilverkavelde komkleipolders 
in de Betuwe en de Limurgse zand- en grindwinningen geen haast. Hoog op ons verlanglijstje staan Gaasterland, de landbouwkoloniën, het Dwingelderveld, 
de Drentse Aa, het Reestdal, de Dinkel, Woold, Montferland, de Blauwe Kamer, Walcheren, de Peel, het Mastbos, het Geul- en Leudal,
Berg en Dal en de Niers en enkele Waddeneilanden.
Wij verlaten de Canon en rijden door het rommelige Apeldoorn, langs de Coda (= Cultuur Onder één Dak in Apeldoorn) en de Gigant en keren de 
stad via de Soerenseweg de rug toe. Vele kilometers vals plat. Het Jagershuis in Hoog-Soeren is weer eens dicht. Het alternatief is geen straf: 
de Roverspannenkoek, de pannenkoek Lazarus of de pannenkoek Dwars door de tuin bij “Berg en Dal”. Overgoten door  flesjes rode Spa. 
Om twee uur moeten we verzamelen voor de ‘Kathedraal’-rondleiding op de parkeerplaats Hoog-Buurlo. We hebben dus nog maar kort tijd voor de Asselse 
heide en de natuurbegraafplaats. In Hoog-Buurlo blijken nog vijftig andere bejaarden de laatste gelegenheid te baat genomen te hebben om - na een korte 
fietstocht naar RADIO KOOTWIJK - het majestueuze betonnen art deco-zendgebouw uit 1923 van binnen te bekijken. 
De royale en hooggelegen dynamozaal van Gebouw A stelt niet teleur. Wij keren terug naar de jaren van telegrafie, telefonie en radio, naar de korte tijd 
dat de lange golf operationeel was, naar zenders die gericht stonden op de Oost, op New York, Paramaribo, Stockholm en zovele andere plaatsen. 
De zes zendmasten waren twee keer zo hoog als de Dom in Utrecht en laten van de imposante kathedraal niets over. Wij horen over Cornelius de Groot, 
die zichzelf een groot radioot noemde, nadat het hem in 1918 gelukt was om de Javaanse Marabarkkloof met zijn langegolfantenne de overspannen, 
waardoor verbindingen met  Nederland mogelijk werden. De toekomst van Radio Kootwijk is nog niet zeker gesteld. Het Kröller Müller Museum 
(tien kilometer zuidelijker) en Harry de Winter hebben plannen ingediend, maar de eisen zijn streng. Voor onderhoud en exploitatie van het voormalige 
zendstation met zijn enorme koelvijvers is veel geld nodig en dus moeten er veel bezoekers komen en juist die probeert men van deze stille (ooit storingsvrije) 
zandverstuiving weg te houden. En toen de VVV-directeur zei dat er misschien wisenten moesten gaan grazen, mijmerde ik: Wie zond en wisent? 
Door het Uchgelse, Willems- en Orderbosch rijden wij terug naar Apeldoorn om via de Asselsestraat terug te zakken naar het station.
Voor de statistiek
Pedalettes:                      Joyce & Peter (nieuw!) Poldervaart, Jan & Patricia, Jet, Marja, 
                                        Truusje en Marianne Kok, bijna jarig (totaal 8 personen).
Route:                              Apeldoorn, Hoog Soeren, Assel, Hoog-Buurlo, Radio Kootwijk  Afstand:                           25 km.
Themata:                         Landschappen, architectuur, kolonialisme en lange golf-techniek.
Volgende Meewind (56): woensdag 3 september 2008


·	Apeldoorn is verzot op fikken. Na Kreymborg en de Bijenkorf (in 1950) stond later       
de brandweerkazerne zelf in lichterlaaie. 
** Wat doen vissen op de Veluwe? Van alles. Patricia at mosselen in Hoog-Soeren en 
Apeldoorn huisvestte dus de eerste Nederlandse visnettenfabriek. De Zuiderzee met zijn uitgebreide haring- en ansjovisvloot was niet ver en de 
arbeidskrachten op de Veluwe waren goedkoop. 
*** Meewind deed tot nu toe de volgende gecanoniseerde landschappen aan: het buitenplaatsenlandschap (Meewind 3), het copenlandschap (4), 
de Zaanstreek (7), Schiphol (13), het Westland (21), de geestgronden (25), de zandverstuivingen (26 e.a.), Almere-Hout (29), de Biesbosch (31), 
de Betuwe (34), de IJsseldelta (35), de Beemster (37), de Weerribben (40), de Kempen (43), de Utrechtse Heuvelrug (45), het Plassengebied (48) en
de Krimpenerwaard (52).


MEEWIND 53 NAAR HOGE VELUWE

Mét de bollen en de bloesems hoort de Hoge Veluwe tot de favoriete Meewind-uitjes. 
Dat komt door de zeldzame samenballing van kunst en cultuur, van mouflon en Mondriaan, 
die ook de Kröller-Müllertjes al helemaal gek maakte. Zo gek dat er in hun jachtslot af en 
toe een kruis in de geweien oplichtte (verre te verkiezen boven een gewei in je kruis, kon 
hij niet laten  te woordspelen). Een hallucinatie, die ook Tommy Littaur menigmaal ten deel 
viel tijdens zijn onbarmhartige klimpartijen op de wildbaan, waarbij ik het niet kon laten hem 
pesterig aan te moedigen door zachtjes de hit ‘Ademnood’ te fluiten. Maar laten wij niet op 
de zaken vooruitfietsen.

Bij onze Amsterdamse drenkplaats troffen wij op de morgen van 30 juli negen liefhebbers. 
Voor het eerst in de Meewind-geschiedenis meer mannen dan vrouwen en – ook bijzonder – 
twee Karelen (Hamelynx en Kortelynx) en twee Jannen en niet minder dan vier debutanten 
(opgemelde Tommy, kleine Karel, Marianne Kok en  fellow-traveler Geer Wolf). Onder de 
‘oudgedienden’ (buiten uw chroniqueur) het echtpaar van Frankenhuysen, mooie Karel en 
Eveline van den Elsaker, ook niet wat je noemt ‘harde kerners’, maar alles bij elkaar een 
aangenaam gezelschap dat we verpakten in een Lancia k 2.0 en een Renault Megane Scenic 
Grand 1.6. Via Barneveld - waar een legeronderdeel een drukke open dag hield tussen alle 
kippen en eieren - en Wekerom naar het Nationale Park. De auto’s lieten wij  - lekker 
goedkoop – achter buiten het park. Check-in bij Bruil, Anneke (bekend van haar natuur-
bestendige overhemdblouse) om 10.24 uur v.m. Per witte fiets vanaf het Otterlose hek 
naar de koffie van De Koperen Pot, na op het Otterlose Zand vanuit de verte gewuifd 
te hebben naar de baaie versteende Generaal de Wet, die het al voor de apartheid deed 
met Sarie Marais. Maar dat laatste hebben jullie niet van mij.

De dag vloog om. Sint Hubertus en Hoenderloo konden we overslaan, want daar had Joke’s 
buikloop ons al eerder gebracht (zie de annalen van Meewind 15, herfst 2005). Dit keer langs 
Eikelkamp en Geboortebos via Zandfles en IJzeren Man naar de Deelense Straal. Karel H., Jan 
van F en Marianne gingen zich uitsloven richting Schaarsbergen, terwijl ik de resterende 
kreukels onder mijn hoede nam voor de short cut door de Gymnasium Vallei.

’s Middags deed iedereen zijn eigen ding. Geer, Margit en Eveline namen de tijd voor de 
magnifieke beeldentuin – met o.a. Van de Velde, Serra, Sol LeWitt, Oldenburg en Dubuffet 
– inclusief het Aldo van Eyckpaviljoen en de gevaarlijke trap. Anderen stortten zich op de 
vaste collectie van het museum en op  de landschapsfoto’s binnen. Ook in de restauranttuin  
en in de museumwinkel was het goed toeven. Zelf hernieuwde ik de kennismaking met de 
Stenen tafel (Wenckenbach) en de President Steijnbank en bracht een eerste bezoek aan 
het Museonder, waar je kunt zien wat voor griezeligs zich - qua mijten, adders en bunzings - 
onder de grond afspeelt. Een nieuwe rage op de Hoge Veluwe is die van het alarmnummer.
Dit is zo moeilijk te onthouden (055 -3788166) dat men het op elk toegangskaartje, elke 
tegel en elke boom heeft afgedrukt. In katzwijm vallen en mensen lekker lang naar je laten 
zoeken is in het ruimbemeten park onmogelijk geworden. Leve de vooruitgang. 

Om vier uur was het uit met de pret. Verzamelen aan het Otterlose hek en snel terug naar 
Welling waar de zon het terras ongenadig ranselde en het nog lang onrustig bleef. 


In brons gegoten, 

Monsieur Jean

De volgende Meewind is – bij redelijk weer - a.s. woensdag 6 augustus. Het reisdoel wordt 
die dag om 09.45 uur bekend gemaakt op het verzamelpunt. 

MEEWIND 52 TUSSEN LEK EN IJSSEL

 EN LANGS DE VLIST NAAR DE ZILVERSTAD


Route: Gouda, Stein, Haastrecht, Vlist, Schoonhoven,Ammerstol, Bergambacht,     
            Berkenwoude, Achterbroek, Gouderak, Moordrecht, Gouda.


Hilde is weer terug. We fietsen op 22 juli met twee jongens (Karel en Jan) en twee meisjes (Eveline en Hilde).
Station van uitval is Gouda, dat we al eerder aandeden. Vandaag geen Reeuwijksche Plassen, maar de 
Krimpenerwaard, tussen Lek en Hollandsche IJssel. Wij rijden oostwaaarts door de woonwijk Goverwelle, 
die herinnert aan de sluis waar prinses Wilhemina van Pruisen in 1787 werd tegengehouden door het 
Goudse vrijkorps en teruggezonden naar het Oranjegezinde Nijmegen. Volgens Spiering, Blokker en Van Es 
gebeurde de aanhouding door De Langen van Wijngaarden en zijn kornuiten in werkelijkheid dichter bij 
Schoonhoven, aan de Vlist. Zielloze koffie in  Haastrecht bij “Over de brug” (Je zal maar aan deze kant 
van het water wonen). De koffie smaakt zelfs zo naar niks, dat de WOK (Meewind’s Wisselbeker voor 
Ondrinkbaar Koffiebocht) vandaag verhuist van de Koemarkt in Purmerend (Meewind 32) naar een jaagpad 
in Haastrecht. Eminent zijn de gratis stroopwafeltjes bij “Over de brug”. Dat dan weer wel. De vier koffies 
kostten samen € 7,10 en de vrouw die ze uitvent weet ook niet waarom, want erg deelbaar door vier is dat 
bedrag niet. Langs de luwe oostkant van de pittoreske Vlist naar Schoonhoven. De Hooge Boezems staan zo 
ruim nat dat ze er niet meer in slagen om het water uit de polders onder vrij verval in de IJssel te krijgen. 
Alleen de schitterende wipwatermolen Bonrepas lukte het nog om – voor de stoomgemalen hun intrede deden – 
het overtolige boezemwater uit te slaan op de kroosrijke Vlist. De boerderijtjes rond Vlist mogen er ook zijn: 
ze lijken wel omgeklapt met hun halve dwarsvoorhuizen.

Lunch in de edelsmidstad Schoonhoven. Bij de hieperactieve Ilona van De Blauwe Duif op de Dam. Op het roze 
poloshirt van Ilona staat de slagzin Lekker in de wolken en waarom ook niet? Ik neem een tosti Blauwe Duif die 
wordt afgetopt door een spiegelei met eikenloof als garnering.  Wij verlaten Schoonhoven bij hotel Belvedere, 
met zicht op het veer naar Nieuwpoort. Over de Lekdijk rijden wij via De Hem, Bovenstad, Ammerstol en 
Bergstoep naar Bergambacht, waar Ilona ’s avonds lesgeeft in de sportschool. En dan langs een wetering via 
Benedenberg en Zuidbroek naar Berkenwoude. De doorsteek over de Elserkade mislukt. Het blijkt een drassig 
wandelpad, niks voor fietsen. Dan maar een stukje om over de Kerkweg en door Achterbroek. Het pad naar 
Gouderak (hier stond Melkert’s wieg) door de Polder Middenblok doet het wel. We steken de Hollandse IJssel  
over naar het Moordrecht van de Molukkers. Het stuurhuis van de motorpont staat niet opzij, maar dwars 
over de uitrit aan het einde. Deze hindernis valt te nemen door de auto’s achterwaarts de pont op te rijden 
en door midden op het water de pont een halve slag te laten draaien. Theedrinken kan alleen in een snackbar 
en dat weigeren wij. Om half vijf bereiken wij na 45 km Gouda. We zijn uitgedroogd. En dan zit je goed in de 
schaduwrijke open vishal bij KAMPHUISEN, de vroegere wafelbakker  aan de Hoge Gouwe.  Op de markt rond 
het stadhuis is het een toeristenkermis van heb ik jou daar, dus snel terug naar Welling dat we met de toiletloze 
Sprinter via Muiderpoort en tramlijn 3 om 18.30 uur bereiken.    


Goejan van Haastrecht tot Achterbroek


Op de tijdelijke switch van de dinsdag naar de woensdag zijn positieve mails binnengekomen van Marja, 
Marianne, Dody en Ika. Op voorstel van Karel kunnen we volgende week woensdag 30/07 (want dinsdag 
sta ik volgens een exploot in Het Parool van gisteren voor de voorzieningenrechter) met auto’s vanaf 
Welling naar de HOGE VELUWE. Voor kunst, moeflons, witte fietsen en Museonder. Als het weer het toelaat. 
Nadere berichten volgen. 

50ste MEEWIND TUSSEN LEDEGANC, DRAAKPLAATS EN SCHOONSELHOF

CRISIS IN BELGIË. REGERING LETTERME GEVALLEN. Het was duidelijk dat de 
Jubelmeewind naar Antwerpen geen uitstel meer duldde. 
Wij moesten onze zuiderburen nu te hulp snellen. Niet alleen de politieke aanleiding 
voor Meewind 50 was buitenissig; het 
station van uitval, het weer, de deelnemers en de route waren niet minder uitzonderlijk.

Meewind overschreed voor het eerst sinds zijn oerronde op 2 maart 2005 de landsgrenzen 
en vertrok vanaf het meest adembenemende 
station van Europa: de geheel vernieuwde spoorwegkathedraal van Antwerpen, die de oude Antwerpenaren hardnekkig hun Middenstatie 
blijven noemen. Het oude voorgedeelte met de hoge koepel en de beroemde trappen en klok zijn geheel in tact gelaten, maar wat zich 
daaronder en -achter afspeelt wil je niet geloven: Talloze kopsporen, met treinen die niet alleen naast maar vooral onder elkaar aan- en 
afrijden, een hypermodern diamantcentrum, winkels, hotels, garages en – vooral ’s avonds – een onwaarschijnlijk feest van zicht- en 
lichtlijnen. Meewind voelde zich echt gefêteerd. 

Qua weer zijn wij na vijftig tochten heel wat gewend, maar een dag als de 15de juli 2008 maakten wij - meteorologisch gezien - niet 
eerder mee. De eerste ijle zonflarden boven de Schelde om tien uur ’s avonds en verder de hele dag heerlijk fiets- en terassenweer 
onder een zwaar bewolkt zwerk. Geen spatje, geen zuchtje, geen zon en geen kou. Hoogst merkwaardig.

Wat was er dit keer vreemd aan de deelnemers? Je zou hopen dat Meewind Abraham zou zien met zijn trouwste rijders. Niets van dat al. 
Hoe erg ze het ook vonden, Matti, Jet, Hilde, Daphni, Liesbeth en Joke konden met geen mogelijkheid van de partij zijn. Er waren minstens 
drie aanmaningen nodig om althans nog zeven onverschrokkenen in het zadel te krijgen. Naast de grondlegger van Meewind, zijn ijzingwekkende 
Patries en de nimmer aflatende Francine, waren dat drie betrekkelijke debutanten: Ron H., Karel H. en Eveline F. en – op het nippertje 
– Brigitte P. Terug in de trein, tegenover de Franse tiener die steeds ratten in haar bh stopte, was het alsof ze al jaren hadden meegepedaleerd. 
Zo vertrouwd en ontspannen, Karel du Bois viel ervan in slaap. 

Allez, om 08.56 uur waren wij op spoor 13 in de Brusseltrein gestapt, voorzien van Gruppenkarte mit Riesenrabatt van de Deutsche Bundesbahn, 
ons uitgeleverd door Suzanne Robertus van de Treinreiswinkel naast de boekwinkel van Bas. Knalgele feestfietsen betrokken wij bij de ultramoderne 
uitleenpost van Fietshaven, diep onder het Koningin Astridplein. Wij hadden toen al koffie gedronken in het klassieke Royal Café van het Centraal Station 
en zelfs al een leuke fietsroute gekocht bij de Dienst voor Toerisme van Antwerpen.
Wij kozen voor de verkorte Architectuurroute van Alex Elaut. Een idiotere route reden wij nimmer. Wij doen Alex tekort, als wij het voorstellen alsof 
hij helemaal geen architectuur in zijn tocht gestopt had – in de langere route zat één huis van le Corbusier (Populierenlaan 32) en ook wat oud spul 
in het centrum en langs de Scheldekaaien – maar het deel van de tocht dat wij reden bestond vooral uit petrochemie en groene longen. De echte 
architectuur komen we pas tegen als we zijn route loslaten en zelf maar wat gaan zigzaggen over het Zuid en door Zurenborg. Vooral in de 
Transvaalstraat zagen wij – puur toevallig - adembenemende staaltjes van meer en minder eclectische bouwkunst. Maar terug naar het begin.

Tussen het station en het punt waarop wij bij Elaut inhaakten – dat was op de Ledeganckaai – zagen wij al veel moois: de diamantwijk, het Stadspark 
en de Rubenslei, het beeldhouwwerk “Schelde Vrij” op de Marnixplaats, een hoge hoekerker met houten scheepsboeg,  het Koninklijk Museum voor 
Schone Kunsten, de landinwaarts verplaatste, mede door Rubens ontworpen, Waterpoort en de Gedempte Zuiderdokken.








En daarna kwam dus de Archictectuurroute zonder bouwkunst. We reden stroomopwaarts tussen Schelde en stinkraffinaderijen en door een 
potloodventersplatanenbos in de Hobokense polder. Het eenvoudige noenmaal gebruikten wij in staminee ’t Briljantje op de Kioskplaats in Hoboken, 
bij het eindpunt van de tramlijnen 2 en 4. Er waren kauwgum en zwan worst te koop, elk voor € 1,40, geen geld. Patricia ging tweedehands glaswerk 
shoppen en een thermosfles voor Vlaamse buschauffeurs. Via park Sorgvlied met leuk kasteeltje in rococo zochten wij tevergeefs naar de uitgang van 
Het Schoonselhof, een enorme dodenakker (naar voorbeelden in Bremen en Hamburg) met kasteel, ereparken, 
sanctuaria, standbeelden (o.a. van Conscience), afwateringskanalen en het graf van de bard Ferre Grignard. Elaut schreef in zijn gidsje: ‘een bezoek 
aan deze merkwaardige begraafplaats is beslist een ommetje waard.’

Meewind ging verder door Wilrijk, langs Fort 7 (ook Antwerpen heeft zijn “Stelling”) en het Academisch Ziekenhuis van Edegem naar de bollekes en 
bitterballekes van de chique bejaardenuitspanning ‘De Nachtegaal’ in park Middelheim met gelijknamig kasteel, Hortiflora en Openluchtmuseum voor 
Beeldhouwkunst, allemaal buiten de archictectuurroute, die wij maar weer eens gingen verlaten. En dat hadden wij nog niet gedaan, of wij kwamen 
schitterende huizen tegen in de Koninklijke Laan en een zwierige fietsbrug over de Ring, waarvan de Nesciobrug bij IJburg moet zijn afgekeken. 
Via de Statiestraat, station Berchem, de uitbundige Transvaalstraat, Draakplaats en Dageraadplaats terug naar Antwerpen Centraal. 

Half zes. Fietsen, -tassen en snelbinders inleveren en fluks doorheen de metrobuis onder Keyserlei en Meir naar de Groenplaats. Ron, Francine en 
Patricia waren te laat om voor Matti een Kuifjehorloge te scoren en Karel, Brigitte, Eveline en Jan bleven lekker aperatieven op het terras. Daarna 
kuierden wij langs de Onze-Lieve Vrouwekathedraal, over de Grote Markt met zijn Brabofontein (met Brabo die de hand van de reus Druon wegwerpt) en  
Renaissance stadhuis, langs de Schelde en Het Steen naar het befaamde Dock’s Café aan de Jordaenskaai. Wij doen ons tegoed aan garnalenkroketjes, 
oesters, mosselen, zalm en kip, Ron, Brigitte & Jan Trap tracteren op witte en rode wijnen (Oh, die Montus uit 2005, zo fraai op lengte) en de dames zijn 
verrukt van de Middeleeuwse toiletpartijen. Maar dan is het uit met de pret. Twee taxi’s voeren ons terug naar het station. Wij zwaaien naar de bronzen  
kameel boven de Zoo, pakken de trein van 21.59 uur naar Amsterdam en zijn voor half een weer terug in Oud-Zuid. 
De 75ste Meewind gaat in mei 2009 drie dagen naar Berlijn.



Jantje Briljantje uit Hoboken   

MEEWIND 51 TUSSEN PAASSERVET EN HARINGTEST

Het spookt ongenadig. Ga maar na. Meewind 49 naar IJburg en over de 
wonderschone Nesciobrug is op 20 mei verreden,
 maar een verslag ervan heeft nooit het licht gezien. Meewind 49 is verdampt, zullen we maar zeggen. Voor Meewind 50 
naar Antwerpen was het op 1 juli j.l. veel te broeierig. Twee uur plakken in een trein, je moet er niet aan denken. Dus 
sprong Meewind 51 afgelopen dinsdag over Meewind 50 heen. Francine en haar Tomtom noodden ons op de koffie in 
Landsmeer. In Landsmeer, ze woont toch in de Jordaan? Maar soms moet er op een huis gepast worden, bijvoorbeeld 
van Martha van Acker, aan de Hermessingel. Zo reden Patricia, Eveline F. en ik vanaf startpunt Welling richting de IJveren.
Op de Prinsengracht sprong Ike erbij en op het ponton achter CS waren daar ineens Jet en Bartje, maar toen had ik P, E en I 
al weer naar Kraanspoor en IJ-kantine aan de overkant gestuurd. Een gekkenhuis. Bartje was echt een verrassing, want 
haar nieuwe huis in Broek ligt dichter bij Landsmeer dan bij Amsterdam CS, dus zij maakte een grote boog en heeft haar 
fiets in Amsterdam staan, als u mij nog volgt. Hoe dan ook, heerlijk over het IJ, langs Tuindorp Oostzaan, door Oostzanerwerf 
en langs het Twiske naar de koffie, appeltaart en bloemenorgie achter het huis van Martha. Francine tracteerde op gedateerde 
gele paasservetjes met een behoorlijk infantiele tekst: En toen de lente weer was aangebroken waren alle dieren weer blij dat 
ze in de zon konden spelen. Het was wel even wennen hoor. De haas moest even uitrusten toen hij met het schaap gerend had. 
Het was heerlijk, alle dieren genoten met volle teugen van het lenteweer. 

Tussen Zuidwestplas en Kerkebroek bereikten wij recreatiegebied het Twiske, genoemd naar het stroompje, waar wij al eerder 
met volle teugen langsfietsten. Langs de Stootersplas reden wij gezevenen (zonder Swaab & Van Acker) door het Oostzanerveld 
Zaandam tegemoet. Wij lieten Zaandam links liggen, staken het spoor naar Hoorn over en reden langs de A7 richting Purmerend. 
Nu waren wij in de Wijde Wormer. Voor Purmerland en Ilpendam hadden we geen tijd meer. Dus reden wij door het Rietveld terug 
naar het Twiske. Even later zaten wij al weer aan de Hollandse nieuwe op het Raadhuisplein van Landsmeer. Ike vond het 
nieuwe raadhuis niks. De haring was daarentegen toppie, hoewel hij nooit hoog in AD’s beroemde haringtest geëindigd was. 
‘Dit kwam zo’, vertelde Piet Jonk uit Volendam, die toevallig elke dinsdag zijn tent in Landsmeer opzet. ‘De man van de 
AD-haringtest houdt alleen van gore haring. Jonk verkoopt alleen kwaliteitsharing, dus vandaar.’ Er was geen 
alikruukspeld tussen te krijgen, want wij moeten rouille met de riemen die wij hebben. 

Nu was het zaak Francine de kwaliteitsfietsroute van Landsmeer naar de Jordaan voor te rijden. Die loopt langs het Twiske, 
door de H. Soeteboomstraat, over Oostzanerdijk, Kometen- en Meteorensingel, Klaprozenweg, met het pontje over van 
NDSM-werf naar de Tasmanstraat en zo verder. Onderweg verloren wij Bartje, Francine en Jet, die gingen drinken op het 
terras van de IJkantine. Ike ging het café-aquarium reinigen, Eveline ging naar Selexyz, Patricia ging weer werken 
en ik ging nog wat met het schaap rennen. Maar toen hadden wij het grapefruitijs bij Landskroon alweer achter de kiezen 
en niet meer dan 28 km in de benen.  

Wanneer breekt het ideale terrassenweer voor Meewind 50 naar Antwerpen aan?


Jan Sinjorenstad


MEEWIND 47 EERT ADRI

's Anderendaags reisde Meewind af naar de stad waar de verwarde kabbalist
het hem toch maar weer gelapt had. De bomen langs de Loolaan tooiden zich
opgetogen met duizenden paarse, roze, rode en oranje nestkastjes.Zouden wij
de laureaat en zijn knappe vrouw nog in hun hotel kunnen betrappen? Nee, wij
waren te laat. De wereldklokken lieten zien dat het in New York 06.50 uur
was en in Tokio 19.50 uur. Bij Het Loo werden de laatste gerokte tafels in
vrachtwagens geladen en in de Keizerskroon stonden de lunchpaketten voor een
volgend evenement, paardenrensport of zoiets, al weer smakelijk uitgestald.
Wij fietsten verder. Adri, geweldenaar, gefeliciteerd!

Meewind 47 weefde een fraai patroon over het oosten van de Veluwe tussen de
eerder verreden Echowind en Schuilwind. Meewind 26 raakten wij in Elspeet en
Meewind 22 schampten wij bij Hoog Soeren. Vandaag leverden wij een gevecht
met het door neerslag en windstoten versnelde bladafvalproces, zoals
meteorologen dat noemen. En wij wonnen, in die zin dat de onstuimige
kolkwinden op 6 november niet alle bladdragende bomen in een dag kaal
kregen. Voor een volgende Meewind op 13 of 20 november voorspellen wij
opnieuw herfstpracht. Het houdt niet op, dit jaar.

Wie waren 'wij' bij Meewind 47? Schrik niet: Jan en zijn knappe Patries,
verder niemand. Geen Hilde, geen Matti, geen Jet, geen Francine, geen Marja,
geen Ike en dat om een waaier van redenen: familieverdriet, verre reizen,
irrelevante angsten en pure slapheid, laffe smoezen. Het is de vraag of we
Meewind 50 - de jubelmosselfietstocht door Antwerpen - zo wel halen. 'On
verra', strooien wij vers zout in de uitzichtloze taalstrijd.

Dachten jullie dat het erg was voor Jan en Patries dat zij samen alleen
waren? Vergeet het maar. Lekker met dikke boeken en verse koffie in een 1ste
klas-stiltecoupe van en naar Apeldoorn. Tijdens een regenbuitje speels een
uurtje een kamer gehuurd bij Bloemink, met uitzicht op De Naald. Daarna
heerlijk wildbraad in het koetshuis van kasteel Cannenburgh. (Patricia ging
voor de emoefilet, Jan koos reerug van everzwijn.) Daarna mooie
herfststukjes gemaakt in de zonovergoten kroondomeinen, die wij nog dezelfde
dag mochten overhandigen - niet de kroondomeinen maar de herfststukjes - aan
dankbare gehandicapten. Een soort van, zeg maar, tweedelijns en extramuraal
mantelzorgcyclisme. Ik wist het natuurlijk al, maar fietsen met Patricia
blijft een feest. Met haar felrode rugzakje (waarin weer een feestelijke
handtas, met daarin weer een leuke toilettas, pure matroesjka) voorziet zij
elk coulissenlandschap van een vrolijke meerwaarde.

De hele dag zon in de koninklijke houtvesterijen, op een buitje van niets
na, nog in Apeldoorn, tussen het station en Het Loo. Door het Wiesselse Veld
reden wij langs de forellenkwekerij in de Geelmolensche beek - een echt
sprengengebied - naar Maarten van Rossums Cannenburch. Vanuit Vaassen over
Nierssen langs de grafheuvels naar Gortel. Na een blik op de hei door de
mooiste beukenbossen van Nederland (want mooi ver uit elkaar, grillige
stamvormen, geaccidenteerd terrein) naar de viskraam in Elspeet, alleen op
dinsdag en zaterdag. Een levensgevaarlijke tocht, omdat hier geen mens komt,
zodat de bladzuiger wegblijft en je er 7,5 kilometer lang pijnlijk aan
herinnerd wordt dat je je vaker naast dan op het kronkelende en steile
fietspad ophoudt. Ook de halfverharde terugweg van Elspeet naar Apeldoorn
(16 km) was van een grote schoonheid en werd veraangenaamd door drukke
groepjes van school terugkerende middelbare scholieren. Nog even over Hoog
Soeren en daarna door het dure Berg en Bos terug naar station Apeldoorn dat
sinds kort over een prima La Place beschikt (neem daar de mango
yoghurtshake!).

Route: Apeldoorn-Wiesel-Vaassen-Niersen-Gortel-Elspeet-Hoog Soeren (40 km).



Patricia Van Herfststuck tot Windstoot & Jan De Naaldt van Wildbraadt


MEEWIND 46 OP HELLEND VLAK

Nog was de herfst niet vergangen. Opnieuw wenkten de bossen. Dit keer lonkte
de Veluwezoom, meer precies het deel ten oosten van de Gelderse hoofdstad.

De 46ste Meewind werd de veruit meest geaccidenteerde. Het gelazer begon al
in Arnhem. Daar bouwt men een nieuw futuristisch station en daar neemt men
de tijd voor. Wie een gezonde afkeer heeft van hellevaart, kruisweg,
boetedoening en zelfkastijding mijdt station Arnhem voor de zekerheid tot
2010. Vanaf het perron beklim je eerst 3x 15 trappen. Na een loopbrug ga je
dezelfde 3 x 15 trappen naar beneden. Daarna ga je trapsgewijs omhoog naar
een fietsenstalling, om - gewapend met rijwiel - eerst 2 x 23 trappen af te
dalen en daarna nog eens 3 x 17 treden. Dit hele parcours moet aan het eind
van de dag in omgekeerde richting worden genomen, zodat je al gauw praat
over een treetje of 400. Los van het fietsen.

Koffie in het centrum van Arnhem, aan het Jansplein. Bij Zilli & Zilli
schenken ze Illy. Via de straten van Monopoly over de Velperweg naar buiten.
Langs het wijnmuseum, tussen Postbank en Akzo/Nobel door, langs het
koloniale militaire invalidenhuis Bronbeek naar Velp. Daar omhoog naar het
wonderschone kasteel Rozendaal. Venijnig steil slingeren wij langs het War
Cemetry omhoog naar het Rozendaalse Veld. Iets verder bereiken wij op de
Rheder- en Worthreder Heide het hoogste punt van de Veluwe (110 mtr.),
tevens het een na hoogste van ons land. Aan het grillige patroon van de
hoogtelijnen valt af te lezen dat we de hele dag zullen bljven stijgen en
dalen. Deze on-Nederlandse hoogteverschillen danken wij aan de elkaar hier
tegenwerkende derde en vierde ijstijd. Maar prachtig dat het is. Nog mooier
dan rond de Amerongse berg die toch ook al goed was voor een top-10-notering
qua landschapsschoon. De afwisseling van uitgestrekte heidenvelden,
uitzichten tot in Duitsland, sterk gemengde bossen met berken, beuken,
jeneverbessen, eiken, kastanjes, sappige weitjes en romantische sprengen,
kent zijn weerga niet. Alles onbescheiden aangemoedigd door een vrijgevige
herfstzon. 

Vòòr de Imbosch (van Pim Pandoer) buigen wij naar het oosten. Door het
Eerbeekse Veld bereiken wij Laag Soeren. Het pannenkoekenmekka de Carolina
Hoeve is dinsdags gesloten en daarom wijken wij langs de westrand van Dieren
uit naar de Peerdestal in Ellecom, waar de rozijnenvijgenbroodjes en de
maisbengels XL gretig aftrek vinden. Maar voor het zover is beleven wij nog
een lelijk incident, als Hilde door onenigheid tussen haar jas en haar zadel
ten val komt en bijna onder de aanstormende intercity van Zwolle naar
Roosendaal belandt. Hilde, die onder de maagzuurremmers zat, weet nieuwe
ongeregeldheden rond haar tweezijdig ritsbare jas listig te voorkomen.
Hulde, Hilde.

Na de late lunch rijden wij langs de beroemde Middachten Allee naar De
Steeg, om van daaruit opnieuw de Veluwezoom aan te vallen. De beloning is de
Posbank, een echte bank, genoemd naar G.A. Pos, ooit hoofdconsul en tweede
voorzitter van de ANWB. Het klopt als een bus: een bank voor een zitter.
Tevens bewonderen wij een bronzen beeld van landsvrouwe Beatrix op een
damesrijwiel. Via Rhedense Heide, Koepel- Zijper- en Kluizenaarsberg zakken
wij naar Rozendaal, om door de Geitenkamp en Klarendal terug te keren naar
de klimrots Arnhem-CS. Onderweg in de trein zakt de zon als een rode bol in
de Vinkeveense Plassen en het is al zeven uur als Welling in zicht komt.

De onversaagden: Hilde, Jet, Matti, Marja en Jan.

Parcours: Arnhem-Velp-Rozendaal-Laag Soeren-Dieren-Ellecom-De Steeg-Posbank-
Rozendaal-Arnhem. Nog geen 30 km, maar door de hoogteverschillen zeker 90.

VOLGENDE WEEK GEEF IK LES IN GRONINGEN. OP 30 OKTOBER DUS GEEN MEEWIND.


MEEWIND 43 KUST DE KEMPEN EN GEEFT EEN GOED GEVOEL

Soms wijkt Meewind van zijn ijzeren regelmaat af. Dan gaan wij op chic, 
vertrekken een uur eerder en maken de Meewinders bang met dure extraatjes.
En dat werkt. Het was dinsdagmorgen te stil bij de taxistandplaats van het CS. 
Zelfs geen Matti, geen Jet, geen Francine. Ook de weerkundigen deden hun duit in het zakje.
 Ze orakelden wisselvalligheid, lage temperaturen, onweer en hagel over de hele dag en in gans het land.
 Ze kletsten maar wat. Een korte felle bui op een overdekt terras en voor de rest een zonovergoten fietsdag met prachtige dreigende luchten, dat wel.


Naar Eindhoven dus, langs de half onttakelde brug bij Bommel. The City of Light met het sterrenobservatorium
 van Anton Philips uit 1936. Al in september 1944 door bevrijders bevrijd. Goed gedaan, Irenebrigade. 
Brasserie Berlage aan de Kleine Berg was nog dicht. Dan maar de ochtendkoffie in de nieuwe uitbouw van Van Abbe. 
De rest van het museum inspecteren wij snel.
Het Levend Archief, de Zeurclub en de tentoonstelling Vormen van Verzet: van de Parijs commune en Bauhaus naar het Chili van Allende en de RAF.


Snel de stad uit, aan de Gestelse kant. Door de parken langs de Dommel, de Genneper watermolen
 en de hightech campus van Philips. Heel lelijk en diep is het Gat van Waalre, waarin je kunt vissen en surfen.
 Wij gokken op een lunch in het Stations Koffiehuis, maar daar is geen idylle te bekennen. Het is een patserig, 
modern eethuis, dat je veroordeelt tot paprikasoep. Wij fietsen terug naar de markt van Waalre, naar DE WOLDERSE WEVER. 
Terras in de zon, Brabantse eenvoud, tosti met groentesoep uit blik, futloze huiswijn, spotgoedkoop en verlegen bediening. Meewind culinair pakt anders uit. 
Geloof ze nooit, de ronkende vooraankondigingen.


Marja met de knie, Hilde met de maag, Liesbeth met de zwarte regenhoed en Jan met de paarse strepen rijden verder zuidwaarts.
 Maar bij Heikant, nog voor Valkenswaard, buigen wij af naar het oosten. Alom kapitale villa's in de bossen, Waalre doet niet onder voor Wassenaar.
 Wij steken de N69 over (naar Lommel), betreden het verboden landgoed rond de Gagelhof en kruisen de Tongelreep. Bossen, heiden, weiden en vennen, 
de omgeving van Aalst is van alle landschapstypen ruim voorzien. Maar wij moeten nog door Stratum terug naar De Witte Dame aan de Emmasingel. 
Daar zien we de bijzondere tentoonstelling LEARNING TO LOVE YOU MORE van Harrell Fletcher & Miranda July. Ik durf het bijna niet te bekennen, 
maar de tentoonstelling voelt goed, maakt vrij, stemt licht, op het lesbische af bijna.
 Het gaat om opdrachten voor een site, met inzendingen van over de hele wereld, waarbij niet de originaliteit voorop staat, maar de eigen, authentieke, ervaring.
Teken een sterrenbeeld van iemands sproeten. Fotografeer je litteken en beschrijf het. Maak een foto van de zon, 
een geluidsopname van je koor, een bemoedigende slinger. Vlecht iemands haar. Mijn opdracht: Ga zelf kijken (voor 1 oktober) 
of koop het boekje van July (de Bezige Bij).


Wij drinken een helende cocktail van papayo, gember, mango en orange voor wij met de Schagen-Expresse terugkeren naar ons thuisland 
boven De Grote Riolen, zoals ze in Brabant zo jolig zeggen. 
Met zijn tocht naar Heikant heeft Meewind zijn zuidgrens (was Biesbosch) in een klap met 43 km verlegd.


Route: Eindhoven (Genneper Parken), Waalre, Heikant, Achtereind, Aalst, Stratum (20 km).


Abbe Papayo


MEEWIND 42

Toen de media meldden dat er in de hele  kop van Noord-Holland geen druppel water meer 
uit de kraan kwam, wist de afdeling routeplanning van Meewind
genoeg: Op naar het noorden. Zwemvesten aan, gasmaskers mee en veldflessen op de man. Amsterdam CS had heel andere sores. Hier 
teisterde een indringende GASlucht het klimaat in de tunnels. Grote borden waren geplaatst om de reizigers gerust te stellen: Stankoverlast! 
Niet gevaarlijk! Het leek Meewind wijzer niet te lang in de tunnels te blijven rondhangen. Alkmaar bleek echter geen verstandige wijkplaats c.q. 
haalbare (trein)kaart. Vanwege ongevallen was er geen treinverkeer meer met de kurkdroge kaasstad. Dan maar Hoorn. Men had onweer, 
hagel en noordwester storm voorspeld, dus waarom niet?


Meewind beleefde een prachtige oerhollandse septemberdag.De mooiste fietsen ooit, plenty zon, prachtige luchten en zilveren weiden. O.k., het 
was niet warm en er stond een stijve bries. Maar de hagel moet de gouden koets getroffen hebben en de blikseminslag het koffertje van 
Wouter B.


Ons rijwielgroepje - alleen Marja en Hilde waren komen opdagen - stiet bij Hoorn op watermalheur, maar dan in omgekeerde zin. Alle kranen in 
orde, maar een watersnood van heb ik jou daar. Het is 15 november 1675. De hoofddijk moet zijn hoofd buigen voor de waterwolf en alles 
loopt onder. Een lullige stapel stenen aan het Hoornsche Hop tussen Scharwoude en Schardam herdenkt sinds 1976 hoe de Westfriezen al 
weer drie eeuwen opgelucht ademhalen dankzij een dappere inlaagdijk die zich tot omringdijk opwerkte. De kwelders noemt men hier 
(riet)kogen en de weren - dat zijn plassen die achtergebleven zijn na een dijkdoorbraak - heten walen, welen, wielen of waaien, zie maar.
Het stikt er in ieder geval van de graspiepers, rode blessen, tureluren, grutto's, waterhoentjes, meerkoeten en kuif- en tafeleenden.


Wij verlaten het Markermeer en rijden langs de Korsloot en de polder Beetskoog landinwaarts naar Beets. Dan, langs de ringdijk van de Beemster, 
pal noordwaarts. Het enige restaurant op onze tocht ligt aan de Slimdijk in (Marie Carmen) Oudendijk en is - dat zal je altijd zien - op dinsdag 
gesloten. Het beschikt over een zonovergoten terras (maar wie wil daar zitten zonder een stuk Normandische appeltaart te kunnen bestellen? 
De uitspanning heet LES DEUX PONTS. Waar vind je in Frankrijk restaurant DE TWEE BRUGGEN? Ik kwam het nog niet tegen. Gelukkig is 
Avenhorn vlakbij en wie Avenhorn zegt, zegt 't Trefpunt, waar je nog drie lunches voor rond de tien euro krijgt. Gerke vraagt dan ook niet of je 
iets wilt drinken en heeft de verkeerde muziek op volle sterkte staan. Nee, Gerke houdt niet van mensen en hoeft ook geen geld te verdienen. 
Dreigt klinkt vanaf de wandtegel: 'In de rechtszaal van het geweten wordt doorlopend zitting gehouden.' Wegwezen.


Naar Hoorn is het nu niet ver meer. Door de Westerkogge tornen wij tegen de wind op naar Berkhout, genoemd naar het café tegenover de 
Heineken Brouwerij in Amsterdam, waarboven 


MEEWIND 41 GIERT UIT DE KLAUW

(Of de grote rooerganger vergeet tips achter de bar te vragen)


Groot Nieuws. De dorade, bekend uit de Middellandse Zee en van de Zuidfranse menukaart, is voor het eerst 
in de visgeschiedenis bij Texel aangetroffen.
Op 30 augustus en ook de dagen daarna. In de fuiken, die het Koninklijk Nederlands Instituut voor Zeeonderzoek 
(NIOZ) in het Marsdiep plaatst, de toegangspoort tot de Waddenzee tussen Den Helder en Texel. Welkom dorade, 
of liever in goed Nederlands, welkom bliksemse goudbrasem. Maar als de jonge dorade NAAR Texel kan zwemmen, 
dan kan het oude Meewind OP Texel fietsen. Ik kan geen zuigrund meer zien. En ook de tuunwoallen en schapen-
boeten komen me meters de keel uit. Maar eerst dus met de veerboot het Marsdiep over en scherp loeren naar 
gefuikte goudbrasems. We hebben er geen een gezien, maar des te meer zeebaarzen, pelsers en zeekarpers die 
zich vroeger toch ook uitsluitend in zuidelijkere wateren ophielden. Meewind zelf gaat ook steeds noordelijker. 
Lange tijd, sinds Meewind 28, lag onze noordgrens bij Andijk (topografische breedtegraad 528). Meewind 40 'klom' 
vorige week 7 km noordelijker naar Ossenzijl (535) en dus gisteren maar liefst 33 km naar De Koog (568). Het 
Nederlandse noordrecord kunnen wij alleen wadfietsend bereiken. Het ligt op de Rottumerplaat (619). Snel 
terug naar Texel.

Meewind 41 kan zonder overdrijving een RAMPENMeewind genoemd worden. Dat begon al toen Hans Polak om 
07.30 uur belde dat bij wegens ziekte (ja, ja) niet meekon. Dus moest er een nieuwe auto gecharterd worden. 
Daarna misten Matty & Hilly de boot. Jan haalde de boot zo op het nippertje, dat er geen tijd was om de auto te 
parkeren, zodat Jan pardoes met auto en al naar de overkant voer. Waar een prijskaartje aanhing. 
De volgende boot ging pas een uur later, waardoor Mattepat & Hillebil de 17,5 km naar De Koog langs de slaap-
verwekkende Pontweg en met een zware noordwester pal tegen in no-time moesten afleggen - kleddernat 
van het zweet kwamen ze aan -, terwijl het peleton (Marja, Francine, Jet, Daphni en Jan) om gelijktijdig aan 
te komen juist zo langzaam mogelijk moest fietsen. Dat lukte maar al te goed dankzij tegenwerkende scholieren-
zwermen, onberijdbare ruiterpaden, doodlopende campings en tijdrovende begrazingssluizen (waarin slechts 1 
rijwiel per keer geschut kan worden). Maar het ergste moest nog komen. Op het terras van Vogelhuis Oranjerie 
aan de ordinaire Dorpsstraat van De Koog. Bij vertrek, na de lunch, bleken nagenoeg alle fietssleuteltjes verdwenen. 
Het terras werd ontruimd, de sleutelsnuffelhondenbrigade ging aan de slag, alle gasten werden gefouilleerd en de 
Meewinders moesten zich totaal uitkleden, maar geen sleutels. Tot, vele uren later, de sleutelfee zich bedacht dat 
zij het onverantwoordelijk gevonden had om zoveel sleutels onbeheerd op terrastafels te laten liggen, zodat zij ze 
in een oude sok verzameld had, die ze in de dubbele bodem van haar rugzak had beveiligd. De rampspoed op de 
terugweg was peanuts. Jet liet per ongeluk haar tas achter op het eiland, ze zag hem, net als vele Duitse 
badgasten, bij het wegvaren bovenop een betonnen paal staan bij de slagboom van sorteerrij 10. Van schrik 
verloor ze haar pet, keerde terug met de boot en diezelfde nacht nog met bus en trein in Amsterdam. Ook haar 
kaki cap werd gevonden en thans door mij verzegeld in een kluis bewaard. Dat Hil & Mat op de terugweg al in de 
Antilliaanse no go area's van Den Helder de weg kwijtraakten, ligt in en op de rede. Bij het schrijven van dit verslag 
hebben zij zich nog niet thuis gemeld, zodat zij vermoedelijk als vermist moeten worden opgegeven.

Door al dit gezeur is er geen ruimte meer voor een ordentelijk verslag. In
telegramstijl: 't Horntje, Den Hoorn, Rommelpot, Fonteinsnol, Kampeersnol, Seetingsnollen, De Koog, Oude Dijkje, 
Waal en Burgerpad, De Waal, boerenroute, Laagwaalderweg, Oudeschild, thee in de zon aan de Zuidhaven, 
Jeneverbuurt, Skillepaadje, De Hooge Berg, Russenbegraafplaats, Zuidhaffel, Pontweg (40 km). (Tip: Als we nog 
een keer naar Texel gaan, kunnen we met de auto naar De Koog, daar fietsen huren en dan b.v. naar de Cocksdorp en
Oosterend.)

Op dinsdag 11 september moet ik een masterclass van een dag geven. De volgende Meewind, ook voor straf, 
dus pas over twee weken op 18/09/'07.

40ste MEEWIND NAAR NEDERLAND

Nederland, het land waar stevige jonge dames snel doorfietsen."
(Jean Baudrillard, café-filosoof, 1929 - 2007)

Het middelpunt van Nederland (bij Lunteren) hadden we in Meewind 9 al eens
aan de tand gevoeld, maar hoe zag Nederland zélf eruit? Was dat geen goede
bestemming voor het achtste lustrum? Wis en drie. Nederland blijkt een
snoeperig niemendalletje aan de Rooomsloot, voornamelijk bewoond door
ooievaren. En wie Roomsloot zegt, zegt waterwolf & welput, manvolk &
weckpot, gluurpop & kraggeplag, Meentegat & Muggenbeet en ook Geertien
Grietien & Dorien. Het kon niet anders of Meewind 40 ging fluisterfietsend
vanuit Ossenzijl - tussen een wirwar van kluften, krampen en kolken - op
zoek naar zijn Weerribben. Ik leg het nog één keer uit voor alle
aardrijkskundig onderbehepten: Een zijl is een sluis. Een kluft is een
kerspel. Een kramp is Joke na verkeerd voedsel. Een kolk is een wieling. Een
weer is een kaveling. En een rib is een slijkvanger. Vergis ik mij, of
brengt deze heldere explicatie ons alleen maar verder van huis? Ja, als je
niet alleen bij aardrijkskunde maar ook bij Nederlands hebt zitten slapen,
dan houdt het ergens wel op. Maar we zijn lankmoedig, want wij vieren ons
40ste fietsfeest, dus, maar nu echt voor de laatste keer: Als je het over
Weerribben hebt, dan praat je over een landschap, waarbij lange, smalle
stroken land en lange smalle stroken veenwater naast elkaar zijn ontstaan
doordat men volkomen langs elkaar heen is gaan vervenen, verturven,
bevloeien, bevaren en bevuilen. Daarnaast zijn de Weerribben natuurlijk
lekker ingeklonken en hebben Staatsbosbeheer, de rietteelt, de
klimaatverandering, de Sint Elizabethsvloed (1825), de dichter Bloem en Jack
Dixon en Han Lammers ook nog hun valse partijtje meegeblazen. Nee, het
verhaal over de Weerribben is niet zo één, twee, drie verteld, zeker niet
als je bedenkt dat het gewraakte natuurreservaat vroeger praktisch aan de
Zuiderzee lag. De Weerribben vormen een spooklandschap. Als je er doorheen
tandemt zie je alleen hoog riet en dreigend zwerk. Pas op een goede
stafkaart of vanuit een helikopter ontvouwt zich het gestreepte wonder in al
zijn majesteit. Niets is wat het lijkt. Ossenzijl heeft niks met zijlen te
maken, Kalenberg niks met bergen, Nederland niks met Nederland en Muggenbeet
nog minder met muggen.

Wie waren de gelukkigen van Meewind 40? Elf vrouwen en twee mannen. De
vrouwen heetten geen Fatima, Paris, Tatum of America, maar gewoon, zoals het
hoort, Joke, Hilde, Ike, Truus, Liesbeth, Marja, Marian, Atti (leuk voor
Matti), Brigiet, Dorien en Francien. Atti was voor het eerst mee, dus die
moet zich doodgeschrokken zijn. Niet alleen van het ruziemoment en het
palingmoment, maar vooral van Joke, die eerst doorreed naar Lemmer, zich
daarna volstouwde met kraggeplag, schuimtaart, nougat, uitsmijters en 'petit
escoliers', vervolgens geen latrine onbezocht liet, voorts aan het oppotten
van weckpotten sloeg en tenslotte een gesloten palingboer aandeed. Ook
Francien was weer lekker onvoorspelbaar in touw met haar abusievelijke
wandelschoenen. Nooit eerder zag ik enig vrouwmens met één hand occulair
vogels kijken en vanuit de andere een Palmbiertje drinken. Dat Matti op zijn
verende veentocht van de Gele lis naar 't Stuitje een gluurpop in het
kinderzitje van zijn damestandem meevoerde, deed voor mij de zijldeur dicht.
 
Ik ben er verlegen mee dat men de Godfather van Meewind in een boomgaard bij
de waterige driesprong van Wetering, Riele en Muggenbeet getrakteerd heeft
op een pannenkoek met boerenjongens en Chardonnay, want -weten wij van
Baden-Powell en Calvijn - goede daden behoren onbeloond te blijven. We
zullen het er maar op houden dat geen enkele Waterwolf van mineralen alleen
leeft.

Jan Boerenjongens


De route: Ossenzijl - Hoogeweg - Kalenberg - Vlodderbrug - Wetering -
Muggenbeet - Nederland - Kalenberg - Ossenzijl (25 km).

Rectificatie: In het vorige verslag stonden twee florablunders. Zeekruid had
natuurlijk zeepkruid moeten zijn en de wilde roede kennen wij toch echt
alleen als gulden roede. (Gulden roeden maakt pleiziere, met music vroegh
ende laet, laat ons nu het jaarfeest vieren, van de maghet Patricia).

MEEWIND 39 tussen ZEEKRALENKETTING EN LAMSOORHANGER

De hervatting van Meewind na een meteorologisch onacceptabele zomer verliep even ongewoon als succesvol. Want we 
moesten op eigen fietsen komen, Niet naar de voor- , maar naar de achterkant van het station. En we stapten  niet in 
de trein maar op de boot, de beruchte Stalinistische Fast flying Ferry van Connexxion. En je moest, in strijd met de 
Meewinddoctrine, laten weten of je kwam, omdat er maar weinig fietsen op de boot meemochten. Daarom voeren de 
elf Meewinders in twee shifts naar Ijmuiden.

Weinigen herinnerden zich nog dat Meewind eerder deze natte zomer aan de dood ontsnapte. Op hetzelfde pad, waarop 
Meewind 38 zich op 19 juni van Lekkerland naar Kinderdijk repte, werd enkele dagen later een vergelijkbare groep 
bejaarden door de bliksem  getroffen.

Een succesvolle heropening, zei ik. Want ga maar na. Hoe vaak zien wij op 1 dag zowel het roze zeekruid als de 
wilde roede en de nachtbrakende teunisbloem? Hoe vaak kunnen wij bij de lunch kiezen tussen gebakken 
tongkuit, gerookte brado of gefileerde kabeljauwwangen, alles ook nog overspoeld door een Grote Jongen 
uit een klein flesje. En hoe vaak kiezen Ronnie, Doree en Daphni het ruime Noordzeesop? Maar laten wij bij 
het begin beginnen. Na aankomst in Ijmuiden, werd er opnieuw niet gefietst, maar pakten wij de volgende 
boot, nu van Velzen-Zuid naar Velzen-Noord. Op naar de Hoogovens, naar het prachtige poortbegouw van 
Dudok. Daarna langs de zuidkant van het enorme Hoogovenscomplex - langs breedband, platstaal, walserijen 
en koeltorens - naar de zeesluizen. Oceaanstomers worden geschut in Noorder-, Midden- en Zuidersluis en 
we weten het weer: Nederland is een maritieme natie. Navigare necesse est. Hollands vlag, je bent mijn glorie.
Voort ging het, hoog door het oude Ijmuiden, langs de havens, het forteiland, de semafoor en de vuurtoren, 
de patserige marina van Endstra en zijn trawanten en door de duinen langs het Kennemermeer naar het Kennemerstrand. 
Even de amoniak wegspoelen. Wie BEACH INN zegt, zegt wijn uit karton, shabby palmen, zachte bitterkoek en 
Tatoo-Leontien. Het werd tijd voor een visje. Terug door de duinen naar Waasdorp aan de Halkade, tussen de 
tamme mantelmeeuwen en naast frietkot de Puntzak. Als iemand mij een vis weet te noemen die Waasdorp 
(ook bekend als partycentrum De Vissershaven) niet kan leveren, ga ik een uur lang inktvisringsteken en eet 
daarna mijn fiets op. Want Waasdorp betrekt zijn zeefruit uit de Japanse Zee, het Victoriameer en de Baffinsbaai. 
Met liters witte Gascogne in de benen fietsen wij terug naar de boot. Eerst door de aftandse Vogelaarwijken, 
daarna door het prachtige nationale park Zuid Kennemerland en via Duin- en Kruidberg en Driehuis-Westerveld 
over het landgoed Beeckenstein en door het oude Velzen(-Zuid) terug naar het Noordzeekanaal. Zelden zoveel 
afwisseling en vergezichten binnen 20 km.

De gelukkigen: Brigitte, Daphnie, Doree, Hilde, Ika, Ike, Jan, Jet, Joyce, Matti en (beter laat dan nooit) Ron.

Volgende week - als het weer meezit, of het meer wee - Meewind 40.
Een ware jubelwind. Naar de Weerribben? Wij zullen zien.

Jan Lamskraal

MEEWIND 36

De ANWB Pontjesroute kun je beter vanaf Wormerveer of Krommenie aanrijden, dan vanuit Castricum, maar ja daar zijn geen rijwielverhuren meer. 
 Dus toch maar weer begonnen in Castricum, net als bij Meewind 25.
 Pontjesroute is een lullige naam, RONDOM HET ALKMAARDERMEER  had de lading beter gedekt, 
maar dat je - met een beetje geluk - met vier pontjes kunt oversteken valt niet te ontkennen. 
Twee van de veren waren bemand met wonderbaarlijke pontbazen, op de andere twee moest je jezelf naar de overkant trekken. 
Met je voet op een pedaal en je hand aan een slinger en met gevaar voor eigen leven.
Bij de pontjesroute hoort een heel verhaal over strandwallen, zandruggen, geesten en ander taai ongerief. 
Wat niet werd opgestuwd viel wel droog en ooit lag Uitgeest aan zee en later Castricum Binnen en nu Castricum aan zee.
 Kortom, het land schuift op, valt droog, slaat uit en klinkt in dat het een aard heeft. 
Het leidt tot lelieteelt en grote hoogteverschillen en daar tussen- door fietsen is een feest. Mooi hoog gras tussen Castricum en Uitgeest. 
In Uitgeest zelf een fraaie oude kerkbuurt en sluis, gemaal en jachthavens.
Daarna een beeldschoon pad langs de wateren Buiten Krommenie, Wilde Stierop en Markervaart met rechts de Krommenieër Woudpolder. 
Het Molletjesveer bracht ons over de Nauernasche Vaart en daarna trokken wij ons over de Knollendammervaart van West- naar Oost-Knollendam. 
De Zaan lag toen al weer achter ons. Op naar Spijkerboor met achter 't Verbonden Hoofd de Polder Wormer, 
Jisp en Nek, waar je als watervogel maar wat graag wilt wonen.

Spijkerboor is een viersprong van waterwegen: Knollendammervaart, Vinkenhop, Noordhollandsch kanaal en Beemsterringvaart. 
Hier is ook het voormalig fort dat deel uitmaakt van de Stelling van Amsterdam en het Heerenhuis, waar we koffie dronken. 
Met een geel pontje staken wij over van de Starnmeer- naar de Graftermeerpolder. En daarna langs de Beemster naar het veelbezongen de Rijp. 
In het Wapen van Münster aten wij aspergesoep met zalm en bruin brood met oude kaas. 
De terugweg naar Castricum was veel minder spectaculair dan de heenweg.
 Het fietspad tussen West-Graftdijk en Akersloot lag achter een dijk, zodat er van het Alkmaardermeer niets te zien was 
en ook de drukke zigzagroute tussen Akersloot, Limmen en Castricum slaat nergens op. 
Leg een fraai fietspad aan door de weiden tussen Limmerkoog en Castricum en gooi Castricum anders uit de Pontjesroute, die in dat geval in Uitgeest begint,
 waar dan weer wel fietsen gehuurd moeten kunnen worden.

Route: Castricum, Uitgeest, Krommenie, West-Knollendam, Oost-Knollendam, Spijkerboor,
 de Rijp, Graft, West-Graftdijk, Akersloot, Klein Dorregeest, Limmerkoog, Limmen, Castricum (43 km).

Deelnemers: Hilde, Marja, Matti, Jan

Bij goed weer rijden wij volgende week weer.


MEEWIND 35 ZOCHT ZALK

Een absoluut hoogtepunt. De eerste lekke band. Na 35 Meewinden. Een
miniscuul gaatje opgedaan op zo'n verraderlijk grindpad. Het trof uw
chroniqueur zelf. En er voltrok zich een groot wonder: de klapband ontstond
op nog geen 700 meter van de ANWB Rijwiel Hulpkist (RHK), zeg maar de
wegenwacht voor wielrijders. Nooit eerder gezien zo'n hulpkist, meer een
gele kast aan een boom, maar dik in orde. Je kon zien dat de kist minstens
wekelijks door een wakkere consul werd geïnspecteerd. Matti met de sterke
handen verhielp het euvel in een wip.

Terug naar het begin. Met een krankzinnige Duitse trein, waarvan de meeste
deuren niet meer te openen waren - NS raakt nu echt door zijn materieel heen
- reden wij naar Zwolle. Daar eerst de mooie binnenstad in. Tegenover de
driebeukige hallenkerk koffie bij Tarentino en reparatie van Francine's
losse zonnebrilpoot bij opticien. Daarna een rondje om de 'Peperbus' en door
het park in het Emmakwartier zuidwaarts de stad uit. De Ijssel ontmoetten
wij bij 't Engelsche werk en zouden wij de hele dag niet meer kwijt raken.
Want Meewind deed de Ijsseldelta tussen Zwolle en Kampen. En, het moet
gezegd, de Ijssel deed niet voor de Linge onder. Wat de Ijssel aan bloesem
tekort kwam, werd door diertjes ruimschoots gecompenseerd. Koeien, paarden,
schapen, lammetjes, ooievaars op hun hoge nesten, zwanen, eenden en roeken;
de uiterwaarden waren er vol van. Het rundvee deed zich in alle gedaanten
voor: het oude roodbonte Ijsselvee, het nieuwere Rijn/Maas/Ijsselvee en ook
veel ontroerende lakenvelders. In Zalk, beroemd geworden door het magische
kruidenvrouwtje Berdien (óók NCRV), troffen wij een bronzen beeld van de
laatste bever uit 1852. Als gevolg van brillenpoot, bandenpech, tegenwind en
remperikelen, bereikten wij het godvrezende Kampen pas over tweeën. Een late
palinglunch bij Reumer, op een boot in de Ijssel met zicht op de oude
stadsbrug en het stationnetje aan de overkant. En zo mooi als het de hele
dag was, zo hard vielen de hagelstenen naar beneden juist toen wij ons -
onder comfortabel tentzeil - aan de Chardonnay te buiten gingen. Een uurtje
later waren wij via de noordelijke Ijsseloevers - zon en wind in de rug -
weer terug in Zwolle.

Route: Zwolle-centrum, Engelse Werk, Katerveer, oude Ijsselbrug, Gelderse
Dijk, Zalk, Zalkerdijk, De Zande, Venendijk, de Blazerskolk, Kampen,
Ijsselmuiden, Nieuwstad, Wilsum, Koppelerwaard, 's Heerenbroek,
Vreugderijkerwaard, Spoolde, Zwolle (39 km).
Deelnemers: Francine, Joyce, Marja, Hilde, Matti, Jan.

Jan Knotwilg

NIEUWE VERZAMELTIJD: Omdat bijna alle belangrijke lijnen in de nieuwe
dienstregeling vlak voor tien uur vertrekken (10.22, 10.26 en 10.27 uur)
verzamelt Meewind voortaan om KWART VOOR TIEN i.p.v. Om tien uur. Dat levert
een half uur fiets- (en/of koffie)winst op.


MEEWIND 34 BLOESEMDRANG ROND RUMPT

Meewind ontstak in meiwind. Meiblijer dartelde nog nimmer enig fietsgenootschap over de Betuwse dijken. 
En dat nog maar halverwege april.
Maar er waren al volop pinksterbloemen, meizoentjes, ooievaars, meidoornhagen, seringen en clematis, 
terwijl pruim, peer (knoepelige stammen), kers (gracieus) en appel (lichtrode gloed) schaamteloos tegen 
elkaar stonden op te bloesemen. Wie dan volhoudt dat het nog april is, is de kluts kwijt. Drieënhalve auto 
waren er nodig om niet minder dan vijftien Meewinders - een nieuw record - naar Enspijk te krijgen, onder 
de rook van een A2-McDonalds. Naar Enspijk? Ja, in Culemborg, Geldermalsen en Leerdam viel vanwege 
de bloesemhysterie geen rijwiel meer te huren. Met de trein naar Enspijk is een kansloze onderneming.
 Overstappen in Utrecht en Geldermalsen, slechte aansluitingen; men kan zijn dag beter besteden. Nee, 
dan per bolide. Binnen een uur sta je bij fiets- en kanoverhuur de Betuwe Stromen. En toen kon niets 
ons meer van een rondje Linge afhouden. Wij kozen voor het traject Rumpt, Gellicum, Asperen, Heukelum, 
Vogelswerf, Spijk, Arkel, Rietveld, Kedichem (aanslag op vriendin van Janmaat), Oosterwijk, Leerdam, 
Acquoy (van het spel: Noem een plaatsnaam met een c, een q en een y), Rhenoy, Beesd en Enspijk. 
Dan rijd je in het begin van oost naar west.
Je pakt eerst de zuidkant van de Linge en op de terugweg de noordkant. Je fiets via de Gelderse 
messenvechters naar de Zuidhollandse keelafsnijders.
En je laat urbanisaties als Gorinchem, Geldermalsen en Tiel in hun vuile sop gaar koken. Meewind deed dus 
niet de hele Lingeroute, maar het mooiste deel.
De afsteker bij Heukelum voer nog niet, de afsteker tussen Spijk en Arkel (een levensgevaarlijke en prijzige 
oversteek op een oude praam met een pontvrouw die veel met haar haar kon en een gemeen lachende 
dikke man aan de overkant) deed het des te beter en bij Beesd konden wij de brug over naar Rumpt, wat 
ons een lus over Tricht van 15 km, alsmede het lommerrijke Mariënwaard, door de neus boorde. Bijna 50 km 
fietsen was voor Patricia, Liesbeth, Matti, Hilde, Ike, Irving, Joyce, Robert, Jan & Margit, Ika, Marja, Francine, 
Rogeria en uw onvermoeibare marsleider mooi zat. Want er moest ook nog van alles verorberd worden en om 
17.00 uur ging de rijwielverhuur weer op slot. Zo'n grote groep, kon dat wel goed gaan? Wel degelijk. Jan van F. 
repareerde alle fietsen met geleende gereedschapskisten, velen hielpen met tafeldekken en in- en uitserveren, 
men deelde elkaars pannenkoeken, terwijl Francine keihard heen en weer fietse tussen voor- en achterhoede, 
waarbij zij wilde marstekens uitzond die haar zelf ook boven de pet gingen. Wat verder nog te melden? Dat de 
mooiste stukken van de tocht zich concentreerden rond de plaatsjes Asperen, Heukelum en Acquoy. Dat je 
voor een bakkie met bolus prima terecht kunt bij De Uitspanning te Vogelswerf (halverwege Heukelum en Spijk). 
Dat de fruittelers verdrongen worden door de hoveniers; het hele Lingegebied is ontoelaatbaar aan het 
verheesteren, met alle gruwelijke vormsnoeikunst van dien. Dat torenfort Asperen helemaal niet in Asperen ligt, 
maar aan de overkant in Acquoy. En dat die dijkbegroeiing van fluitenkruid en koolzaad een beetje uit de hand 
loopt. Voor de rest geen klachten, wat ons tot slot naar de prangende vraag voert, of de bloesemzucht zo 
onstuitbaar is dat ook de volgende Meewind (daags na Koninginnedag) veroordeeld is tot de Betuwe?
Wie het weet mag het zeggen.

Jan Lammetje

     

MEEWIND 32 ROND PURMER EN GOUWZEE

motto: 'Spring is in the air. Why should I?'

Na zes weken herfst brak de lente aan. Met de sleedoorn - al in Amsterdam -
als uitbundige aanzegger. De stermagnolia kon niet ver meer zijn. Wij
verwelkomden Joyce Poldervaart (schoonzusje van Ankie) en kozen de
Westfriese dubbeldekker naar Purmerend, zodat wij 25 minuten later en twee
euro dertig lichter ons beoogde fietsuitgiftepunt bereikten. Een wonderlijk
punt, dit keer. Het hield het midden tussen een bejaardensoos, sociale
werkplaats en psychiatrische inrichting. Nooit deden meer oude mannen langer
over het uitventen van een paar rijwielen. Met als extra atractie de losse
sturen. Want in Purmerend staan de sturen niet haaks op de rijwielen, maar
in het verlengde daarvan en dat is wennen. Mazzel dat we vandaag een rondje
reden, met de klok mee. Maar eerst gore koffie op het terras van een ijszaak
aan de Koemarkt. Purmerend nam de Beker voor Ondrinkbaar Koffiebocht (de
zgn. BOK voor kenners) moeiteloos over van De Doelen in Naarden vesting.

En toen werd het tijd voor schoonheid. Langs de Beemsterringvaart
noordwaarts tot aan het voormalig fort. Daar naar rechts en door het oude
dorp Kwadijk. Daarna de schitterende hoge dijk op - opnieuw langs een
ringvaart - tussen de polders de Zeevang en de Purmer met uitzicht op weren,
tochten en braken en op Middelie. Tegen de schrale noordooster in naar het
warme bad dat Edam heet. Edam, met zijn hofjes, grote Nicolaaskerk, carillon
en grachtjes is echt een aanrader. Veel mooier dan Volendam, Monnickendam,
Ilpendam of wat voor dam ook. En kaziger natuurlijk. Volendam ligt tegen
Edam aan en kent (zelfs in de nieuwbouwwijken) dezelfde methode van
wasophanging aan hoge staken en zonder knijpers. Aan de Zuiderzee steekt men
zijn wasgoed tussen de kardelen. Ik houd hier nog wel eens een lezing over,
want de dames zijn er altijd verrukt over. Drogen zonder knijpers, wie wil
dat niet tijdens de grote schoonmaak.

Volendam, die verwerpelijke toeristenfuik, hebben wij links laten liggen.
Want wij moesten onmiddellijk scheep. De Marken Express lag al onder stoom.
Een half uurtje later debarkeerden wij al weer op het voormalige, zeer
walvisonvriendelijke, eiland. Het terras van de Taanderij was gesloten en
daarom scheurden wij maar even tussen de groene houten huisjes (ieder op
zijn eigen bedje van plaggen, mest en huisvuil) van Haven- en Kerkbuurt door
voor we aan de haring, zalm en lekkerbek gingen, omspoeld door een mooie
Zuidafrikaanse vin blanc sec. In de wijn wordt ook elke vis een eiland.
Vermelding verdient hier dat Maxima op Marken inmiddels haar eigen kleine
ophaalbruggetje heeft gekregen. Nu zijn de bruggetjes op, haar kinderen
moeten zonder.  

Wat restte was een heerlijke terugtocht. Wind mee, stralende zon,
schitterende landschappen. Over de dijk tussen Gouwzee en Markermeer en
verder over de Waterlandse Zeedijk met links volop gouwen en poelen. In
Monnickendam hard gebeld voor het huisje van de ouders van Francine. Ze moet
woedend zijn, Francine, dat we Monnickendam gedaan hebben zonder haar, maar
ja, dan moet je maar niets steeds op azulejosjacht in Portugal. Na de thee,
langs de Purmer Ee en toen, in plaats van recht door de polder, over het
Oude Landsdijkje en de Purmerringdijk, tussen Ilpendam en Ilpenstein door en
langs de Polder van de Vurige Staart terug naar het lelijke Purmerend, dat
tegen vijven bereikt werd. Meewind beleefde vandaag zijn meest zonovergoten
fietstocht ooit.

Route: Purmerend, Kwadijk, Edam, Volendam, Marken, Monnickendam, Ilpendam
(43 km).

De boffers: Ike, Matti, Joyce, Hilde, Liesbeth en Jan.

De volgende Meewinden gaan naar de bollen en naar de bloesemende Betuwe.
Na vele afgelastingen gaan we de schade inhalen. Als het volgende week weer
zo goed weer is, misschien dus een extra tocht. Volg de oproepen a.s.
maandag.

JAN PIKBROEK

TWEEDE JAARVERSLAG MEEWIND

(Van Meewind 21 op 24/01/’06 t/m Meewind 30 op 30/01/’07)

motto: Niet het tornen deed zo’n pijn, maar het opgetornd te zijn.

RARE JAREN

Een jaar loopt bij Meewind nooit van 1 tot 1 januari. Het eerste jaar, 2005, 
verhaalde over de eerste twintig Meewinden en liep tot 3 januari 2006. Soms 
wordt er ook een hele hap uit een jaar genomen, zoals in 2006, toen ik waarachtig 
wel iets anders te doen had dan opgeruimd door de dreven te wielrijden. Het werk 
ging voor de meisjes en zo gaapte er tussen Meewind 23 (21/02/’06) en  Meewind 
24 (24/10/’06) een kloof van acht maanden. Maar dat betekent niet dat we 
nog een jaar op een volgend jaarverslag moeten wachten. Dat houdt geen mens vol, 
dat pikt de fiscus ook nooit. Elk jaarverslag is gelukkig weer anders. Dit keer geen 
illustraties, omdat men weigert leuke foto’s te maken en te mailen. Zelf ben ik volkomen 
avisueel, dus van mij vallen geen kiekjes te verwachten. Ik ben al druk genoeg met de tekst


DE GROSLIJST 2006

nr.	datum   karakteristiek		stad of streek		thema

21.	24/01	GLASWIND		Westland		Glazen stad

22.	07/02	ECHOWIND		Kroondomeinen		Radio Kootwijk	

23.	21/02	RUBBERWIND		Slag om Arnhem	Heveadorp en Doorwerth

24.	24/10	WASWIND		Soester Duinen		Wie is van hout?

25.	07/11	ZILVERWIND		Noord-Kennemerland	Zilveren jubileum 

26.	21/11	SCHUILWIND		Rond Vierhouten	Verheffing der arbeiders

27.	05/12	TROOSTWIND		Westeinder Plas	Vrouwentroost

28.	19/12	LIFTWIND		West-Friesland		Van vaar- naar rijpolder

29.	09/01	JIVEWIND		Oostvaardersplassen	Rare straatnamen

30.	30/01	SLUIPWIND		Reeijwijkse Plassen	Boomsierkunst

DE MEEWIND NAAMGEVINGSGEKTE

Waarom heet Meewind nu weer eens Rubberwind en dan weer Jivewind? Wat is dit voor 
gestoord gedoe? Louter lettergekte? Ik leg het uit aan de hand van het verslag van 
Meewind 31 naar de Biesbosch. Daarin heb ik de volgende woorden aangestreept: 
zuidpunt, waterbus, Petrusplaat, knabbelhut, fluitekruid, brijhapper, lauw, vloedbos, 
zalm, Moldiep, Kop van ’t Land, veerdienst, spaarbekken, griendwerker, Boomgat en 
fluisterlaarzen. Nu kan Meewind 31 de annalen ingaan als Puntwind, Buswind, Plaatwind, Hutwind, 

Lauwwind, Brijwind, Kopwind, Spaarwind of Fluisterwind, etc. Ik koos uiteindelijk voor ZALMWIND 
vanwege de polder de Zalm waar we doorgekomen waren, de zalm die we gegeten hadden en het 
restaurant dat qua kleurstelling geheel zalm gehouden was. Meerduidigheid won dit keer, maar de 
Fluisterwind houden jullie natuurlijk te goed. 
Als ik de dertig tochtkarakteristieken de revue laat passeren, vind ik ROUWWIND, ROEDELWIND, 
RUBBERWIND EN JIVEWIND wel mooi. Suggesties zijn natuurlijk altijd welkom. De naamgevingsidiotie 
beperkt zich gelukkig niet tot het treffen van de themata. Ook de aanheffen en ondertekeningen 
slaan totaal door. Ik herinner aan ‘hallo, pedaaljonkvrouwen’, ‘lieve bandenwippers’, ‘afgevallen 
bladeren’, ‘lieve mistflarden’ en ‘ontstoken wintertenen’. Zelf ben ik de ene keer ‘Boshijger 
Johnny’ of ‘Jan Wildrooster’ en dan weer ‘Jonkheer Johannes de Blocq van Kuffeler’ of ‘Mits 
Aangelijnd’ Het is de wanhopige humor van iemand die – tegen beter weten in – mensen blijft 
aansporen om de fiets te pakken en de elementen te trotseren.  

UIT DE MEEWINDFIETSRAPPORTEN

motto: Eindeloos fijn fietsen door berregend Hollands landschap.


Meewind 21 Station van uitval: Hoek van Holland
‘Mooier paarsrood boven de Maasvlakte zag Meewind nooit een zon ondergaan, toen hij weer plaatsnam 
op de banken van de beruchte Hoekse lijn. Wordt er bij het vertrek nog wel met het spiegelei 
gezwaaid, informeerde Daphni langs haar neus weg. Nou, antwoordde de dienstdoende conductorette, 
nooit bij sprinters, alleen nog wel eens bij getrokken treinen. Zo, die uitsmijter kon Daphni mooi 
in de koude zakken van haar pantermantel steken.’

Meewind 22 SvU: Apeldoorn
‘En toen ging het de onherbergzame natuur in. Geen moordenaarskuil of roversgat bleef ons 
bespaard. Geen heideveld waar het niet slagregende. Geen bospad dat niet aan gort gereden was door 
de graaf- en grijpmachines van het liefdeloze bosbedrijf. Tenslotte eindigden wij in de Ugchels-
Hoenderloose Staatsbossen tot aan onze instabiele bekkens in de smurrie. Een zware Meewind is een 
onvergetelijke Meewind.’

Meewind 23 SvU: Arnhem
‘Ja, het is echt waar, ooit bestond er langs de Rijn een fabrieksdorp, Heveadorp geheten, dat 
leefde van de rubber. De cottage-achtige huisjes met rieten daken en getooid met namen van 
eilanden waar de rubber vandaan kwam, huisje Borneo en huisje Java, getuigen nog van dit dubieuze 
koloniale verleden. Genoeg gezwijmel, tijd voor een levensgevaarlijke want spekgladde afdaling 
over een klinkerweggetje met haarspeldbochten  door de stuwwallen van het landgoed Duno.  Beneden, 
in de waarden, doemde het onverzettelijke kasteel Doorwerth op.’

Meewind 24 SvU: Baarn
‘De weersvoorspellingen waren bar en boos: stormwaarschuwingen, windstoten en de orkaan Xenia. Was 
dit wel fietsweer? Ach wat. Het was voor de marsleider een fluitje van een cent geweest om – 
vanuit zijn meteohut en gewapend met buienradar.nl een even kurkdroge als windvrije route uit te 
zetten. Want wind gaat liggen, bossen bieden dekking, de lunch kan iets verlengd of verlegd en 
buien zijn nimmer altijd en overal tegelijk. Wilt u nostalgie? Het wegspatten van de eikels 
vanonder onze keihard opgepimpte fietsbanden. Theo Loevendie zou er wel raad mee weten.’

Meewind 25 SvU: Castricum
‘Aparte duinen tussen Egmond en Wijk aan Zee. Niet te hoog en dankzij eeuwenlange beweiding, 
begrazing en kalkrijk kwelwater de ideale omgeving voor de grote ratelaar, de rietorchis en de 
rugstreeppad. De zon was nu ook doorgebroken, maar er moest – vanwege het zilveren jubileum – 
opnieuw gegeten worden. Volgens Matti was daarvoor de Johanna’s Hof de aangewezen uitspanning. Hij 
had geen woord te veel gezegd. Toen bleek dat de rookworsten op waren, stuurde de struise Daniëlle 
zelfs de kok op zijn plof naar de slager in het dorp om onze zuurkoolschotels van de ondergang te 
redden.



Meewind 26 SvU: Nunspeet 
‘Even zette de lage zon de ontzagwekkende Elspeetsche Heide (sinds 1994 bevrijd van 
compagniesoefeningen) in een betoverend licht. Herfstsprookje was niet te veel gezegd. Maar daar 
eiste de reconstructie van een grafheuvel al weer onze aandacht, gevolgd door een felle regenbui, 
die al weer over was toen wij de Paasheuvel in zicht kregen. Hiervan, lieve AJC-ers, is niet veel 
meer over. De meiboom heeft plaats moeten maken voor een kidsvriendelijk piratenschip. Alleen het 
oude hoofdgebouw, de kampvuurkuil en het hutje van Koos Vorrink roepen nog herinneringen op aan 
verheffing en volksdans tijdens het interbellum.’

Meewind 27 SvU: Café Welling
‘In café De Manen jengelde Irving: ik wil zo graag naar Vrouwentroost. Zijn bescheiden 
Sinterklaaswens werd vervuld. Wat is Vrouwentroost helemaal? Een wonderbare watertoren in art 
deco, uittorenend boven de Westeinderplas, vandaag met woeste schuimkoppen, en gebouwd door Ir. H. 
– onthoudt die naam – Sangster. Kort daarna monsterde Meewind goedkeurend het prachtige kopstation 
van de Haarlemmermeerlijnen, dat Prof. Wattjes ooit van zijn handtekening voorzag. Bijna was dit 
station – dat nota bene ook nog dienst heeft moeten doen als politiepost – met de grond gelijk 
gemaakt, maar de zoon van de laatste stationschef wist dit te verhinderen. Er zijn nog goede 
zonen.’

Meewind 28 SvU: Enkhuizen 
‘In de Broekerhaven heb ik Liesbeth, met fiets en al, per scheepslift overgetakeld van  het 
Hoornsche Gat in de meters lager gelegen Wortelsloot zoals dat vroeger ook met de bloemkool- en 
aardappelschouwen gebeurde. Daarna hadden wij – opnieuw bij Grand Café Van Bleiswijk – ons groot 
gemengd bittergarnituur met diverse genevers waarachtig wel verdiend. Op het station werden wij 
hartelijk uitgezwaaid door de blonde Daisy en toen moest het panorama van de zinsbechoogelende 
avondzon boven het purperen Hoornse Hop zich nog ontvouwen.’

Meewind 29 SvU: Almere Stad
‘Vandaag bracht Meewind een werkbezoek aan het  Prof. Dr. Ir. Karl Friedrich von Draispad te 
Almere. Zoals bekend was Karl Friedrich een door en door goede Duitser die er al in 1816, kort na 
het Wener Congres, in slaagde de loopfiets bestuurbaar te maken. Ik zeg altijd maar zo: Geen 
Meewind zonder Von Drais, aan wie wij vast nog wel eens een bokaal of gouden bandenwipper gaan 
ophangen. Want geef toe, wat moet een geriatrisch rijwielgenootschap op onbestuurbare 
loopfietsen?’ 

Meewind 30 SvU: Gouda
‘De geschiedenis van de Reeuwijkse Plassen laat zich vlot vertellen. Als je na het verorberen van 
een karige homp brood, op zoek naar het zwarte goud (turf), met je baggerbeugel de sloten breder 
maakt en de weiden smaller, dan krijg je – of je wilt of niet – plassen. In zekere zin, zeg maar 
basicly, is ieder weiland zijn eigen eiland. Wat een gelul allemaal. Er was zeker weinig te zien 
onderweg? Zeg dat niet. De topiary (zoiets als vormsnoeikunst) in die heerlijke wereldhoofdstad 
van de boomteelt  gaf staaltjes van krankzinnig uitgestulpte heesters ten  beste. Een sierteler 
laat graag in eigen voortuin zien wat hij er allemaal van kan!’

MEEWIND’S LUNCHSTERRENNOTERINGEN

Na dertig Meewinden weet je zo langzamerhand wat tussen de middag de pot schaft. Vooral panne(n)
koeken natuurlijk, waarbij wij bedreven zijn geraakt in het formeren van de Meewindpannekoek, die 
is opgebouwd uit twee spek- en drie appelrozijnpannekoeken. 
Het wordt tijd voor een typologie van uitstralingen:
1.	de maritieme of nautische uitstraling.
Aan de top van dit segment troont onbedreigd Hotel New York op de kop van Zuid in
Rotterdam. Maar poets ook De Keuze van de Weduwe niet uit, want daar komt de verse heibot zo uit 
de Scheveningse Haven. Café Harwich in Hoek van Holland biedt een orgie van patrijspoorten, 
vuurtorens, heklichten en reddingssloepen. 
En Riche is gewoon een ordinaire Zandvoortse strandtent met twijfelachtige tapa’s.
      2.    uitstraling natuur 
Hier onderscheid je de duinvariant, zoals Meijendel (meer dan honderd soorten pannekoeken) bij 
Wassenaar, Duinvermaak (ook pizza’s) bij Bergen N.H. en Johanna’s Hof  (zuurkool) tussen Castricum 
en Castricum aan Zee, de Veluwse  variant, ik noem een De Zwarte Boer in Leuvenum, De Goudsberg in 
Lunteren, De Koperen Kop en Herberg Rijzenburg op de Hoge Veluwe en het model Utrechtse heuvelrug 
en dan zit je al gauw in Austerlitz (De Jonckvrouw), op de Tafelberg bij Blaricum of in de Lage 
Vuursche.     
       3. 	uitstraling oude chique
Nu zitten we echt in de categorie ballententen, kastelen, oranjerieën, koetshuizen, tuinkoepels en 
theeschenkerijen. Hier krijg je nog een bittergarnituur, petit fours en een mooie port. Ik noem 
een Beukenhof in Oegstgeest, een Kasteel Doorwerth, een Groot Warnsborn tussen Arnhem en 
Schaarsbergen en een Keizerskroon bij Het Loo in Apeldoorn. 
4.	uitstraling oud-stedelijk
Nu zijn wij in oud-Hollandse plaatsjes als Wijk bij Duurstede, Naarden Vesting, Enkhuizen, 
Oudewater en Harderwijk waar wij aanlegden bij resp. De Engel van Dorestad, De Doelen, Van 
Bleiswijk, Den Waeghals en Monopole.
5.	uitstraling verkeerd-dorps
Hier kan het naar schoon stinken, zoals in Het Wapen van Harmelen of bij Brasserie Kock in 
Sliedrecht, men kan er geen zin meer in hebben en dan ben je in De Roskam te Nunspeet, de 
inrichting kan volkomen verkeerd zijn De Egelantier in Den Dolder en – nog erger – Het Vergulde 
Hert te Elspeet, of je belandt in een jeugdhonk zoals in De Kleine Jan te Monster.
6.	restcategorie 
Hier vegen wij bij elkaar wat niet te classificeren is. En dan heb je het over Weromeri met 
uitzicht op de Poel bij Wormer, Café De Manen in Bovenkerk en bijvoorbeeld  
’t Reeuwijkse Hout bij Gouda. 

En dan nu onze sterrennotering na 30 Meewinden. De ballententen, waar we vooral thee dronken 
dingen niet mee. Hoog eindig je in de Meewindsterrengallerij als je goed eten op tafel zet tegen 
een redelijke prijs en met vlotte bediening.
***** Vijf sterren voor Johanna’s Hof in de duinen bij Castricum, waar men    heerlijke 
rookworsten ging halen bij de slager in het dorp omdat wij zuurkool wilden.
Kijk, zo kan het ook.
****  Vier sterren gaan naar Café De Manen in Bovenkerk, waar men een snert met roggebrood en 
Katenspeck tevoorschijn toverde, die er wezen mocht, terwijl eenzamen aan de bar terecht konden 
voor een goed gesprek. Ook de maagbitters waren adequaat. 
*** Drie sterren krijgt ’t Reeuwijkse Hout vanwege het prachtige uitzicht, de volle borden met 
paling, zalm en garnaal, de pijlsnelle bediening door goeie meiden en het lage houten plafond.
** Twee sterren voor Den Waeghals in Oudewater, waar Meewind de beste appel-spekpannekoek at en 
dat ook nog in een voorname oud-Hollandse ambiance.
* Wij eindigen onze top-5 in bij Duinvermaak in Bergen met zijn lange tafels, hoge 
gebrandschilderde ramen, prima warme chocolade en hartelijke bediening. Een aanrader voor 
kinderfeestjes.

Helaas kan het niet altijd feest zijn. De laatste waarschuwing gaat naar De Doelen in Naarden 
vanwege zijn gore koffie, puur slootwater. De MMTLL-Bokaal voor Meewinds Meest Treurige Lunch 
Lokatie wordt dit keer gedeeld door Het Wapen van Harmelen vanwege de lysolstank, Weromeri, waar 
niks mocht, zelfs geen zelf getapt kraanwater uit de toiletpot en Brasserie De Cock te Sliedrecht 
vanwege het te zalmkleurige interieur, de te christelijke bediening en de te bevroren rookworst. 

En een paar lollige interieurs, ik noem nog geen namen, moeten uitkijken. Volgende keer gaat de 
gevreesde MMTLL-Award naar herbergen waar men te veel stoven, koffiemolens, lampetkannen, geweien 
en wagenwielen aan het plafond hangt. Zijn ze nou helemaal van de herten besnuffeld? Zo, dit moest 
er even uit.

DE ABSENTIELIJST: VAN LEESLID NAAR LICHAAMSLID

Voor we appel houden, (vroeger schreef je ‘appèl’ houden, dat verwarde je minder gauw met peren), 
splitsen we de leden even op in lees- en lichaamsleden. Het leeslid vindt alles goed en aardig, 
zolang zij zelf maar niet de deur uit hoeft. Dat heb je met al die literaire types. Die reizen in 
hun hoofd. Soms – bij ziekte, handicap, nooddruft en werkdruk – zit er niets anders op, maar soms 
is het ook pure lamlendigheid, Jan Saliegeest, mooi-weer fietserij. Nee, dan de lichaamsleden, dat 
zijn er al bijna dertig. Mensen, die wel eens meegereden hebben. Er kan hier niet genoeg op 
gewezen worden dat een leeslid niet minder is dan een lichaamslid. Dit heeft twee even ouderwetse 
als principiële redenen. 1. Lichaam en geest doen niet voor elkaar onder. Mens sana enzo. 2. Het  
lichaamslid van vandaag is het leeslid van morgen en vice versa. Je waait maar zo van je fiets en 
een depressie zit in een klein hoekje. Dit gezegd zijnde komen we per 1.3.’07 op een alfabetische 
lijst van 39 leden en
op een harde kern van drie à vijf leden (Hilde, Jet, Francine, Matti en Jan). Dus luidt de 
conclusie: welkom in de harde kern en lezen kan ook op de fiets.

Beekman, Katja					
Berg, Matti von					
Bruijn, Doree de				
Burgers, Rogeria				
Cialona, Ike					
Dam van Isselt, Jet van				
Dony, Dody					
Elsaker, Eveline van den			
Ende, Rita van den				
Frankenhuijsen, Jan van			
Frankenhuijsen, Margit van			
Fris, Klaas					
Haasbroek, Charlotte				
Haasbroek, Jan					
Haasbroek, Nico
Hamelynck, Karel
Hijman, Ron
Hillen, Bartje
Hoogendonk, Els
Hout, Christine
Houtzager, Marianne			
Kloosterman, Inge				
Koning, Marijn de
Kok, Marianne
Kroonenberg, M.
Leo, Lieke
Pardoen, Irving
Polak, Hans
Ponsen, Renet
Pouw, Brigitte
Schouten, Marja
Sorgdrager, Ike
Stheeman, Liesbeth
Stoffels, Francine
Uslu, Meral
Visser, Hilde
Vries, Han de
Waltuch, Ine
Waerden, Dorien van der

MEEWIND’S HARDE KERN-ranking ziet er per 1 maart 2007 (= t/m Meewind 31) als volgt uit:
Eenzaam aan kop:			Jan Haas 			(31x)
Op de tweede plaats:			Matti 				(12x)
Gedeeld 3de en 4de:			Jet en Hilde 			(10x)
Gedeeld 5de tot en met 7de:                      Liesbeth, Daphni en Patricia 	(08x)
Sterk opkomend en veelbelovend:	Francine 			(05x)    

GEOGRAFISCHE GRENSVERLEGIINGEN

Meewind is na dertig afleveringen al op de gekste plaatsen geweest. Laat ik eens een alfabet maken 
van idylische dorpjes en anderszins. Je krijgt dan: Assel, Bilderdam, Catrijp, Drie, Ermelo, 
Fransche Kamp, Groet, Hargen, Ilpendam, ’t Joppe, Kop van ’t Land, Langbroek, Mossel, Naarden-
vesting, Otterlo, Papenveer, Quadenoord, Rijnsaterwoude, Snelrewaard, Het Twiske, Ugchelen, 
Vondelpark, Wekerom en Zoelmond.
 
Stukken veelzeggender is natuurlijk de objectenlijst. Een kleine selectie. Meewind was bij het 
geboortehuis van Jan Wolkers, De Eikenhorst (het vruchtbare nestje van Alex en Maxima), het 
Biovakantieoord, de Artillerie Inrichtingen, de destilleerderij van Henkes, de Rotterdamse 
koopgoot, het Talpa hoofdkwartier, het huis van de moeder van Rosita Steenbeek, sanatorium 
Zonnestraal, de piramide van Austerlitz, het KNMI, Panorama Mesdag, sportcentrum Papendal, de 
Pekingtuin, paviljoen Dennendal, de Paasheuvel, de Oostvaardersplassen en de Biebosch.

Maar hoever reikte Meewind?
De Noordgrens. Meewind 6 bereikte Camperduin (527) en pas in Meewind 28 klommen wij maar twee 
kilometer noordelijker naar Andijk (529). De volgende uitdagingen liggen voor de hand: Texel, de 
Weerribben (532) (bij Dorien) of Drenthe.

De Oostgrens. Meewind 15 kwam tot Hoenderlo (188), Meewind 22 sprong naar Apeldoorn (194) en het 
volgende target heet Deventer (208).

De zuidgrens. Rotterdam (435) viel met Meewind 10, de Brabantse Biesbosch (419) werd pas in 
Meewind 31 bereikt en het volgende doel is Den Bosch (412).

De westgrens. Hier wordt maar langzaam terreinwinst geboekt. Eerst kwam Meijendel (82) (Meewind 
5), toen Scheveningen (77) (Meewind 19), daarna Hoek van Holland (67) (Meewind 21) en nu moeten 
wij de Nieuwe Waterweg over naar Rockanje (63) en Ouddorp 

Die rare cijfertjes zijn de verticale en horizontale coördinaten van de Topografische Dienst.
Wie zijn geografische hersens een beetje laat malen, ziet dan dat de coördinaten van noord naar 
zuid aflopen (van 532 naar 412) en van west naar oost oplopen (van 51 naar 208).
Nederland ligt tussen 614 (bij Schier) en 307 (bij Vaals) en tussen 14 (bij Cadzand) en 278 (bij 
Nieuweschans). Het gaat steeds om vakjes van 1 vierkante kilometer, dus we kunnen nog 70 km 
oostelijker komen dan Deventer en 85 km noordelijker dan Andijk. Wat wil dit allemaal zeggen? Hoe 
verder we komen, hoe vaker we met auto’s zullen moeten, hoe langer we in de trein zitten, hoe 
korter we fietsen (als we alles op één dag blijven proppen) en hoe duurder het wordt. Afzien is 
beulen, maar hoe verder je reikt – de Wadden, het Limburgse heuvelland, het Zwin – hoe mooier het 
wordt.

IN DE GLAZEN BOL OF HAALT MEEWIND 2010?

Zoals dat toegaat in jaarverslagen eindigen die altijd met de toekomst, de perspectieven, de 
vooruitzichten, de uitdagingen en de megalomanie. Als we de coördinaten maar ver genoeg 
doortrekken komen Meewind Tweedaags en zelfs Meewind International in zicht. In 2007 redden we het 
nog in de eerste en tweede schil. In het rivierengebied valt er nog veel te ontdekken, de 
Zuidhollandse eilanden komen in zicht en plaatsen als Schagen, Hoorn, Lelystad, Kampen, Deventer, 
Zutphen, Dieren, Nijmegen, Zaltbommel en Den Bosch. Op de verlanglijst staan nog bloesem- en 
bollentochten, Ijssel, Vecht, Vlist en Merwede, de kop van Noord-Holland, Burgers Dierenpark, de 
Kralingse Plassen, Giethoorn, Kinderdijk, nee, er valt nog genoeg te fietsen, al zullen wij vaker 
de auto moeten nemen om alles binnen een dag te plooien. In 2008 of 2009 ontkomen wij niet aan de 
sprong naar Drenthe, Twente, Gelderse Achterhoek, de Zeeuwse eilanden, de Brabantse Kempen en Peel 
en Zuid-Limburg. En dat kan niet zonder overnachtingen, dus daar hangt een financieel en psychisch 
(heimwee) prijskaartje aan.

Voor de jubilea moeten jullie maar vast gaan sparen. De 40ste Meewind wordt een supermoeilijke 
speurtocht vanuit café Welling, die alleen doorgaat als minstens vijftien Meewinders inschrijven, 
omdat anders de stempelposten niet bemand kunnen worden.
Er zullen prachtige prijzen zijn en ook aan de kinderen wordt gedacht.

Meewind 50 wordt op zijn minst een weekend. Aan de Belgische kust, op een Duits Waddeneiland, aan 
de Loire, wie zal het zeggen?


Jan Haasbroek


Amsterdam, 1 maart 2007
   

MEEWIND 31 OP 13/02/’07 VERLEGT ZUIDPUNT NAAR SPAARBEKKEN PETRUSPLAAT.

Op verzoek van Klaas, die zorgt dat Meewind op de site van café Welling prijkt, tik ik het verslag maar weer eens in mail 
i.p.v. als document. Dat schijnt voor de site toch beter te zijn. Laat desgewenst horen of dat voor alle lezers geldt. Tot 
zover de ingekomen stukken en de rondvraag.

Wat is er fout aan de zin "Meewind fietste door de Biesbosch"? Alles. 1. Er is niet één Biesbosch, er zijn er vele. 2. Door 
de Biesboschen kun je niet fietsen, maar op zijn hoogst varen en waden in liesboten en op fluister laarzen of zoiets. Je 
fietst dus op zijn hoogst LANGS Biesboschen en dat deed Meewind (dit keer alleen Hilde, Jan en Francine, de hardste aller 
kernen) dan ook op 13 februari. Er werden daarbij twee records gebroken.
Voor het eerst van zijn leven deed het Amsterdamse fietscollectivum de prachtige provincie Brabant aan, waarmee het 
tevens zijn zuidpunt met zo'n 15 km verlegde. Want tot gisteren kwam Meewind nooit zuidelijker dan hotel New York in 
Rotterdam (Meewind 10 op 3 augustus 2005).

Vertrek uit Amsterdam om 09.59 uur, omdat we anders een half uur zouden verspelen. 11.16 uur: aankomst te Dordrecht.
Als een speer naar de Merwekade voor de waterbus (van Connexion) naar Sliedrecht. Dat gaan we vaker doen, de waterbus. 
Stipt op tijd, frekwent, goedkoop, hoge snelheid en fietsen gratis mee. Je kunt er ook mee van Rotterdam (Erasmusbrug) 
naar de molens in Kinderdijk, Alblasser en Hoekse Waard. Dus de waterbus hoort nog van ons.
Wat moest Meewind in Sliedrecht? Welbeschouwd niets. Sliedrecht is verschrikkelijk. Mijdt Sliedrecht! Het ligt ingeklemd, 
geplet kun je beter zeggen, tussen Beneden Merwede, industrieterreinen, Betuwelijn en de filevriendelijke A 15. Maar Meewind 
kon op 13 februari niet om Sliedrecht heen. Want Meewind had honger en uitgerekend op dinsdag waren alle eetzaken rond de 
Biesboschen, ik noem een Merwelanden, een Bistro Bezoekerscentrum en een Fluitekruid, gesloten. Nog geen kop koffie was er 
te krijgen. In Sliedrecht nog net. De Knabbelhut aan de Kerkstraat en eterij de Brijhapper in de Kerkebuurt leken ons niks en zo 
belandden wij in Brasserie De Kock (met ck) bij het Kerkerak. Waren wij maar naar de Knabbelhut of de Brijhapper gegaan. 
De Kock nam moeiteloos de Erebokaal "MEEWINDS MEEST TROOSTELOZE LUNCHLOKATIE" over van restorette WEROMERI te 
Wormerland.
Fonduestellen bij wijze van decoratie, hygiëne in plaats van intimiteit, lauwe erwtensoep, opgeschrikt door worst uit de 
frigidaire, pepermolens van Peugeot, misplaatst deftig ingedekte tafels met zwaar stijfellinnen en alles in zalm gehouden: 
de plafonds, de wc-brillen, de gerokte tafels, de stropdas van de gerant en de zalm zelf. Zo snel mogelijk verlieten wij, 
opnieuw per waterbus of landboot, Sliedrecht om af te meren bij de Hollandse of Sliedrechtse Biesbosch. Een moderne, 
gekunstelde, steriele Biesbosch, met nieuwe bankjes bij wezenloze vloedbossen. Dus sloegen wij het Beverobservatorium 
over om via Helsluis, Kikvorsch, Moldiep en Wantij aan te komen op de Kop van 't Land. Vandaar met de gote veerboot 
(voor slechts 70 eurocent de vrouw+rijwiel) de Nieuwe Merwede over naar de Brabantse Biesbosch. Hier - in de Polders 
Oude Hardenhoek en De Kroon en De Zalm - was het nieuwe recreatielandschap nog in de maak en tilden wij onze fietsen 
over natte zandbergen, stalen buizen en door versgegraven sloten. Het rondje Brabibo voerde ons langs de Koningin Emma 
en de Koning Willem II Hoeven, over het Boomgat en het Gat van Lijnoorden en langs het wonderschone Gat van de Noorderklip. 
Vanaf een uitzichtheuvel keken wij uit op de vogelpracht in en boven het spaarbekken Petrusplaat. Terug naar de Kop van 
't Land en over ondergelopen fietspaden en een hoge zeedijk via Dubbeldam terug naar Dordrecht CS. Aankomt 16.00 uur, 
slechts 25 km gefietst, maar het voelde als 75, want de wind was ons, vooral in Brabant en in de Alloijzenpolder, onbarmhartig 
tegemoet gegeseld. Wie de Brabantse (en Dordtse) Biesboschen - met zijn geulen, kreken en griendwerkers - goed wil zien, 
moet er niet langsfietsen, maar (liefst met gids) gaan varen of wandelen. Het oude Dordrecht bewaren wij voor een volgende keer.

Jan Vriesworst


MEEWIND 29 TUSSEN WEERWATER EN OOSTVAARDERSPLASSEN

Dit verslag is opgedragen aan Prof. Dr. Ir. Karl Friedrich Von Drais, een goede Duitser, die in 1816 reeds de loopfiets 
bestuurbaar wist te maken. Ik zeg altijd maar zo: Geen Meewind zonder Von Drais. Wij gaan nog wel eens een bokaal 
of bandenwipper aan hem ophangen.

9 januari 2007: De perelaars lopen uit, de buizerd baltst en de heggemus zingt zijn hoogste lied. Na Alkmaar, Alphen, 
Amersfoort, Apeldoorn en Arnhem smeekte Almere om uitvalsbasis voor Meewind te mogen zijn. Dankzij felle windstoten 
werd de wens verhoord. Almere met zijn vele buurten en bossen zou beschutting bieden. Dat viel nog vies tegen.

Wij lijden vandaag aan de rijtjeritus. Dat is niet onze schuld. Almere daagt er toe uit. Noem mij één plaats ter wereld 
met een danswijk, een fantasiestrand, een utopiatoren, een Homeruskwartier en een stripheldenbuurt. Nimmer was 
enig stad minder bang voor krankzinnige straatnamen Daar gaan we met onze rijtjes:

Matti, Marja, Francine en Jan.
Kuifeend (Kwik), Tafeleend (Kwak) en Krakeend (Kwek).
Almere Stad, Almere Buiten, Almere Haven, Almere Hout.
Grote zaagbek, aalscholver, nonnetje, zwarte ibis en dodaars.
Noorderplassen, Lepelaarplassen, Leeghwaterplassen, Oostvaardersplassen.
Almere-Poort, Almere-Muziekwijk, Almere-Centraal, Almere-Parkwijk, Almere-Buiten, Almere-Oostvaarders.
Beginbos, Cirkelbos, Fluitbos, Kathedralenbos, Wilgenbos, Kotterbos, Vroege Vogelbos, Waterlandse bos en Bos 
der Onverzettelijken. Filmwijk, Danswijk, Literatuurwijk, Kruidenwijk, Waterwijk, Verzetswijk, Staatsliedenwijk, 
Muziekwijk, Stedenwijk, Parkwijk. Stripheldenbuurt, Sieradenbuurt, Landgoederenbuurt, Bouwmeesterbuurt, 
Regenboogbuurt, Seizoenenbuurt, Oostvaardersbuurt, emenbuurt, Faunabuurt, Eilandenbuurt.
Homeruskwartier, Columbuskwartier, Olympiakwartier, Europakwartier.
Atlantisstrand, Fantasiestrand, Utopiatoren, Lumièrestrand, Zilverstrand, Laterna Magikapark.

Alles tot je dienst, maar hoe reed Meewind op 9 januari 2007? Oh ...... gewoon, Almere CS, Taxiplein, Dag Hammerskjöldhof, 
Mastgatpad, Pekelmeerpad, Orkastraat, Leeghwaterpad, Von Draispad/weg, Trekvogelweg/pad, observatiepost Lepelaarplassen, 
Zuidersluis, Oostvaardersdijk, Grote Vaartweg, Woutje Wagtmanspad, Jaap Edenpad, Hugo de Vriesweg, Jan van de Boschpad, 
uitzichtpunt Oostvaardersplassen, Kotterbos, Gerard Monninkpad, Paulus de Boskabouterhof, Tante Pollewopstraat, Kick Wilstraplantsoen, 
Olle Kapoenstraat, Professor Pigracht, Maarten Toonderlaan, Tom Poespad, Nova Zemblapad, Hawaïweg, Sepiaweg, Jadeplantsoen, 
Pigmenthof, Regenboogweg, Vermiljoenstraat, Paletweg, Rougepad, Evenaar, Zuideinde, LUNCH, Vergeetmijnietjestraat, Bougainvillepad, 
Lotusbloemweg, Tuibrug Lage Vaart, Betonpad door Buitenhout, Botticellipad, Tintorettopad, Goyastraat, Picassoweg,Jivestraat, 
Salsastraat, Jaques Tatilaan, Simon van Collemstraat, Romy Schneiderweg, Heinz Rühmannstraat, Ingrid Bergmanstraat, Greta Garboplantsoen, 
Orson Wellesstraat, Oscarlaan, Cinemadreef, Landdrostdreef, Schrijverstraat, Regisseurstraat, Metropolestraat, NS Station Almere Centrum (25 km).

Meewind blijft terugkeren naar Almere totdat ook tenminste de Parelduikerlaan, de Poema-weg, de Beursjeskruidstraat, het Oesterplantsoen, 
de Golden Earringstraat, het Ballerinapad de Panfluitstraat, de Herfststraat, de Junistraat en de Eeuwenweg  zijn befietst en beproefd.


Johannes de Blocq van Kuffeler

MEEWIND TWENTY-SEVEN GOES VROUWENTROOST

De onversaagden: Francine, Matti, Irvin, John

Route: Welling-Vondelpark-Zuidkwartier-Nieuwe Meer-Amsterdamse Bos-De Poel-Bovenkerk-Westwijk-
Bloemenveiling-Hoornmeer-Vrouwentroost-Aalsmeer-Oosteinde-Schinkelpolder-Kleine kindervijver-
Gelderlandplein-Beatrixpark-Slaakstraat-Welling (40 km)

5 december. Sintwind, rijmwind, dichtwind, schoenwind, dakwind, kapoenwind, roedewind.
Weer hoge temperaturen (15º), weer geen regen, weer des te meer windvlagen, storm. Er is veel opgetornd 
tijdens Meewind 27.
Wij verlieten Amsterdam op ongebruikelijke wijze. Eerst door de Korte van Eeghenstraat (hoofdkwartier Meewind!), 
daarna door het Vondelpark, toen langs Irvin’s geboortekliniek op de hoek van de Sophialaan, door naar de Lomanstraat 
met de gekruiste bomen, de Bertelmanstraat, een hele nieuwe wijk in, compleet met Aphroditekade, Vak Zuid, achter 
het stadion om en dan langs de Jachthaven naar de lesbische Oeverlanden aan de zuidoostkant van De Nieuwe Meer.

Het werd tijd voor koffie, maar Meerzicht, aan het eind van de bosbaan, was dicht en ook de geitenboerderij gaf op 
dinsdag niet thuis, dus reden wij langs de Amstelveense Poel naar Bovenkerk. Café de Manen was toppie. Je kon er 
zelfs bij de bar om een goed gesprek vragen. Daarvan zagen wij af, maar niet van de snert met roggebrood en 
Katenspeck en de bijbehorende ochtenddrankjes, maag- en kruidenbitters.

Toen werd het ernst. Tegen de helse zuidwester in naar Aalsmeer op zoek naar drie toplocaties: de grootste bloemenveiling 
ter wereld, de mooiste watertoren van Nederland en het oude kopstation van de Haarlemmermeerlijnen, om van de Endemol 
Event Studio maar te zwijgen. Want, had Irvin in café de Manen gesmeekt: Ik wil zo graag naar Vrouwentroost.
Deze bescheiden Sinterklaaswens werd vervuld.

Wat is Vrouwentroost helemaal? Een wonderbare watertoren in art deco, gebouwd door Ir. H. Sangster, goed gedaan 
Sangster, die uittorent boven de Westeinder Plas, vandaag met woeste schuimkoppen. Francine ging helemaal uit haar 
dak, maar al voor het prachtige kopstation van Prof. Wattjes, wisten wij haar weer terug te halen. Dit station – begin 
jaren vijftig nog volop in bedrijf - is daarna politiebureau geweest en tenslotte bijna afgebroken, maar de zoon van de 
laatste stationschef heeft dat verhinderd. Goed gedaan, zoon. 

En toen kregen wij de storm in de rug en waaiden wij terug naar Amsterdam. Dansend op het trillend veen van de 
Oosteinderpoelpolder, langs molens die hun water uitsloegen op de ringvaart, door het oosten van het Amsterdamse 
bos en via Buitenveldert en strand Zuid naar de Slaakstraat. De Slaakstraat? Ja, naar het vertaalverdiep van Irvin 
die op thee met zalmsandwiches tracteerde. Toen hij begon te schenken, ging het ook buiten plensen. Maar Meewind 27 
zat er op. Qua tegenwind zal Meewind 27 nog lange tijd koploper blijven.

 J. Vrouwentroost



MEEWIND 26 op 21/11/’06 naar boshut, mandfles en Paasheuvel

Deelnemers: Jet, Matti, Jan en de debuterende, alsmede gestreepte, Francine St.

Route: Nunspeet, Hulshorst, Stakenberg, Elspeet, Vierhouten, Soerel, Nunspeet (30 km).

De voorspelling had geklopt: de mooiste herfst overkwam Meewind in zijn 26ste editie. Niet te veel blad, 
niet te weinig blad, precies de juiste nuances en het goede licht, een veelbelovende orchestratie van 
verkleuringen en nu houd ik op, want anders gelooft niemand mij meer. 

Vertrek vanuit Nunspeet dit keer. Eerst koffie in ‘De Roskam’ (sinds 1865) met een grappige uitbater die 
er geen zin meer in had en ons op een mierzoet maagbitter tracteerde, dat sterk deed denken aan Poetin’s 
diabolische gifcocktails. Door het Belvederebosch verlieten wij Nunspeet in zuidwestelijke richting. Direct 
over de A28 bestegen wij een duintop, van waaraf wij ver konden uitkijken over het Hulshorster zand. Een 
nieuwe voorstelling van Herenleed kon elk ogenblik aanvangen. Verder, tussen het Willemsbos en de 
Westeindse Heide door, en daarna richting Leuvenum (bekend van Meewind 17, een jaar geleden). Nu 
dook  links de Elspeetse Heide op, sinds 1994 bevrijd van compagniesoefeningen en inmiddels mooi 
hersteld, en rechts het landgoed Leuvenhorst. Na de Stakenberg dwars over de Elspeter Heide – gekker 
moesten de panorama’s niet worden – en daarna door de gemengde bossen van de Grote Kolonie naar 
Elspeet. Tijd voor de panne(n)koek van Jola(n)da – met kekke geblo(n)deerde staart – in Het Vergulde 
Hert, dat binnenkort ten onder gaat in een orgie van wagenwielen, hoefijzers, staartklokken, melkbussen, 
lampetkannen, strijkijzers, weegschalen, mandflessen en kolenstoven. Men kan, zo bleek weer eens, ook 
doorslaan in gezelligheid. Op het fietspad tussen de Noorder- en Elspeetsche Heide beleefde Meewind 26 
zijn hoogtepunt. Even zette de lage zon de ontzagwekkende heide in een betoverend licht. Herfstsprookje 
was niet te veel gezegd. Maar daar was al weer de reconstructie van een grafheuvel die onze aandacht 
eiste, gevolgd door een felle regenbui, die al weer over was toen wij De Paasheuvel in zicht kregen. Van de 
Paasheuvel, lieve AJC-ers, is niet veel meer over. De meiboom heeft plaats moeten maken voor een 
kidsvriendelijk piratenschip; alleen het oude hoofdgebouw, de kampvuurkuil en het huisje van Koos Vorrink 
roepen nog herinneringen op aan verheffing en volksdans in het interbellum. Vanuit Vierhouten naar 
boswachterij Pas Op!, dat refereert aan gevaarlijke struikrovers. Iets zuidelijker, halverwege Gortel en 
Soerel troffen wij Het Verscholen Dorp, een kamp bestaande uit negen boshutten, waar zich tijdens WO II 
zo’n honderd onderduikers schuilhielden tot de moffen het kamp ontdekten. De meesten wisten in de bossen 
te ontsnappen, maar acht ongelukkigen werden gefusilleerd. De terugweg naar Nunspeet voerde over de 
Pas opweg, een schitterende laan met jonge beuken die door de avondzon lekker verwend werden. Via het 
Renteloos Voorschotbosch, de Waschkolk en het Zandenbos keerden wij terug naar het station van uitval, 
waar wij de trein van 16.10 net misten, wat dan weer met thee en bier werd goed gemaakt.

Malle Jan 

MEEWIND 25: JUBELTOCHT TUSSEN RIETORCHIS EN CARAMELTURCO

De feestfietsers: Hilde, Ike, Joke, Matteke, Lieske en Janke.

De dorpen: Castricum, Bakkum, (langs Linnen), Heiloo, Egmond a/d Hoef, (langs Egmond-Binnen en Noorddorp)
 terug naar Castricum. 



Omdat de hoogste temperaturen beloofd werden in de kop van Noord-Holland, werd de zilveren Meewind verreden in 
Noord-Kennemerland. Dat bereik je met de trein van 10.02 naar Schagen en daardoor liepen Francien en Meewind 
elkaar mis. Zij kwam aanhollen, toen wij door de tunnel naar spoor 15 liepen. Arme Francineke. Maar goed, op pad. 
Vanaf station Castricum reden wij noordwaarts door Bakkum en Bakkum-Noord. Door de Vennewaters- polder fietsten 
wij via Duinweg en Zanddijk en een raar paars tunneltje recht op het pelgrimsgedoe af rond Onze Lieve Vrouwe ter Nood. 
Snel door naar het hart van Heiloo, waar Jan op taart trakteerde bij Brasserie Veldt in de schaduw van de Willibrordusput 
en een bronzen fietster met kind op rijwiel zonder bronzen spaken. ‘Op taart trakteerde’ is zwak uitgedrukt voor de kleverige 
orgie van harde weners, caramelturco’s, kirschpunten, frambozen-, slagroom- en advocaatsoezen, waaraan het peddelclubje 
zich ongeneerd te buiten ging. Je fietst maar één keer in  je leven je 25ste Meewind. Voort dus, door de Sammer Polder over 
het Zomerdijkje en tussen de winterharde violen op Egmond a/d Hoef aan. Dik in orde: ruïne, slotkerk en standbeeld van de 
Graaf van Egmont, bedijker van de Egmondermeer, en later in Brussel samen met Hoorne - op last van het Spaanse tuig - 
onthoofd. Na de koffiemolen, links af het duinreservaat in. Aparte duinen, tussen Egmond en Wijk aan Zee. Niet te hoog en 
dankzij eeuwenlange beweiding, begrazing en kalkrijk kwelwater de ideale omgeving voor grote ratelaar, rietorchis en 
rugstreeppad. Matti sleurde ons omhoog naar een duin, van waaraf wij onbelemmerd konden rondkijken in het hele gebied 
tussen Alkmaar en IJmuiden. De zon was nu ook doorgebroken, maar er moest – vanwege het zilveren jubileum - opnieuw 
gegeten worden. Volgens Matti was daarvoor Johanna’s Hof de aangewezen uitspanning. Hij had geen woord te veel gezegd. 
Wij bestelden zuurkool, switchen – toen bleek dat de worst op was – over naar de erwtensoep en switchten weer 
lenig terug naar de zuurkool toen de struise Daniëlle de kok naar het dorp had gestuurd om nieuwe rookworsten te halen. 
Het was te laat geworden voor Wijk aan Zee, maar een prachtige tocht door de duinen zat er nog wel in: langs het 
Koningsduin en Kijk Uit, over een lang kronkelig zandpad tot Noorddorp. Vandaar naar het westen, langs het Watervlak, 
De Brabantse Landbouw en het Boetje van onze Kees. Daarna langs het Hoefijzermeer en de waterinlaat, dwars door het 
infiltratiegebied en tenslotte langs het Spinmeer en de Limiet terug naar Castricum en Welling.


Jan Zonderspaak



(Meewind 26 is op 21 november. Wat wordt het? De Veluwe, de Stichtse Lustwarande of fietsen wij een speciale 
Verkiezingsmeewind?) 

MEEWIND 24 op 24/10/’06 voerde terug naar DENNENDAL

De eerste Meewinder die zich vlak voor tienen bij de taxistandplaats aandiende was Ron Hijman, die zijn geliefde Ika 
afmeldde en daarna toch zelf maar liever naar Frankfurt afreisde. Toen kwam Jet en dat was het. De herrijzenis van 
Meewind - na acht maanden onthouding - werd bescheiden ingezet. Van alle gepoch was weinig overgebleven. 
Dat kwam door de weersvoorspellingen. Die waren bar en boos: de orkaan Xenia, de windstoten, de 
stormwaarschuwingen, was dat wel fietsweer? Maar och, och, wat had men de marsleider weer gruwelijk onderschat. 
In zijn meteohut, gewapend met de nieuwste internetklonen als buienrader.nl was het voor de haas opnieuw een fluitje 
van een cent geweest om een prachtige, kurkdroge en windvrije fietstocht uit te zetten. Want wind gaat liggen, 
bossen bieden dekking, de lunch kan iets verlegd of verlengd en buien zijn nimmer altijd en overal tegelijk. En zo geviel 
het dat Jet en Jan vanuit station Baarn een prachtige herfsttocht reden,  doorschoten door verrassende 
regenbogen en felle zonnestralen. Geniet even mee. Na de inspectie van de Koninklijke Wachtkamer (welk station 
heeft die nog?), reden wij door de Pekingtuin en langs het incrementum van het Baarnsch Lyceum (waar de 
prinsesjes leerden) naar de Naald, waar het slijmende volk Willem George Frederik Lodewijk bedankte voor zijn lousy 
bijdrage aan de Slag bij Waterloo. Hij liep niet in de weg, dat was alles. Daarom vertoont het monument – met 
uitzicht op paleis Soestdijk – een fraaie slang die in zijn eigen staart bijt.  Wij reden verder over de dhouderslaan 
en het kerkepad naar de Soester Eng, die mirakelse glaciale eindmorene met zijn grafplaatsen en (toeval) 
rouwstoeten. En toen dienden de Korte en Lange Soester Duinen zich alweer aan; zijn stuifzanden en verstuivingen. 
Via de Paltz en het berkenlaantje tussen de sporen van Utrecht naar Baarn en Utrecht naar Amersfoort (tien keer 
kruisten wij deze dag spoorlijnen) bereikten wij het landgoed rond de Willem Arntshoeve. En dan ben je terug bij 
Dennendal en bij de overharige Carel Muller die zijn feoale bestuurders zo menig psychiatrische poets bakte. 
WIE IS VAN HOUT? Mijn ridderorde werd bezongen in de Ridderoordse bossen, maar theeschenkerij de 
Mauritshoeve heeft nu juist op dinsdag zijn wekelijkse sluiting. De Lage Vuursche was gelukkig nabij, zodat 
wij ons om half twee konden hernemen. Jet nam spekpannekoek met jonge jenevers en thee, ik een oudhollandse 
pannekoek, overgoten met dito jenever en chocomel. En dan kan je weer verder. Door het Maartendijkse bos 
reden wij naar het schitterende Hilversumse Wasmeer en vandaar over de beukenpaden van het Corversbos 
achter de golfvelden om naar Kievitsdal en Groeneveld. Vanuit het noorden bereikten wij door een verrassende 
oude villawijk ons station van uitval. Het veelvuldig egspatten van eikels vanonder onze luchtbanden leverde 
nostalgische klanken op waar Theo Loevendie wel raad mee zou weten. 

Meewind 24 beliep een dikke veertig km en voerde vanaf Baarn via Soestdijk, Soest, Soestduinen, langs het hek 
van vliegveld Soesterberg naar Den Dolder, langs Bilthoven en Maartensdijk naar de Lage Vuursche en vandaar 
langs Hilversum en met een grote boog terug naar Baarn. Meewind 24 vulde  – geografisch gezien – het gat op 
tussen Meewind 16 (Erfgooiers) en 18 (Rondje Zeist). Een volgende keer, in het voorjaar, moeten wij vanuit Baarn 
meer de Eempolders in en op (Jet van Dam van) Isselt aan.


MEEWIND 25, een zilveren jubileum Meewind, mis hem niet, staat voor 7 november op de rol. Een mogelijkheid is om dan 
in Amsterdam te blijven en vanuit Welling en op eigen fietsen 25 dierbare plekken van Meewinders aan te doen 
(kraamkamers, speelplekken, scholen, café’s, begraafplaatsen en andere volkstuintjes). Maar als het mooi weer is 
gaan we misschien weer de herfstbossen in. 
In het weekend van 4 op 5 november volgt er nader mailbericht, want de week daarvoor zit ik in Groningen. Tot weerzoens.



Jan Eikelsprong

MEEWIND 23 OP 21/02/’06 voerde opnieuw SLAG OM ARNHEM

ROUTE: Oosterbeek, Heveadorp, Doorwerth, Heelsum, Wolfheze, Papendal,
Warnsborn, Bakenberg, Zypendaal, Sonsbeek, Arnhem-Centrum (30 km).

Qua puinhoop deed het stationsplein van Arnhem niet onder voor dat van
Apeldoorn (zie Meewind 22). Ook het weer was even beestachtig. Vergeleken
met het weerbericht van de avond ervoor viel 21 februari stukken natter uit
en zeker niet minder koud. Dus reden wij over de Utrechtseweg langs het
Museum voor Moderne Kunst Arnhem en de KEMA naar Oosterbeek.Daar zakten wij
gezwind af naar de Rijn, langs het oude Hervormde kerkje, waar de
geallieerden lang standhielden tijdens de Slag om Arnhem,tussen Hemelsche
Berg (Mauve, Mesdag en Kneppelhout) en Drielse Veer door, onderlangs de
Westerbouwing (bekend van de schoolreisjes) en Heveadorp in. Ja, het is echt
waar, ooit bestond er langs de Rijn een fabrieksdorp dat leefde van de
rubber. Cottage-achtige huisjes met rieten daken en getooid met namen van
eilanden waar de rubber vandaan kwam. Huisje Borneo, huisje Java, etc.
Genoeg gezwijmel, tijd voor een levensgevaarlijke afdaling over een
klinkerweggetje met haarspeldbochten door de stuwwallen van het landgoed
Duno. En wat lag er beneden in de Doorwertsche Waarden? Kasteel Doorwerth,
dat zoals iedereen weet tot 1260 contrôle uitoefende op de scheepvaart over
de Rijn, tot de trawanten van de bisschop van Utrecht de zaak in de  hens
staken. In theeschenkerij De Zalmen was het nog steeds lekker warm. Wij
dronken er Glühwein op een bedje van erwtensoep, of omgekeerd. En daarna
over de Fonteinallee, onder A50 door op Heelsum aan, waar Ika's ouders
woonden. Ika werd tijdens MW 23 trouwens gesecondeerd door Hilde en Jan, van
wie je veel kunt zeggen, maar niet dat het mooiweerfietsers zijn. Tussen
Heelsum (beeldig kerkje, hotel Klein Zwitserland, nieuwe golflinks) en
Wolfheze beeldden wij ons in hoe de Poolse en Britse paratroopers daar in
september '44 naar beneden kwamen. Daar was het nu te bewolkt voor. Langs
het spoor naar Wolfheze, achter sportcentrum Papendal langs en via de paters
van Mill Hill naar DE LEEREN DOEDEL, inmiddels omgetoverd tot louche
pizzatent. Snel dus maar de Harderwijkerweg op, de schitterende Westerheide
over met zijn fraaie jeneverbesstruiken en op Groot Warnborn aan voor 'a
decent cup of tea'. Oranjerie, Engelse terrastuinen, bruidsuites, alles in
de voetsporen van Baron van Roëll en Baronesse  van Haserswoude. Er restte
nog één helse klimpartij over het Hoog Erf en de Bakenbergseweg, maar daarna
lieten wij ons via kasteel Zypendaal en Park Sonsbeek lieflijk terugglijden
in het centrum van de Gelderse hoofdstad.

Nagekomen berichten: De Pomphut in MW 22 was geen Pomphut, maar een Pomphul
en niet alleen Lot en Ike deden de quiz, maar ook Rogeria.

Meewind 24 is op dinsdag 7 maart.

JAN DOEDELBROEKJE


Lieve puzzelvrienden,
Het gaat met de quiz een beetje als met Meewind zelf: meer lezers dan
rijders. Wij kregen vele reacties dat het weer zo'n enige quiz was, maar
inzenden ho maar. Deze mentaliteit moet veranderen, maar hoe?

Er waren twee inzendsters: Ike en Lot. Lot is mijn nageslacht en Ike ken ik
als ZUT-ster, als drinkebroerin, als volkstuintje en als voorzitster van
onze Meewind-afdeling in Het Spiegelkwartier, die trouwens tegen een fikse
contributie-achterstand opkijkt.

Lot en Ike hebben beiden gewonnen. Lot had de meeste vragen goed (vier van
de negen, want vraag zes telde niet mee), terwijl Ike het eerste couplet van
het Meewindlied het mooiste afhaakte. Wie had anders verwacht van de
geestelijke moeder van Ludovico Ariosto?

Het eerste, thans gecanoniseerde, couplet van het Meewindlied i.s.n. luidt
nu aldus:

Al schijnt de zon pal uit het Noorden
en waait de meewind uit Oostwest,
een fietstocht naar uitheemse oorden
leert: in Oudzuid smaakt bier het best.

Ike verdient van de jury een dikke pluim, omdat zij haar liefde voor Welling
ondergeschikt heeft gemaakt aan de geest van het lied dat in het verlengde
van de onmogelijke windstreek Oostwest om een Oudzuid smeekte, zoals bekend
een verwerpelijke tent wat verderop in de Johannes  Verhulst.

NIEUWE OPROEP!
Wie neemt nu de melodie van De Iternationale op - we zijn inmiddels bij
'sterft gij oude vormen en gedachten' en helpt De Meewindmars een paar
strofen verder? Kan Meindert niet eens even uitpakken, of nog andere poëten?

Terug naar de vragen:
Opvallend was dat Lot en Ike veel vragen hetzelfde beantwoordden. Het leek
wel of ze bij elkaar hadden afgekeken.
Zo kozen ze bij vraag 1 allebei voor 7 januari, bij vraag 2 voor de
prepensionado, bij vraag 4 beiden voor de geestige verslagen, bij vraag 7
voor Harderwijk en bij vraag 8 voor het Wekeromsche Zand. Helaas, alleen
vraag 1 en 7 hadden ze goed.

En dan nu de uitslag:
De quizmaster wou het zichzelf bij het nakijken niet te moeilijk maken en
construeerde de quiz daarom zo dat alle a-antwoorden goed waren. Kortom,
Meewind is een heusch rijwielgenootschap, dat zo min mogelijk beoogt te
trappen, met een afkeer van appelpunten en zeurpieten en met een voorkeur
voor ophanging boven wurging, verstopping of vergiftiging. De schol in
Scheveningen was niet te eten, de Waterleidingduinen zullen wij nooit
befietsen, in het Wekeromsche Zand kropen wij al door het hek, het Czaar
Peterhuisje was gesloten en bij het Talpahoofdkwartier zagen wij de
NSE-redactie brainstormen in de binnentuin van de hofstede.

Krijgen Ike en Lot nu de felbegeerde Gehaakte Balhoofdtas of het
bloedstollende Zilveren Zadeldekje? Dat zouden zij wel willen, maar Meewind
is niet corrupt. Lot is de dochter van de quizmaster en zit 's nachts in
pappa's computer te neuzen en is derhalve - zoals altijd - als bloedverwante
van deelneming uitgesloten. Dus speelde Ike alleen tegen zichzelf en dan win
je, zegt men, op je sloffen. Nee, voor de verovering van de VROLIJK VERBOGEN
VOORVORK is meer nodig. Meer deelnemers vooral.

Uw quizmaster is verbitterd door de minimale deelname aan zijn Leuke Quiz,
maar het gekke is dat hem dat er geenszins van weerhoudt weer nieuwe
krankzinnige vragen op te duikelen. Hij kan niet anders.



P.S. Binnenkort verschijnt het MEEWIND JAARVERSLAG 2005.


MEEWIND 22 OP 07/02/’06 ZOCHT POMPHUT EN ONTAARDDE IN HELLEVAAART

Niet Hoorn of Gouda (zie leuke quiz) werd de startplaats van Meewind 22,
doch station Apeldoorn. Station is een groot woord, er is nog maar weinig
van over en ervoor ligt een diepe kuil, voorbode van nog zovele
moordenaarskuilen en roversgaten in staats- en krooondomeinen en koninklijke
houtvesterijen, die zich zo uitbundig rond de suffe geboorteplaats van Joop
Braakhekke hebben heengevleid. Is de toon gezet, of niet? Theeschenkerij
Bloemink bij De Naald was niet minder dichtgetimmerd dan het stationsgebouw,
zodat wij voor de ochtendkoffie moesten uitwijken naar De Keizerskroon, dat
ooit tsaar Peter tot zijn eerste gasten mocht rekenen, maar dat inmiddels
vakkundig is vermaakt tot een betonnen conferentiedoos. En toen ging het de
onherbergzame natuur in. Geen stuwwal bleef ons bespaard, geen heideveld
waar het niet slagregende, geen bospad dat niet in gort gereden was door de
graaf- en grijpmachines van het liefdeloze bosbedrijf. Tenslotte eindigden
wij in de Ugchels-Hoenderloose Staatsbossen tot aan onze middels in de
smurrie. Ik heb het aan den lijve ondervonden:

De DOORWAADBAARHEIDSCOËFFICIËNT van een bospad (DBC-B) =
de bekleding van het pad x de spoorvorming x vorst x sneeuw x regen x dooi
gedeeld door
leeftijd x gewicht x lengte x breedte x artrose x bijziendheid van de
berijd(st)er.
Het huurrijwiel zelf (bandenspanning, aandrijving en luchtweerstand) speelt
alleen een rol bij de vaststelling van de zgn. 'gewogen' DBC.

Hilde, Jet, Patricia en Jan hebben een heerlijke dag gehad. O.k., Meewind 22
was zwaar, maar een zware Meewind is een onvergetelijke Meewind, zo gezond
ook. En er waren zeker zoete keerzijden: de heksenpannenkoeken in Hoog
Soeren, de pomphut (?) van koningin Sophie aan de rand van de Asselsche
Heide, de laatste rustplaats van journalist/schaapherder Eelke de Jong op de
intieme natuurbegraafplaats bij halte Assel, Radio Kootwijk* en het tot
kraamkamer voor schattige lammetjes omgebouwde zendstation op de Hoog
Buurlosche Heide.

RADIO KOOTWIJK
Wat de meesten niet meer weten is dat J.M. Luthmann (1890-1973) in opdracht
van de PTT in 1922 zijn betonnen kathedraal - een architectonisch
meesterwerk van rationalisme en expressionisme - aan het Kootwijker Zand
bouwde om van daaruit een rechtstreekse radioverbinding met Malabar (op
Java) tot stand te brengen. Het PTT-dorp Radio Kootwijk verrees in the
middle of nowhere omdat het anders het binnenlandse telefoonverkeer (toen
nog via bovengrondse lijnen) al te zeer zou hinderen.

ROUTE MEEWIND 22 (zo'n 35 km)
APELDOORN (Parkenwijk, Orpheus, Het Loo), Wieselseweg, WIESEL,
Kroondomeinen, Echoput, HOOG SOEREN, Asselsche Heide, Halte ASSEL,
natuurbegraafplaats,RADIO KOOTWIJK, Hoog Buurlosche Heide, Oude
Barneveldseweg, Ugchelse Bosch, Hoog Buurlose Weg, APELDOORN (Ugchelen,
Westenenk, Brummelhof).

Jan Zendmast


DE JAN HAASBROEK – QUIZ

Meewind bestaat toch al gauw weer zo'n jaartje. Hoog tijd derhalve voor een
leuke quiz. Win de Gouden Remnaaf, het Zilveren Zadeldekje, of de Gehaakte
Balhoofdtas. 

Vraag 1
Wat geldt als officiële oprichtingsdatum?
A. 7 januari 2005 toen het idee voor Meewind aan de ronde tafel ontstond.
B. 2 maart 2005 toen de eerste rit vanwege een halve meter sneeuw vooral
   virtueel gereden werd.
C. 16 maart 2005, de dag waarop de eerste vijf Meewinders daadwerkelijk een
   stalen ros beklommen, om terug naar Oegstgeest te rijden.

Vraag 2
Wat is Meewind?
A. Een rijwielgenootschap zonder winstoogmerk, maar voor luttele gezindten?
B. Een uit de hand gelopen hobby van een over zijn stalen ros
   getilde prepensionado?
C. De rechtsopvolger van de Algemeene Nederlandsche Wielrijders Bond?

Vraag 3
Wat stelt Meewind zich ten doel?
A. Zo min mogelijk trappen en remmen.
B. Beschermd fietsen voor drank- en vetzuchtigen.
C. Voorkoming van tuberculose en bestrijding van de bejaardencriminaliteit
   door lichaamsbeweging in het open veld.

Vraag 4
Men kan geen lid worden, maar wel geroyeerd. Wanneer?
A. Als men uitknipbonnen voor gratis appelpunten voorstelt.
B. Wie zeurt over zijwind.
C. Als men nooit meefietst, omdat men de verslagen al zo geestig vindt.

Vraag 5
Wat zijn de sancties in geval van royement?
A. Men wordt aan zijn eigen spatbord opgehangen en daarna gestenigd met een
   ANBW-paddestoel.
B. Men wordt met zijn snelbinder gewurgd en daarna met een roestige spaak
   getuchtigd.     
C. Men moet zijn leuke kaki afritsbare broek afknippen en daarna opeten.
D. Men moet een tube solutie leeglepelen met een bandenlichter.

Vraag 6
Maak het eerste couplet van het Meewindlied met twee zinnen af (op de wijs
van De Internationale):

Het fietsen zit ons in de benen,
Het lopen zijn wij lang verleerd
........................
........................

of

Hoera, 't is dinsdag, wij gaan fietsen
Geen borgsom is ons ooit te hoog
..................................
..................................

Of

Al schijnt de zon pal uit het noorden
En waait de meewind uit oostwest
................................
................................

Vraag 7
Waar at Meewind de lekkerste scholletjes?
A. Bij Monopole in Harderwijk schuin tegenover het Dolfinarium
B. Bij Duinvermaak in Bergen Binnen
C. Bij de weduwe v.d. Toorn aan de Schevenings haven

Vraag 8
Waar fietste Meewind nog niet?
A. In de Waterleidingduinen
B. Op de Waalsdorpervlakte
C. Over het Wekeromsche Zand

Vraag 9
Welke bezienswaardigheid werd nog niet aangedaan?
A Het Czaar Peterhuisje
B Het Talpahoofdkwartier
C Panorama Mesdag

Vraag 10
Wat is het volgende vertrekstation op 7 februari 2006?
A. Apeldoorn
B. Hoorn-Kersenboogerd
C. Gouda-Goverwelle

Inzenden per mail voor 5 februari 2006

Uw quizmaster


MEEWIND 21 OP 24/01/’06 NAAR GLAZEN STAD

In het kader van de actie BESCHERMD FIETSEN VOOR ONGENEESLIJKEN trapte
Meewinds harde kern (Hildi, Matti, Daphni, Janni) zich dit keer warm in een
markant glastuinbouwgebied. Het was opnieuw de brug bij Haarlem die ons een
fikse vertraging bezorgde, maar tegen half een bereikten wij toch Hoek van
Holland, waar de mooie horecazaak Café HARWICH alles goedmaakte. Wie voor
een habbekrats erwtensoep met spek en bruin brood wil eten in een orgie van
vuurtorens,  patrijspoorten, reddingssloepen, heklichten, scheepsmodellen en
aanverwante nautische parafernalia kan niet om Harwich heen. De huurfietsen
bij Van der Burg in de Prins Hendrikstaat staken daar treurig bij af: alleen
damesrijwielen, knappende snelbinders en kaduke versnellingen. Dat was
jammer, want 'WIE TRAPT WIL VOORUITGAAN'.

Meewind 21 heeft twee saluten gebracht: Eerst AAN DE HELDEN DER ZEE bij een
beeld aan de Waterweg van een redder met oliejas en zuidwester en later - in
Poeldijk - aan Franciscus Verburgh (1618-1708), die HET DANKBARE WESTLAND
eerde als GRONDLEGGER DER DRUIVENTEELT. Tegenwoordig leggen de leden van het
Westlands Mannenkoor zich vooral toe op de teelt van komkommers, tomaten en
paprika's in alle kleuren van de regenboog, waarbij wij zeker ook de radijs
niet mogen vergeten. Ik kon aan het eind van de dag geen radijskwekerij meer
zien.

Maar eerst fietsen wij tussen de kassen door naar 's-Gravenzande,
Baakwoning, Naaldwijk en Rolpaal. In Poeldijk wilden wij thee met wodka,
maar daar kon Poeldijk - waar de kapper KNIP INN heet en de bloemist
BLOEMERIJ niet in voorzien. Dus ging het langs de rand van Den Haag - de
Uithof, Kraayestein, Madestein, Loosduinen en Ockenburg - en over de
terreinen van Psychiatrisch Centrum Parnassia (voorheen Bloemendaal) en van
de afkickboerderij De Emiliehoeve, peace, man, over de slaperdijk op Monster
aan. In café DE KLEINE JAN konden wij onze dorst goed lessen en kreeg Daphni
de microfoon voorgehouden om mee te zingen met het blaartrekkende BLOED,
ZWEET EN TRANEN.

Bij Ter Heijde controleerden wij even of er weer een forse ZEESLAG tegen de
Britten werd geleverd, maar nieuwe Trompen keken dit keer wel uit, zo vlak
voor Afghanistan. Dus fietsen wij maar langs de Delflandse hoofden en de
afzichtelijke kampeerstad Vluchtenburg terug naar Hoek. Mooier paarsrood
boven de Maasvlakte zag Meewind nooit een zon ondergaan, toen het weer
plaatsnam op de banken van de beruchte Hoekse lijn. Wordt er bij het vertrek
nog wel met het SPIEGELEI gezwaaid, informeerde Daphni. Nou, antwoordde de
conductorette, niet bij sprinters,alleen nog wel eens bij getrokken treinen.
Zo, die uitsmijter kon Daphni in de koude zak van haar pantermantel steken.

MEEWIND 22 rijdt alweer op 7 februari, wijs en weder wielende.


MEEWIND 20 NAAR HEKSENWAAG EN PAPEKOP

Terwijl de Nieuwjaarskranten zeurden over De Nieuwe Oudere, die steeds
ongezonder gaat leven, stapte Meewind domweg op de fiets. Een heldere
vrieslucht, zon en zuidenwind, wat wil je nog meer? Woerden. Wij wilden
Woerden. En Harmelen. Al veel te lang niet meer geharmeld. En Montfoort.
En Oudewater met zijn Oudewateraars. Onze tocht voerde op 3 januari 30 km
door polders met namen als Reijerscop, Rapijnen en Snel en Polanen en langs
smalle stromen als Oude Rijn, Hollandse Ijssel (ten westen van Gouda nog een
wilde getijderivier!) en Lange Linschoten.De boerderijen heetten Anna's
Hoeve, Quo Vadis, Dorpswelvaren of Eben Haezer. Maar eerst langs het jaagpad
naar Harmelen. De Rijn zat dicht, althans voor meerkoet en eend, nog niet
voor bejaarden met obesitas. We waren trouwens maar met zijn drieën: Hilde,
Daphni (in panterlook) en Jan (oude muts, maar nieuwe sjaal). Harmelen viel
niet mee. Dat kwam niet door zijn treinramp in '62 (onze sprinter liet
gelukkig wat snelle Intercity's voorgaan), maar door het Wapen van Harmelen,
honderd jaar oud al weer, net als zijn koffie, met ook nog die wonderlijke
afdronk. Het Wapen van Harmelen stonk naar schoon. Snel door naar Mastwijk,
Montfoort, Snelrewaard en het roomse touwstadje Oudewater. Eet de appel-
spekpannenkoek daar in Den Waeghals en laat verder heksenwaag, patronaats-
gebouw, hoepmakerij,geelbuik en oliekoek voor wat ze zijn: getuigen van
een voorbije tijd. Nee, dan de griendculturen bij Papekop en het Huis te
Linschoten: Springlevend. Net als de standbeelden van fietsers, schaatsers
en dansers in Woerden, zo veel meer naar de natuur dan de onduidelijke
waternimfen op de vijver in Oudewater. Ach ja, Woerden. De molen, de water-
toren en de thee bij Versluis. Het oortje van de theeglazen in de tearoom
aan de Voorstraat, zat onder het glas in plaats van aan de zijkant. Kijk
daar mee uit, Versluis!

Hilde, Daphni en Jan Heks

Op dinsdag 17 januari wordt Meewind volwassen. Meewind 21. Misschien kan
Saskia Hoogendoorn, de ambassadrice van De Blije Fiets, onze huurfietsen dan
wat optooien met guirlandes van reepjes autoband, voodoopopjes en
kippenbotjes tussen de spaken.



KERSTMEEWIND (19) op 20 december 2005

Op de heenweg kreeg De Grote Roerganger van twee meisjes-Meewinders een heuse kaarthouder uitgereikt. 
Hij was er beduusd van, want liefdewerk mocht nooit beloond worden en het moest allemaal een beetje een 
rommeltje blijven, dus uitkijken met clubattributen enzovoorts. Misschien moest hij het nieuwe frame alleen bij 
bijzondere gelegenheden opschroeven: in het buitenland, onder de 10º of bij springtij. Hij dankte de gulle gevers 
en zou bij verrassing zijn kaartenhuis aanklemmen. Zou het op elke huurfiets passen?

In de fietsenkelder onder Den Haag Centraal was men dit keer het spoor compleet bijster. De borgsom was 50 euro, 
voor fiets met versnelling 100 euro en voor fiets met dubbele trappers 500 euro. Ook van het oppompen van de banden 
had men dit keer nauwelijks werk gemaakt. Daphni ontdekte dat te laat. Ze dacht eerst dat haar conditie tekortschoot. 
Toen bleek dat ze op platte banden door de residentie peddelde, heeft de hele groep – Liesbeth, Ika, Patricia, Jet, Matti 
en de kerstman zelf  - uit pure solidariteit alle banden laten leeglopen. Maar toen was het verleggen van de westgrens 
met zeven coördinaten (van 82 naar 75) geen haalbare kaart meer. De Bosjes van Pex, Meer en Bos en Kijkduin werden 
niet meer bereikt; wij moesten nu genoegen nemen met het Adriaan Maasplein op het noordelijke hoofd van de haven 
van Scheveningen en dan zit je, topografisch gezien, bij coördinaat 78, slechts vijf km westelijker dan bij Meewind 5. 
Nee, pas als Meewind vanuit Delft de Glazen Stad aandoet, zal er weer echt een westgrens worden verlegd. Het zal 
de Meewinders allemaal worst wezen. Zij zaten al lang aan De Keuze van de Weduwe en gingen zich te buiten aan 
vissoep, heilbot en Hollandse garnalenkroketten. Want wie Scheveningen zegt, zegt zeebanketten bij de weduwe 
v.d. Toorn op de hoek van de Treilerdwarsweg. En toen trad er een gemeen schsima op. Een deel van de groep 
verkende de eerste, tweede en derde haven, de voor- en de buitenhaven plus visafslag, naaktstrand, seinpost en 
vuurtoren van Willem III, de meer avontuurlijken zetten het op een drinken en dansen met eenzame Portugese zeelui. 

Hoe anders was de tocht begonnen. Langs Broodje van Dootje, sociëteit ‘De Witte’, de stier van Potter, het torentje 
van de M.P., de hofvijver, des Indes, Pulrich en Hoge Raad, bereikten wij al snel Panorama Mesdag. Vooral Daphni, 
die er nooit geweest was, wist niet wat zij meemaakte. Opeens stond ze op een duin en zag ze om haar heen 
Scheveningen en Den Haag, maar dan 125 jaar geleden: badkoetsjes, ‘bommen’, boetende vrouwen, paarden en  
ankers, het moest niet gekker worden. Een geschilderd rondzicht dat een illusie van ‘(vis)net echt’ opriep. Wij
vervolgden ons bezoek aan Den Haag langs Carnegie’s Vredespaleis, door de Schevenings bosjes, langs het 
Catshuis en achter het Gemeentemuseum om door het voorname Statenkwartier naar Scheveningen zeebad. 

De terugweg voerde langs de boulevard en De Pier, Kurhaus en Circustheater, de bekende METS-tennisbanen en 
het rosarium in het Westbroekpark, de standbeelden van Troelstra en Plesman, het Ministerie van Verkeer en Waterstaat, 
het Hubertuspark (waar de aanleg van de nieuwe Waalsdorperwegtunnel ons lelijk opbrak), Benoordenhout en Archipelbuurt, 
om via Frederikstraat, Denneweg en Hooikade aan te leggen bij de Posthoorn, waar wij bier dronken aan de leestafel en 
vrij veel dassen en tassen achterlieten. Meewind laat steeds meer sporen na. Meewind 19 was de kortste Meewind 
(niet meer dan 15 km) op de een na kortste dag van het jaar, waarop de zon het voor 100% liet afweten. 
Aan de stemming was dat niet te merken.

Jan van Kaartklem tot Broekhouder

MEEWIND 20 is op 3 januari 2006. Omdat Meewind – in een onbezonnen bui – op 7 januari 2005 werd opgericht, 
verschijnt binnenkort het EERSTE JAARBERICHT, waarin vermoedelijk
De Gouden Remnaaf, Het Zilveren Zadeldekje, De Koperen Bandenwipper, De Lekke Binnenband en De Spaak-in-het-Wiel 
zullen worden uitgereikt. Mis het niet.  
 

MEEWIND 18 GING OP 29-11-‘05 VOOR DE KOZAKKENPUT

‘Het rondje  Zeist’: Bilthoven, Den Dolder, Bosch en Duin, Huis ter Heide, Zeist, Zeisterwoud, Oude Postweg, Pyramide
 van Austerlitz, Austerlitz (dorp), Zeist-Kerkebosch, Bunnik, Vinkenbuurt, langs Utrecht-De Uithof en De Bilt terug naar 
Bilthoven (35 km) 

Terwijl Haaksbergen nog zonder stroom zat en vele hoogspanningsmasten waren afgebroken als lucifershoutjes, ging 
Meewind, zo gauw het weeralarm was ingetrokken, de gevolgen van de sneeuwstorm opnemen. Aan de oproep van 
kapitein Iglo was bescheiden gehoor gegeven: slechts drie getrouwen durfden hem te vergezellen. Uitgangsstelling was 
dit maal Fietspoint Bakker bij station Bilthoven. Wij kozen – allen op damesfietsen - voor de dure kant van het spoor 
(Berg en Bos, Walther Maashuis, Pleinesbos en W.A. Hoeve). Koffie in de knalgezellige Egelantier bij station Den Dolder, 
waar men als verlichting gekozen had voor Molotovcocktails in de vorm van flessen gevuld met peut en kroonkurkdoppen 
+ brandende lont. Daarna tussen de villa’s van Bosch en Duin door, langs de Hoefslag (bekend van de moord op Fagel), 
over de A 28 naar Zeist. Na de bekakte hockeyvelden van Schaerweide bereikten wij al snel het Boshijgerslaantje, op 
zoek naar de Kozakkenput. Met behulp van de nodige boshijgers wisten wij de put te vinden. Wat een raar idee, dat 
die malle kozakken van Napoleon dachten dat ze door maar een flink gat in de bossen van de Krakeling te graven, wel 
op water zouden stuiten. Enfin, door ging het, langs het wielrijdersmonument van de rijwielpadvereniging Utrecht met 
Omstreken (UMO) en het Witte Huis door voorbeeldige beukeltjeswouden naar de Pyramide van Austerlitz, alweer zo’n 
krankzinnig bouwsel. Nu werd wel duidelijk waar het zand uit de Kozakkenputten gebleven was! Jet en Jan kropen op 
handen en voeten de 23 mtr. hoge plaggenberg op om te zien of de Engelse vloot al over de Zuiderzee naderde. Maar 
niets van dat al. Matti en Hilde waren wijselijk beneden gebleven. Zij zouden door de jonge generaal de Marmont gewis 
op water en brood zijn gezet, want die had zijn pyramide in 1804 toch vooral laten bouwen om er bij zijn 18.000 man 
sterke leger, dat  zich stierlijk verveelde, een beetje de wind onder te houden. Het werd hoog tijd voor knoflooksoep 
en laten ze die bij De Jonckvrouw aan het dorpsplein in Austerlitz nou net aan de kook hebben. Langs Groot Heidestein 
en Hoge Dennen bereikten wij de groene strook tussen Utrechtse heuvelrug en Kromme Rijn. Mooier zou onze tocht 
niet meer worden: een lage avondzon streek langs de bestorven hortensia’s aan de Hakswetering en over de wilde 
ganzen in het moerassige Notarisbos. De landgoederen Rijswijck en Wulpenhorst konden er niet voordeliger bij liggen. 
Maar geen gezwijmel, achter de slierten schoolmeisjes aan naar Bunnik en dan tussen Zeist en De Uithof door, langs 
het KNMI, terug naar Bilthoven. Niet alleen de geboorteplaats van onze geblesseerde Daphni, maar woonplaats ooit 
ook van Jet van Dam. Ze liet ons een villa zien, Julianalaan 120, zei dat ze daar gewoond had en dat ze er  - het 
ondankbare nest – een rotjeugd had gehad. Wassenaar was veel gezelliger geweest. Toen we de overkapping van 
station Bilthoven bereikten begonnen het vethard te plensen na een even koude als prachtige dag.

Boshijger Johnnie


De volgende Meewind, Meewind 19, geheel in kerstsfeer gehouden, met klokjes aan de jasbeschermers en fietsen 
van cranberries, wordt op 20 december afgewerkt. Het is de laatste Meewind van 2005, want Meewind 20 is op 
3 januari 2006. Dat je het maar weet! 

MEEWIND 17 KOPER & BRONS

Meewind’s nieuwe harde kern: Matti, Hilde, Jet en Jan (Daphni kom gauw terug!) 
Pleisterplaatsen: Harderwijk-Leuvenum-Staverden-Speuld-Drie-Ermelo (28 km)

Op de dag dat er in Nederland een file stond van 569 km pakte Meewind de vertraagde trein naar Harderwijk. 
Aldaar geen fietsen. De rijwielshop aan het station had er de brui aan gegeven, net als in Nunspeet. 
NS automatiseert er als een wildeman op los. Moeten wij Harderwijk nu als fietsuit- giftepunt keihard laten vallen? 
Helemaal niet. Rijwielshop Boonen (spoorbomen over en tweede straat links) redt de eer. Niks legitimaties en borgsommen, 
de karretjes stonden al klaar, al werd Matti met een suïcidale fiets opgezadeld, waarvan het stuur alle kanten op vloog.
Onderwijl viel de regen met bakken uit de hemel. Dus zetten wij koers naar de oude binnenstad van H. in plaats 
van naar de zeiknatte Veluwe. Waar kost de gebakken schol met nieuwe aardappeltjes en sla  nog € 7,50? 
Precies, bij Monopole aan het eind van de Smeerpoortstraat met uitzicht op het Wolderwijd. Hoewel, uitzicht? 
Alles was in nevelen gehuld: de Knardijk, de dolfijnen, Harderbroek en Zeewolde. Maar toen de regen minderde, 
zat er niets anders meer op. Onder de poort door, over de historische Vismarkt en via de Deventerweg de kinky 
bossen achter Sonnevanck in. Kinky, omdat echt alles door elkaar stond: berken in een dennenbos, sparren in een 
beukenbos, maar ook weer beuken in een dennenbos en berken in een sparrenbos. Een feetselijk zooitje was het, zo 
vlak onder het Beekhuizerzand. Via de Poolseweg bereikten wij enkele absolute parels: het dal van de Leuvenumse Beek 
met de oude Zandmolen, de voorname tuin van het Roode Koper, de gelagkamer van  de Zwarte Boer, het Huis te 
Leuvenum en kasteel Staverden met duiventil. Veluwe en herfst in optima forma, drie uur ‘s middags, de zon brak door, 
bazuingeschal, wegschietende boommarters en tolderzwammen die langs de gladde beukenstammen omhoogklauterden. 
Maar geen gezwijmel, voort  over Uddelermeerweg, Koningsweg en Houtdorperveld naar Jantje van Speuld. Want zo heet  
het geraamte dat onder de grafheuvels uit de bronstijd (tussen Speuld en Speulderveld) tevoorschijn kwam. 
Jantje van Speuld,niet Matti of Ike van Speuld. De terugweg was een speuleschil: door het Sprielderbos 
naar het romantische Boshuis in Drie (je kunt er wild zwijn eten bij kaarslicht) en vandaar tussen Solsche Gat en Paalberg 
door en via Sparrendaal, Haspel, Strokel en Tonsel weer op Harderwiek aan. Geen spatje regen meer, de hele middag niet. 
Trein gemist, half uur wachten, in de spits, half zeven terug in een regenachtig Amsterdam.  

Als nom de plume kies ik vandaag voor

Mits Aangelijnd

De laatste  Meewinden in 2005:
Meewind 18          dinsdag 29 november (i.p.v. 6 december)
Meewind 19          dinsdag 20 december

MEEWIND 16 Op Allerheiligen naar LAGE VUURSCHE

Door gesloten overwegbomen bij station Hilversum kwam Meewind 16 langzaam op
gang. Maar na de koffie in Dudok zigzagden wij razendsnel langs het beroemde
Hilversumse raadhuis -zwaaien naar Ernst -, achterkant Oude AVRO, villa Jan
Nagel, doordeweeks huis burgemeester Bakker, oude VARA, nieuwe AKN-gebouw,
de VPRO-villa's, omroepcafé  De Jonge Haan, oude NCRV, hoog langs de Oude
Haven en via de Bosdrift het dorp uit. Eerst inspecteerden wij de verbouwing
van sanatorium Zonnestraal, dat zuivere voorbeeld van Nieuwe Zakelijkheid
van Duiker en Bijvoet,dankzij de centen van de diamantwerkers, u weet het:
Jan van Zutphen's Koperen Stelen Fonds. Men was goed bezig. Via een gat in
het hek verlieten wij het Loosdrechtse bos en daarbij beschadigde ik mij
fietsbel, maar kwam overigens met de schrik vrij, wat van Matti nauwelijks
gezegd kan worden, want die kreeg een tak tussen zijn dynamo (???) en
verboog daardoor zijn spatbord. Maar dat was veel later, achter het Baarnse
bosbad. Eerst kwamen nog Hoorneboegse Heide, Zwarte Berg, de beroemde
betonnen spoorbogen (beschermd monument!), de Zwaluwenberg, waar Prins
Pigalle ooit kantoor hield als Inspecteur-Generaal, de Fazantenhof
(Hollandse Rading), de Karnemelksweg, de Lage Vuursche met Drakensteijn, de
Laan van de 300 Roeden, een woest heidegebied 'De Stulp' en de Hooge
Vuursche. Na Matti's takincident jaagden wij ouden-van-dagen de stuipen op
het lijf op de rodondenderonpaadjes rond kasteel Groeneveld (bekend bij
oudere Kringleden). Snel verder langs Eemeroord, de sympathieke faunapassage
onder de A 27 (favoriet bij de levenddragende hagedis en de kamsalamander),
langs het huis van Henk van Dorp naar teringtheehuis 't Bluk, want, ja hoor,
alleen op dinsdag gesloten. Jet en Hilde (nieuwe rijdster, welkom) lieten
zich hierdoor niet uit het veld slaan en gingen op de Zuiderheide spontaan
liggen zonnen. Vanwege de verraderlijke windstoten koos de marsleider bij
het laatste deel van het parcours voor een grote omtrekkende beweging met
veel dekking van loofhout: via de Vredelaan, Diepenbrocklaan en
Derkinderenlaan - o, welk een villapracht - werd de legerplaats Crailo
bereikt (opleidingsschool voor onderbroekenfourageurs en messbedienden).
Vandaar bracht de beschutte Nieuw Crailose Weg - tussen de Bussummer- en
Westerheide - ons terug naar Hilversum.

Meewind 16 was begonnen om de appelspekpannenkoeken op het zonovergoten
terras van restaurant De Lage Vuursche, waar Jet ooit haar paard uitspande,
terwijl Jacqueline (bekend van Villa Achterwerk, dochter van radioveteraan
Jacques van Kollenburg en vriendin van Laura W.) juist weer haar bles
besteeg. 

De Erfgooiers-Meewind werd naast de al genoemde Matti, Jet van Dam en Hilde
Visser ook nog getrapt door Margit van Frankenhuysen en
 
Uw charolaisfokker 
motto: 'Begrazers tegen vergrassing'
Jan Stormbroek

MEEWIND 15 naar HOGE VELUWE

Drie auto's waren er nodig om de herfstlustigen naar het Nationaal Park te
vervoeren. Nog voor wij in het park waren ging de zaak al goed mis. Dat kwam
doordat een der bolides gezellig uit de koers raakte en de ongebruikelijke
ingang Schaarsbergen koos. Dat de equipe van Joke met de blote enkels
niettemin als eerste het terras van de Koperen Kop bereikte, kwam doordat de
leiding van het park had besloten om bij grote drukte zo min mogelijk
kaartverkopers in te zetten. Bij Otterlo stonden wij langer dan een half uur
in de rij, omdat daar alleen Anneke Bruil, gestoken in natuurbestendige
overhemdblouse, de honderden bronstige bezoekers tergend traag doorliet. Na
een stevige lunch ging onze luid burlende roedel van zeven kokette vrouwtjes
en drie sterke mannetjes de propvolle wissels op. Dat leidde al vrij snel
tot een frontale botsing met een lila kleuter, die Joke in haar kinderzitje
naar de ER kon afvoeren, waardoor zij echter zo van streek raakte dat zij
nog maar net op tijd de HUDO (houdt uw darmen open) van de camping Hoenderlo
wist te halen. Maar daarna werd het ook genieten geblazen. Van de
jeneverbessen (met hun aparte mannelijke en vrouwelijke struiken) op het
Otterlose Zand, van de zonnedauw rond Deelense Was en Ijzeren Man, van
adder, pad, moeflon en edelhert op de wildbaan, van de thee in herberg
Rijzenburg (bij Arnhem), van de verzanding op De Pollen, de venvorming op
het Deelense Veld en van de ongelooflijke vergezichten op het Oud-Reemster
Zand. De lange route (over Schaarsbergen) werd alleen door Marja S,
Patricia, Jet, Matti, Jan F. en Jan H.gereden. De kunstminnende Marianne H.,
Joke, Liesbeth en Margit maakten bij de Gymnasium Vallei een doorsteek en
stortten zich - met 12 km minder in de benen - op Van Gogh, Picasso,
Mondriaan, Oldenburg, Moore en Serra. Ook na afloop viel de boel uit elkaar:
Jan en Margit kregen gasten, Patricia en Matti brachten een bloemenhulde aan
Daphni (kniefractuur op een Venetiaanse grafzerk) en de rest zette het in
Welling op een drinken.

Jan Wildrooster

MEEWIND 16 is op 1 november. Trefwoorden: pannenkoeken en Lage Vuursche.   


MEEWIND 14: VAN HOF DER REFLECTIE TOT MOERASCYPRES

 Ik heb geheugen bijgezet en een nieuw programma (Tiger) geïnstalleerd (met externe back up) 
om jullie nog prompter te kunnen bedienen, maar daardoor is de verslaggeving wat verlaat, waarvan akte.

Meewind 14, op 5 oktober verreden, laat zich als volgt samenballen: 
Architectuur van Bhalotra in Kattenbroek, een nieuwe woonwijk aan de noordkant van Amersfoort.
 Ike moest en zou hem ons laten zien. Maar zij had pech. De stad van de keientrekkers is ook 
de stad van mijn jeugd, dus moest men eerst geloven aan een rondleiding langs de kleffe getuigen daarvan. 
Bedrog lag levensgroot op de loer. Waarom zou het gymnasium aan het Thorbeckeplein mijn oude hbs zijn
en waarom stond dan het volgende gymnasium, een prachtig Dudok-bouwsel iets verderop, te koop? 
Waarom zou het mooiste huis op de hoek van de Muurhuizen (nr. 148) mijn geboortehuis zijn geweest, 
waarom had Rosita Steenbeek in een sprookjeshuisje aan de Prins Frederiklaan Intensive Care geschreven 
(in gipscorset, aan het bureau van haar vader) en waarom, o waarom was uitgerekend het huis met de 
majestueus gewelfde rieten overhuiving op de voorplaat van ARCHITECTUUR in AMERSFOORT het huis 
waarin ik van mijn tweede tot mijn twintigste mijn gelukkige jeugd doorbracht? 
Wij zullen het nooit weten. Nadat wij bloemen hadden gelegd op de kruising Anna Poulownalaan/Utrechtseweg, 
waar ik op 6 oktober 1954 bijkans werd doodgereden, liet de koffie bij Louis en Agnes Houet, onder aan de 
Vondellaan, zich goed smaken. 
Maar Louis bracht ons direct daarop naar een fusilladeplaats, met de woorden van Hooft: 
		  De lofkrans groenens nimmer moe,
            die komt het haar der zulken toe,
            die het al voor het algemeene wagen.
En zo is het natuurlijk ook. Maar voort ging het, langs de dansstudio van Dan Bearda, Rietveld’s Zonnehof 
met vroege portretten van Nolde, de synagoge, het Huis van Oldenbarnevelt, het Mondriaanhuis, 
de lange Jan (96 m. hoog), het Armandomuseum, de Joriskerk, het Havik en de Koppelpoort. 
En toen was daar Kattenbroek, alhoewel het landgoed Schothorst (insectentuin, sterrenwacht) 
zeker ook vermelding verdient. 

Zou Ashok Bhalotra ons weten te verleiden met zijn thema’s (reizen en thuis zijn, de vier seizoenen), 
stijlcitaten en post-moderne beeldtalen. Nou en of!
Wij fietsten langs Castellum en Bastion, over Het Masker en de Laan der Hoven,            
door de Hof der Liefde en de Hof der Reflectie, kwamen in zijn ban en genoten van olifantjes-pictogrammen, 
frontons, timpanen, glazen overkappingen en putdeksels, boomfonteinen en ruimteschotels, Nieuwe Muurhuizen 
en Verborgen Zones. En toen werd het tijd voor koffie en kroket in de zon aan het grote water. 
Terug naar de oude binnenstad waar de groep (Ike, Liesbeth, Louis, Patricia, Marianne en - nieuw!- Jet van Dam) 
uitwaaierde over terrassen, antiquairs en exposities. Ik bleef bij de Bokbierbrigade en bewonderde de laarzen 
van Rebecca in een theatercafé dat uitzag op de driehallenkerk van mijn betreurde kinderdoop. 
En bij wijze van uitsmijter: Nimmer zagen wij hoger en schoner moerascypres dan vanaf de waterpoort Monnickendam. 


Meewind 15 is  op dinsdag 18 oktober en gaat gewis de herfst vieren.

Met boletengroet,

Johannes van Cattenbrouckx tot Cantharel

HOOIWIND 13 op 21 september 2005

VAN ROELOFARENDSVEEN NAAR RIJNSATERWOUDE

De bekoorlijke deerne stond 'in medias res', maar niet minder pontificaal op het fietspad langs 
het Zwet tussen Hoogmade en Woubrugge. Mooi stevig, onbestemde inzoom-ogen, een en al lokstof. 
'Ik ben Annegien' zei ze hartelijk 'en als jij geen Jan heet, Jan van Meewind, dan eet ik jouw hoed op. 
Ja, ook het platteland weet de Welling-site allang te vinden. Maar waar zijn je stoere pedalettes gebleven? 
Sta je er alleen voor? Kom dan maar gauw mee in het hooi?' 
- Hoezo, in het hooi? Is het hooimaand ofzo, heerst er hooibroei?
- Nee, hooibroekje, we gaan samen spelen, biologie, kennis opfrissen en zo.
- Toch geen voortplanting, Annegienewien?
- Nee, alleen erogone zônes en minnespel.
- Dat treft, ik heb de knielier in mijn rugzak.
- Laat die maar zitten, alleen de panfluit mag mee.
- Over panfluit gesproken, wij zijn hier in de 'biblebelt', godvrezende meisjes als jij weten  
  heus wel dat Ware Liefde Wacht tot in het huwelijk.
- Tot in het hooi, zal je bedoelen. Maar eerst gaan we zwemmen.
- Ik heet wel Haasbroek, maar daarom heb ik nog geen badbroek bij me.
- Niemand heeft een badbroek bij zich, de badbroek ligt eruit, kom mee. 
- Voor mij zijn seks en liefde gekoppeld of zo.
- Patricia vindt het allemaal goed. Ik heb gesmst. Zij wil de vrouwen straffen die jou alleen 
  laten fietsen.
- Je lijkt op Patries, Annegien, jullie zijn allebei grote, onstuimige schatten.  
  Zullen we vragen of ze ook komt hooien? 

Het werd een heerlijke middag. Zo lichtvoetig ook. Niks monumenten en uitsmijters en springbalsemien. 
Annegien friste stukken biologie op, waarvan wij aan ons water voelden dat die nooit klassikaal onderwezen waren. 
Verder klap ik niet uit de school; onze hooiberg was geen Big Brother. Na Annegien kan ik niet ook nog de complete route 
uit de doeken doen. Ik herinner mij - na de mijt - alleen nog Paradijsweg, Heilige Geestlaan en kalebassen. Maar omdat 
Ron H. mijn verhalen nooit gelooft als ik in mijn Pierlala-eentje heb gemeewind (of is het meegewind?), 
noem ik nog twee feiten waaruit onomstotelijk blijkt dat Meewind 13 allerminst een virtuele aangelegenheid was:
 Annegien werd op 19 februari 1954 geboren en op het veer bij Oude Wetering lag de maximale asbelasting 
1000 kg boven de minimale wieldruk. Ga zelf maar kijken!

De moraal van dit reisverslag is geen dreigement. Ik reken mijzelf niet rijk. Ik weet heus wel dat solo-Meewinden 
geen enkele garantie inhouden voor evenzovele hooischelven. 
Ingaan tot Annegien, zulk een voorrecht smaakt de bronstige reisleider niet vaker dan onze Heiland over het water liep. 

MEEWIND 13 ging per trein naar Schiphol, met  Interliner 370 naar Alphen aan den Rijn en vandaar per fiets 
langs de Oude Rijn naar Gnephoek, Koudekerk, Hondsdijk en Leiderdorp, verder naar Hoogmade, Ruige Kade, 
Woubrugge, veer over het Paddegat, Roelofarendsveen, langs de BRAASSEMERMEER, veer naar Rijnsaterwoude, 
Leimuiden,  Bilderdam, Langeraarsche Plassen, Papenveer, Bovenland, Ter Aar (ijs bij bakker Vuyk), Ridderbuurt, 
Alphen busstation (50 km).

MEEWIND 14 is op woensdag 5 oktober. Thema: Architectuur in Amersfoort. 
Geef je tot  maandag 3 oktober 18.00 per mail op, want onze gids wil weten op hoeveel mensen hij kan rekenen. 
Ik til (zie boven) daar zelf inmiddels wat minder zwaar aan.


Meewind 12

Tussen Meewind 11 en 12 zat maar een 
week. Het goede weer bleef. Wij hoefden
alleen de sprong te maken van strandvermaak naar heidejolijt. Zou het ons
lukken op één dag tien heidevelden te 'nemen'? Het bleek een pijpestrootje
van een cent. Ik noem, in volgorde van opkomst de Limitische Heide (1), de
Nieuw Bussummer Heide (2), de Vliegenheide (3), de Tafelbergheide (4), de
Blaricummerheide (5), de Noorderheide (6), de Zuiderheide (7),  de
Westerheide (8), de Bussummerheide (9) en de Fransche Kampheide (10). De
Postiljonheide (onder Laren) reken ik niet mee, want daar reden wij alleen
maar langs. Zijn heiden één pot nat? Voor den drommel niet. Ik zal er eens
wat reliëf aan geven. De heide met de mooiste naam was de Limitische, tegen
Huizen aan. Hoe kom je er op? De meest paarse heide was de Westerheide bij
Hilversum en gelukkig was dat ook de grootste. De Zuiderheide moet
uitkijken, want die is verschrikkelijk aan het vergrassen en dan wordt een
heide een grasveld, waarop je beter kan gaan staan tennissen. Dus, kijk uit,
Zuiderheide! Het ergste is, wat heel vaak voorkomt, dat een heide een bos
wordt. Dat overkwam de Noorderheide en de Fransche Kampheide onder het Luye
Gat. Tot nu toe lijkt Meewind 12 erg heiderijk. Mis! Meewind 12 was
misschien wel de meest veelzijdige Meewind tot nu toe. Wij monsterden de
sociale woningbouw in Bussum (het tuindorp rond de Keizer Ottostraat), reden
langs de stulpjes van Jan Mulder, Harry Lockefeer en Ad Melkert, bezochten
Naarden Vesting (en wie Naarden Vesting zegt, zegt Harmke Pijpers, Jan Amos
Comenius, Hein Groen, Paul Fagel, Mattheus en Jan de Bouvrie) en staken de
voeten bij Oud Valkeveen in het Gooimeer. Natuurlijk inspecteerden wij ook
twee Talpavestingen: de rustieke Hofstede Oud Bussum (in Bikbergen) en het
tv-kantoor aan het Larense Zevenend. De prijs voor de goorste koffie van
Meewind 1 t/m 12 gaat naar 'De Doelen' in Naarden t/o de Vranse Gans en
Kwakman brood en banket. Denk nu weer niet dat de Gooise heide-editie van
Meewind in mineur eindigde. Het ijs bij Dolomiti in Bussum was 'toppie' en
ook de ruime villa aan de Spieghelkant van het spoor, waar Eli A. en Arnold
H. elkaar ooit de tent uitvochten, hadden wij, Daphni, Bertie en uw dit keer
kortgebroekte reporter, niet graag willen missen. Volgens hardnekkige
geruchten fietst Meewind mei 2006 naar Rome (strenge ballotage). Meewind 13,
komt allen, is op 21.09.05, zelfde tijd, zelfde plaats.

Jan Haasbroek

De route op 7 september: Station Naarden-Bussum, Huizerweg, Brediuskwartier,
Naarden Vesting (met Arsenaal en Vituskerk), Bikbergen, Oud-Valkeveen,
Oud-Naarden, Trappenberg, Tafelberg, Blaricum, Laren - Brink, Zevenend, Oude
Postweg, St. Janskerkhof, Doodweg, Gebed zonder end, Bussum, Ceintuurbaan,
Bussum-Zuid, Fransche Kamp, Het Spieghel, station Naarden-Bussum. Wij zagen
veel van Bussum , Naarden en Laren en schampten langs Huizen, Blaricum en
Hilversum. 

Meewind 11

Meewind heeft gezwommen, Meewind 11 koos 

- voor het eerst - het ruime sop.
In Zandvoort aan de Zee. Op de laatste woensdag van augustus. Over de 30
graden was het. De treinen naar Zandvoort puilden uit. In Haarlem moesten
defecte treinstellen worden afgerangeerd, zodat wij eindeloos op een
Spaarnebrug moesten wachten. Alle fietsen op station  Haarlem waren
uitgegeven. Misschien kon de Wolkenfietser ons nog helpen. Een moordende
taxirit, maar te laat. Door naar de Gierstraat. Daar wisten wij de laatste
drie huurfietsen van het Kennemerland te confisqueren. Dat heeft vooral
Daphni geweten. De verhoudingen van haar fiets klopten niet. Haar hoofd zat
bij de trappers, haar knieën torenden hoog boven haar uit. Maar.... geen
kick. Bartje stond erop dat we haar jeugd gingen narijden. Alles weten wij
er nu van: haar geboortehuis in het Florapark, doktertje spelen in het
koetshuis, de eerste kusjes op het Nauwe Geldloze Pad, het  huis van de
moeder van Mooie Cees (hier kruist Bertie even ons pad), het Montessori
Lyceum op het landgoed Elshout en nog veel meer. Kraantje Lek was dicht maar
via Wurmenveld, Paardekop en Kaaimansdek (zeg maar achter de golfclub en het
autocircuit langs) bereikten wij tenslotte Riche, de hotspot van de keizerin
van Hoppe, de coolest kick. Daphni stond, zoals het een Griekse betaamt,
binnen twee tellen met haar zwarte jurk in de branding en    de iced
cappuccino,  tequila sunrise, buttifaritas (tapaskruising tussen worstje en
gehaktbal) en warme geitenkaas waren vlot naar binnengewerkt.
Ook Bartje en Jantje namen nog een duikje, maar daarna moesten  de
noordelijke Kennemerduinen nog befietst. En dan heb je het gauw over
Koebocht, Dronken Del, Oude Schoen, Bruid van Haarlem en Doornen Gat. Over
Doornen Gat gesproken, twee zaken braken onze beachbabes op: fietsen zonder
slip en fietsen in nat badpak. Ja, strandvermaak kan duchtig schrijnen.
Beide euvelen werden echter fluks en zonder gêne op de openbare weg
verholpen en daarna konden wij ons via de ruïne van Brederode (Santpoort),
de Middenduinendaalseweg (Bloemendaal) een vriendin op landgoed Belvedère
(Overveen), het Houtmanpad (Haarlem), bus, trein en tram ons om 19.00 uur
weer afmelden bij de even bezweten als jaloerse Matti.

Jan Haasbroek

Volgende Meewinden: 7 september (hei in bloei), 21 september
(Westeinderplas?), 5 oktober (architectuur in Kattenbroek, met deskundige
gids) 

MEEWIND 10 NAAR NEW YORK of een halfje Rotterdam

Soms kan het zomaar gebeuren dat er zeer boos weer op til is. Zit de
routeplanner dan met de handen in het haar? Natuurlijk niet. Hij trekt dan
gewoon het grote stadsscenario uit de kast. Want daar zijn de schuilplaatsen
en het is een ingesleten misverstand dat fietsen alleen mogelijk is in
dennenbossen,  op schelpenpaden of tussen konijnen en runderen. Rotterdam is
heel geschikt met zijn ondergrondse metro en zijn fietspad onder de Maas
door. Een nadeel van Rotterdam is dat de bruggen er gemeen kunnen dansen en
dat de vermaarde koopgoot maar al te gemakkelijk vol stroomt. Op dus naar
Rotterdam, heen over Haarlem en terug over (of eigenlijk onder) Schiphol.
In het begin ging alles nog goed: het Schouwburgplein, langs Rodin's
"'l Homme qui marche", door het Museumpark, zonnige koffie tussen Kunsthal,
dynosaurussen en bronzen hazen en voort langs Noorse en Deense
zeemanskerkjes, 'De Dubbele Palmboom', de destilleerderij van Henkes, het
huis van Piet Heyn en de Middenkous, de nieuwe Mullerpier met het
kijkbuisplein, de Euromast, Zochers, Parkheuvel (Helder's drie sterrentent),
het ventilatiegebouw van de Maastunnel, Parklaan en Veerhaven, het
Spidoponton en de Erasmusbrug. Net voor de bui binnen bij Hotel New York
voor een overvloedige lunch met mooie flessen Piquepot of Poquepit. Daarna
werden wij meegesleurd door de tsunami, dwars door het Poortgebouw, hangend
aan de Hef, ons vastklampend aan Van Nelle en een levensgroot potlood,
daarna tegen de toren van de Laurenskerk aangesmeten, weer opgetild door
Erasmus, verzwolgen door de koopgoot en ten slotte aangespoeld in de
Pauluskerk van junkenherder ds. Hans Visser. Lucebert had gelijk: alles van
waarde bleek weergaloos weerloos. Het spreekt van zelf dat Meewind
terugkeert naar Rotjeknor, want door het barre weer zijn wij aan de helft
van de kleddernatte havenstad - Kralingen, Hillegersberg, de Rotte, de
bossen en plassen (om van de Heyplaat, Kethel,  Rhoon en Poortugaal nog maar
te zwijgen) niet toegekomen.

Meewind 10 werd gefietst door Daphni, Patricia, Joke G., Dodeke Doni
en - nieuw! - de wiskundige Jan van F van Margit. En natuurlijk door uw
chroniqueur Jan Natvacht, die eindigt met enkele tijdingen:

Meewind 11 verspringt wat mij betreft van de derde naar de vijfde woensdag
van augustus en is dus op de 31ste, omdat ik 17 augustus in Frankrijk zit en
24 augustus - net als Harmke Pijpers - bij Talpa TV in Laren.

Winnares van de quiz het Midden van Nederland is Ike Cialona. Het moest
volgens haar in Diever liggen (bekend van 'Ga liever naar Diever') en dat is
bijna goed. Scherpslijpers kiezen voor Ruinerwold, in de polder 'Achter de
koehekken', maar dat is vlakbij, dus wie daarover zeurt is een kniesoor.
Van harte Ike,  zo ken ik je weer.

Hoe komt het midden van Nederland in Drenthe terecht? Dit komt doordat het
noordelijkste en zuidelijkste punt van Nederland allebei zo onbehoorlijk
oostelijk liggen, met als derde tegenvaller dat het oostelijkste punt ook
nog weer heel noordelijk ligt. Gelukkig kan het westelijkste punt niet in
het oosten terechtkomen, maar dit ligt weer idioot zuidelijk. Dat is maar
goed ook want als het westelijkste punt ook nog in het noorden zou liggen
dan verschoof het midden van Nederland van Drente naar Groningen en dat zou
helemaal niemand meer geloven.

Het noordelijkste punt van Nederland ligt aan de westzijde van de
Rottumerplaat (prov. Groningen).
Het zuidelijkste punt ligt in Zuid-Limburg, 1 km onder Kuttingen (ik kan het
ook niet helpen), vlak bij het Belgsiche Sippenaeken en  8 km ten westen van
het drielandenpunt op de Vaalserberg.
Het oostelijkste punt is de grens met Duitsland op de A 7, iets ten oosten
van Nieuweschans (alweer in Groningen).
Het westelijkste punt van ons land ligt in Zeeuws Vlaanderen, bij grenspaal
359 iets ten westen van Sint Anna ter Muiden.

Genoeg aardrijkskunde, tot de volgende Meewind

MEEWIND 9 op 20 juli 2005

Naar het MIDDELPUNT van NEDERLAND.

Waar ligt het middelpunt van ons land? Dat is maar hoe je het berekent*. In
Lunteren pochen ze dat het daar ligt. Een dikke twee kilometer ten
noordoosten van de dorpskern. Dat wilden wij wel eens zien. Aan het slot van
een even schitterende als moordende queeste door De Sysselt, Quadenoord,
Ginkelsche Heide, het onwaarschijnlijk ongerepte Noord-Ginkel,
Nieuw-Reemster Veld, Planken Wambuis, Mosselsche Veld (met uitzicht vanaf de
Valenberg van de Harskamp tot Terlet), Roekelsche Bosch, De Valouwe, het
Wekeromsche Zand en het Lunterensche Buurtbosch bereikten wij via een
berkenlaantje de lullige, 51 meter hoge, Lindenboomsberg, waar het dan zou
moeten zijn: het centrum van Nederland. Toen we het topje van de berg
bereikt hadden, begon het spontaan te regenen. Kort daarop bouwden wij in
restaurant de Goudsberg (of was het De Blije Werelt, of de Leperkoen) van
twee spek- en een appelpannekoek drie voldragen appelspekstrooppannekoeken.
Die hadden Daphni, Patricia en ik wel verdiend. Geen ruiterpad was ons te
mul geweest, geen hek te hoog en geen tourniquet te benepen. Wie wil leren
hoe hij zware huurfietsen door te kleine draaihekken moet persen, kan bij
ons op cursus. Ik bespaar jullie graag de talloze vroege klokbekers,
luchtlandingsmonumenten, schaapskooien, prehistorische grafheuvels en
exotische hooglandrunderen die de speelse cocktail van de Heide-, Wekeromse
Zand- en Airborneroutes aan ons opdrong. Met de parachutisten en de profeet
Jesaja zou ik wilen zeggen: 'They shall mount up with wings as eagles'.
Nog even iets over de opkomst. Die was bedroevend en dat fietst heel
ontspannen. Ik zoek tot de bodem uit of Meewind inmiddels dwars gezeten
wordt door een geheime afsplitsing. Voorlopig verdenkt Daphni Irving ervan
dat hij - met van hulpmotoren voorziene omafietsen - post-menopauzale
vertaalsters ronselt.

Volgende Meewind: de eerste woensdag in augustus = 3 augustus, 10.00 uur
v.m., Amsterdam-CS westzijde. Bestemming: even geheim en spectaculair als
jullie gewend zijn, voor zover jullie komen opdagen.

*Binnenkort hoop ik te promoveren op de studie: "300 MOGELIJKHEDEN OM HET
MIDDEN VAN EEN LAND MET GRILLIGE OMVANG VAST TE STELLEN". Een optie wil ik
hier onthullen. Het midden van een land is het snijpunt tussen het meest
noordelijke en zuidelijke en het meest oostelijke en westelijke punt van een
land. Wie kan berekenen waar dat (voor Nederland) is wordt het eerste erelid
van Meewind. Ik zal de oplossing bij het verslag van de volgende Meewind
bekend maken.

j.h.
  

Meewind 8 op 13 juli

Waterland namen wij overdwars. Van links naar rechts, van west naar oost.
Van Landsmeer naar Durgerdam, over Den Ilp, Ilpendam, Overleek, Broek en
Holysloot. Door Ilperveld, Varkensland, de Buiten- en Binnenweeren,
Belmermeer en Smeerketel, wie kent ze niet? Langs Molensloot, Leek,
Kinselmeer en W.H. Vliegenbosch. Over de Overleker en Bloemendaler gauw. En
dan zie je heel wat ganzen en dit keer ook de nodige kemphanen. Wij
doorstaken de ecologische hoofdstructuur (EHS) gedrieën. Daphni, de bofkont,
gesecondeerd door Irving en Jan, 52 lange, hete kilometers en vier
overzetveren (Buiksloterweg, Ilpendam, Holysloot en Meeuwenlaan). De salade
nicoise gedrenkt in Southern Creek genoten wij bij een adjunct-inspecteur
ruimtelijke ordening op de puur illegale camping 'De Kikkers' in de knik van
de weg naar Ransdorp. In huisje veertien voor intimi. Marian, onze
gastvrouw, bleef op de terugweg aan een vogelaar hangen, de gevreesde Menno
met de Leica, maar gelukkig hoefde haar vriendin Iet onderweg alleen maar
wat collega's uit het volwassenenonderwijs van zich af te slaan. Wij zouden
nog wat bier pakken bij het Sluisje aan de Nieuwendammerdijk, maar daar was
een drukke begrafenisafterparty aan de gang, zodat we snel doorreden - langs
de Noordwal met prachtig uitgezicht op het nieuwe Muziekgebouw  - naar
Welling, waar alle vrouwen die vanwege drukke werkzaamheden niet meekonden
(een Joke, een Ike, een Patricia) al lang en breed zaten te pimpelen.
De schavuiten!

Jan Haasbroek

Meewind 9 is alweer a.s. woensdag 20 juli en verloopt volgens het klassieke
procedé: geen eigen fiets mee (want met de trein en huren), niet aan- of
afmelden, geld mee voor lunch en fietsenhuur, onbekende, maar dit keer
bosrijke bestemming en als altijd tien uur sharp op Amsterdam C.S. -
westzijde. Ik reken op een uitbundige opkomst.

Meewind 7 alweer

De eerste keer zonder 'trein-aanloop', dus verzamelen op
het eigen ros om tien uur scherp. Riët was net te laat, maar voegde zich
gelukkig 's avonds bij ons en was onverdroten in haar eentje gaan fietsen,
in de hoop ons nog tegen te komen. Ijdele hoop, want een peloton van tien
(vier nieuwe gezichten: Daphni, Rogeria, Doré en Dorien) zie je weliswaar
niet over het hoofd, maar waar was het heengegaan? Niet naar Marianne, bij
wie wij zouden lunchen in Waterland. Zij was getroffen, de arme, door een
deerniswekkende druipneus. Ons nieuwe lunchdoel werd WEROMERI, een
weergaloos dieptepunt van Noord-Hollandse horeca, toch al geen aanrader.
Wij bereikten WEROMERI via Brouwersgracht, Zaanstraat, Hemveer, Artillerie
Inrichtingen, Czaar Peterhuisje (gesloten), Duyvis, Verkade, Honig en
aanverwante mosterdmolens en zeepziederijen. U leest het goed: de
Zaanstreek. WEROMERI, het noordelijke keerpunt van Meewind 7, ligt met zijn
rug naar de Zaan, tussen 'Polder Westzaan' en 'Polder Wormer, Jisp en Neck',
ter hoogte van Krommenie, vlak voor Oost-Knollendam, zo'n 18 kilometer vanaf
Amsterdam CS. Ga hier nooit heen, naar WEROMERI (WEndy/ROnny/MEta/RI?), het
is er verschrikkelijk. Er mag helemaal niks. Je mag er geen kraanwater, geen
bruinbrood, geen eigen crackers meenemen en als je er een uitsmijter bestelt
met drie boterhammen (i.p.v. twee), er naast, niet eronder, een bruine, een
witte en een volkoren, de ene zonder, de tweede met echte boter, de derde
met Becel en twee dooiers, eentje doorgeprikt, eentje heel, de ham wel
meegebakken en de kaas niet, gewoon zo'n uitsmijter waar je recht op hebt,
dan kijken ze je aan alsof je een ongebruikelijke bestelling plaatst, die
botte boeren, en schoppen ze je hun gastvrije erf af. Vind je het dan gek
dat wij alle pepervaatjes hebben losgedraaid, de maggi hebben aangelengd met
haarlak, het glaswerk geverfd met lippenglos en de lepels hebben platge-
slagen en de vorken omgebogen? Was het toen niet meer dan logisch dat wij
alle tien ineens afzonderlijk wilden afrekenen, niet kleiner hadden dan
briefjes van € 1.000,-- en dat wij van onze gebruikelijke gulle fooien
hebben afgezien? Tot zover WEROMERI, ik wil er geen woord meer over horen.
De terugweg kon eigenlijk alleen nog maar meevallen en deed dat ook. Een
stevig windje tegen, door wonderschone gebieden: de Engewormer, de
Wijdewormer, het Oostzanerveld, het Twiske, de Kadoelen en Buiksloot en op
de pont achter het station nog een verfrissend buitje tot besluit.

datum:            15 juni
peloton:          Inge, Joke, Ike, Liesbeth, Irving, Jan en de 4 opgemelden,
                  totaal 10 pedalettes.
thema:            Zaansche Schans: mosterd, maggi, zeep, chocola en crackers
afstand:          43 km

MEEWIND 8 = op 13 juli. I.v.m. lunch bij Marianne graag tevoren via mail
aanmelden. Eigen fiets mee.

Doei,

Johannes van Dam

……voor wie het toch niet laten kan: ontdek nu zelf WeRoMeRi….


Meewind 6

Meewind 6 begon raar. Wij pakten de spooktrein. De Intercity van 10.19 uur
naar Den Helder, die volgens de gele vertrekstaat juist op 17 mei niet
rijdt, verscheen weliswaar laat op de borden, maar kwam wel degelijk rond
kwart over tien vanuit Nijmegen binnenlopen langs spoor 8. Dody en Patricia
waren niet komen opdagen, de eerste stikvol koortshoest, de tweede tegen een
dead-line aan. Arme meisjes. De kaasstad verlieten wij noordwaarts langs het
N-H-kanaal om na de ringweg onder het spoor door te duiken, de paarse
bollenvelden in. Het was daar dat twee Meewindelaren - Katja en Marianne -
ontdekten dat zij beiden op 'het Lorentz' in Eindhoven hadden gezeten, zodat
het gesnoef over leuke jongens die zij van elkaar afgepikt hadden voorlopig
niet van de Hollandse prachtlucht was. Nog gekker werd het toen vele
kilometers noordelijker bleek dat zij in Camperduin ook nog pal tegenover
elkaar de vakanties hadden doorgebracht. Hoe dan ook, het 'Huis met de
pilaren' was dinsdags gesloten, (al zagen wij de Prins der Dichters wel
degelijk achter het raam aan de koffie) en de ruinekerk (er zitten geen
trema's op mijn internet) bij de Eerste Bergensche boekhandel was nog steeds
een puinhoop. Dus kwam de koffie pas bij 'Duinvermaak' met zijn hoge
gebrandschilderde ramen. Katja leidde ons behendig langs het klimduin van
Han de Hobo om via Aagtdorp, Schoorl, Catrijp, Groet en Hargen haar
popperige kampeerhuisje 6 op camping 'De Bocht' aan ons voor te toveren.
Vliegenvlug door daarna - noordwester in de rug - langs Tjalkshoek,
Zeeblink, Buizerdvlak, Biobus en Indische Duinenhuis (Van Dis) naar huize
'De Vrijheid' waar Bartje klaarstond met een gebroken staafmixer (arme
Bartje), ijskoude rosees (er zitten geen accenten op mijn internet) en
knapperige focaccia.
Uren zaten wij te zitten en te eten en te drinken in een zee van duinen met
hier en daar een loden kip, een verstoorde tapuit en een wegschietende
fazant. Ondertussen zocht Christine van Hout heel Bergen aan Zee af, terwijl
ik haar nog zo attent gemaild had dat wij vanaf 14.00 uur in het
zuidelijkste huisje van het dorp verwacht werden en zoveel zuidelijkste
huisjes zijn er echt niet in Bergen aan Zee. Arme, arme Christine.
Moederziel alleen fietste zij door de Zaanstreek - meewind, dat wel - terug
naar de hoofdstad. Nee, dan wij. Wij reden over de Zeeweg, het Wiertdijkje
en door de Damlander- en Loterijpolder terug naar Alkmaar. In de trein
slaagde Matti erin de bekoorlijke, 34-jarige Henriette (nog steeds mis ik
trema's) helemaal gek te maken met een miniscuul rupsje, dat hijzelfs over
zijn broek liet lopen op de plaats waar zich zijn machtige ..... schuil
houdt. Arme, arme Henriette en arm, arm, arm rupsje. Hoog tijd voor wat
'credits':
fietsers: Katja B, Marianne H, Ika S, Matti van B, Inge K en Jan H.
thema   : "'s Nachts alleen in een groot leeg huis"
afstand : 30 km  
datum   : 17.05.'05

Tussen 26 mei en 9 juni zit ik in Duitsland. Misschien dat Inge Kloosterman
een spectaculaire Meewind-aflevering lanceert (op 31 mei of 1 juni?). Volg
uw mailpost of www.cafewelling.nl!!! In ieder geval is er ook weer een Meewind op 15 juni naar
Waterland. Vaarwel!

Jan Groetbroek

FIETSRAPPORT MEEWIND V

Dit keer een verslag in telegramstijl.
datum:      4 mei 2005
deelnemers: Brigit (tegenkam en schetsboek)
            Christien (wedstrijd met rolstoeler)
            Dodi (foto van donker bos)
            Eveline (hele tocht op lekke band)
            Ike (wilde hyacint)
            Jan (eigen landgoed)
            Patries (gevaarlijk takornament)
thema:      'Zij die vielen'
gedicht:    "Ik luid tot roem en volging
            van die hun leven gaven
            tot wering van onrecht,
            tot winning der vrijheid
            en tot waring en verheffing
            van al neerlands geestelijk goed."
quizvraag:  Wie is 'ik' in dit gedicht?
__________________________________________________________________________
inspectie:  Voorbereiding plechtigheden.
checkpunten: Werkt de Bourdonklok?
             Is de Brandweer Zeestrook paraat?
             Is het excercitiepeloton op sterkte?
             Staan de chemische toiletten in slagorde?
             Zijn de Binnenlandse Strijdkrachten van zessen klaar?
rapport:     Alles in orde bevonden.
__________________________________________________________________________

flora:      kardinaalsmuts, akkerhoorn, salomonszegel en look zonder look.
fauna:      de rosse woelmuis.
weer:       chilly, met onbestemde mistflarden.
lunch:      pannekoek naturel met Kwekkeboomkroket.
landschap:  hoge paraboolduinen.
route:      Koekamp, Haagse Bos met noodhomosexualiteit, PALEIS BEA,
            Duindigt, Clingendael, Vlakte van Waalsdorp, Vallei Meijendel,
            Kijfhoek, Bierlap, De Kieviet, GROOT HAESEBROEK, Kasteel
            Oud-Wassenaar, Wilde Zee, Eikenhorst (= PALEIS PRINS PILS),
            Veenwatering, Kasteel Duivenvoorde, De Zijde, Leidschendam,
            Mariahoeve, Schipholboog, Haverkamp, Haagse Hout, Grote Vijver,
            Malieveld, Den Haag Centraal.
kaarten:    Cito Den Haag (16e editie) en ANWB 66.
afstand:    25 km.

Schrijf alvast in je agenda:
Meewind 6:  17 mei, Pinksterdrie.
Meewind 7:  15 juni
Meewind 8:  13 juli

LET OP: Voor Meewind 6 moet je je - vanwege de lunch - van tevoren opgeven.
We gaan naar Bergen aan Zee, waar Bartje ons in haar duinhuis verwelkomt en
laaft. Wil je mee, mail mij dan tot 11 mei 23.00 uur. Daarna is de inzending
gesloten, want dan moeten wij broodjes gaan smeren.

Een nederig saluut,

Jan Groot Haesebrouckxs


Meewind 4

datum:          20 april 2005
deelnemers:     Dody Dony, Inge Kloosterman, Christien van Hout, Jan Haas
thema:          BLOESEMPRACHT
route:          Culemborg, Beusichemse Veer, Prinses Irene Sluizen, Wijk bij
                Duurstede, Cothen, Langbroek, Overlangbroek, Amerongen,
                Eck en Wielse Veer, Mourik, Rijswijk, Prinses Marijke
                Sluizen, Zoelmond, Beusichem, Culemborg (40 km).


Meewind 4 voerde door twee provinciën, over twee gierponten en langs fraaie
specimen van weekmarkt, ridderhofstede, boerenwetering en allodiaal goed.
Wij noemen hier slechts kasteel Duurstede, het Huis te Amerongen en
buitenplaatsen als Hardenbroek, Hindersteijn, Zuilenburg en Natewisch.
Bijzondere aandacht gaven wij het 'copen- of slagenlandschap' (langwerpige
percelen met loofhout) tussen Utrechtse heuvelrug en Lek en Neder-Rijn.

Wie denkt aan bloesem, komt meestal niet verder dan de appel, de peer en de
kers. Juist daarom was deze tocht zo leerzaam. Niet de zoveelste modale
Betuwe Flipjetrip, maar een kennismaking met veel minder courante bloesems
als de bosvruchtenbloesem, de preibloesem, de cappuccinobloesem en de
zuurkoolbloesem. (Laat Bas daar maar eens een vuurwaterjte uit stoken, als
ie durft.) En alles in bloei natuurlijk.

Ontbrak de literatuur dit keer? Welzeker niet. Wat dachten  jullie van
Achterberg, die immers op Klein Jagersteyn ter wereld kwam als zoon van de
koetsier van de graaf Van Lynden van Sandenburg en wiens liederlijke moeder
zich maar wat graag afgaf met de adellijke hanzen. Wij laten de somtijds
door de waanzin bezochte poëet zelf aan het woord:

"De zomerwijn klimt in de beken en de bomen
 en door mijn aderen omhoog tot in mijn dromen
 Heldere, godgelijke dronkenschappen
 doen beeld en werkelijkheid tesamen komen."

Wat hier nog aan toe te voegen? Misschien alleen dat het tussen de middag
steeds moeilijker wordt om een broodje kaas te pakken te krijgen. Ik moest

in 'De Engel van Dorestad'aan de gepaneerde Camembert met cramberrycompote
en daar hing ook nog een gefrituurd prijskaartje aan.

Maar wat mopper ik? Meewind 5 is alweer op 4 mei a.s.

Jan van Langbroek tot Darthuizen

Meewind 3 alweer.

Bussum/Naardermeer/Vecht/Spiegelpolderplas/Ankeveen/'s Graveland/Hilversum

Koloniale huizen - oude studio's en Indonesische lekkernijen.


"Wat heeft het leven voor zin als een Mensch de eenzame roep van de
nachtzwaluw niet meer kan horen of het gesprek van kikkers 's avonds rond de
vijver?"

Vijf deelnemers, net als bij Meewind 2, maar weer een geheel nieuwe ploeg
(Liesbeth Stheeman, Ika Sorgdrager, Patricia van Mierlo, Hans Polak en uw
grondlegger). Geruststellend onvoorspelbaar allemaal. Ik had Nunspeet in
mijn hoofd, vanwege de beloofde zon in het noorden, maar het werd
Naarden-Bussum met zijn schitterende stationshal. Die gebrandschilderde
ramen! Mensen die voor vijven thuis moeten zijn om respectabele redenen -
verzorging van dierbaren, onderhoud aan have en goed - leggen Meewind een
soms wijze beperking in de actieradius op. De voorfietser dreigt soms door
te slaan. Maar goed, Naarden-Bussum dus dit keer. Eerst door Het Spiegel
met zijn oeverloos tuinierende vrouwen, dan via de Fransche Kampheide en
het Luije Gat achter de Hilversumse Meent langs door de Nieuwe Keverdijkse
Polder - tussen 'wetlands' en laarzenpaden naar het Naardermeer - op De
Hoorn aan. Wel even heel wat anders dan Jan Wolkers (Meewind 2). Voor de
Vechtbrug linksaf langs Rundervreugd en Oudervrucht en dan langs de
Spiegelplas en over het Bergse Pad naar Ankeveen. Via de Stichtse Kade en
het coulissenlandschap van 's Graveland door het Spanderswoud naar
Hilversum. Toen hadden wij waarachtig wel een lunch in een sterrenrestaurant
verdiend. Dat werd dus Oost-Indisch tafelen - MAKANAN TENGAH-HARI - in de
Spandershoeve ('Het Enge Bos' voor intimi), geïnundeerd door een beslist
kokette Kaapse Chardonnay-Overflakkee. De geplande route door aantrekkelijke
delen van Het Gooi kon hierna worden ingekort tot een snelle terugtocht naar
Bussum door de gerenoveerde Zanderij Crailo, compleet met heusche wildbrug.
Wat maakte Meewind 3 tot zo'n groot succes? Allereerst natuurlijk de
ongewone afwisseling van landschappen: woud, heide, veen, plas, polder en
stinkendrijke villawijken. Dan waren er de kostelijke verhalen die de
omroepbeesten Haaslak (VARO) en Pobroek (VPRA) wisten te vertellen over de
roemruchte omroepgeschiedenis in Bussum (Studio Concordia, het huis van Wim
de Bie) en Hilversum (de geheimen onder de Televisietoren, de licht
grammofoonmuziek tijdens rampen, etc. , etc.) Hans maakte het wel erg bont
door tijdens de lunch even bij de VARA langs te fietsen om een subsidie
-aanvraag voor zijn volgende rolprent door te nemen. Men ziet, Meewind
combineert werk en recreatie in een moeite door. Maar tot slot van dit
'cyclereport' brengen wij een saluut aan de voorzaat van Eli Asser en Ron
Hijman: Eli Heimans (1861-1914) van wie wij tot slot de volgende stichtende
woorden uit 'De levende natuur' (1893) tot leven wekken:

't Is toch geen te hooge eisch dat een arm kind ook eens klaprozen of
bolderikken moet plukken in het korenveld, en die met andere veldbloemen tot
een ruiker binden voor zijn moeder...?'
 
Meewind 4 wordt verreden op de derde woensdag van april, 20 april, vertrek
Amsterdam CS, westelijke doorgang stadszijde tussen AKO en taxi's binnen bij
de kaartautomaten, 10.00 uur sharp. Neem geen fiets mee, noch kroket, maar
wat geld voor trein en fietshuur (altijd min. € 50 borg, maar die komt weer
terug) en legitimatie. Meewind gaat ook door als er niemand kan en bij
verkeerd weer en je hoeft nooit aan- of af te melden. We zien wel. De routes
zijn altijd heel bijzonder en immer met de wind mee.

Jan Haasbroek 

Waarde fietsfanaten (Meewind 2)

Het ongelofelijke is gebeurd. Meewind heeft zijn première beleefd. Na de
mislukte eerste Meewind - een totaal onverantwoorde solosneeuwrace van
initiator Jan Haas - ging het lenteachtig goed op 16 maart j.l. Onthoudt die
datum. Boekenweek was het, dus 'Terug naar Oegstgeest'. Ik rapporteer:
crocustapijten, het geboortehuis van Jan Wolkers met de koloniale waren en
het Wolkersgraf bij het Groene Kerkje, sneeuwklokjesorgieën, de rietgedekte
Reobothkerk, ardomonchocolaterie in de Beukenhof, zonovergoten terrassen,
een sanatorium voor zenuwzieken, de bustes van Boerhaave en Cartesius, het
verboden park van het Huis te Warmond, het geheime huis van Maarten 't Hart
en Oud-Poelgeest, waar Irving last van zijn jeugd kreeg.
Daar had iedereen wel bij willen zijn. Te laat. Het spits werd afgebeten
door de stoutmoedige Dody Dony, Marianne Houtzager, Irving Pardoen, Inge
Kloosterman en aanstichter Haasbroek.
Wie er de volgende keer bij zullen zijn? Het is onbekend.
Meewind 3 is op woensdag 30 maart (omdat Jan H op woensdag 6 april moet
werken). Het reisdoel - rivieren, oude stadjes, dichte wouden of langs de
zee? - is een verrassing en afhankelijk van neerslag en windrichting.
Wil je er bij zijn, spoed je dan zonder fiets, maar met voldoende geld
(borgsommen) en NS-kortingkaart op 30 maart om 10.00 uur sharp naar de
kaartautomaten in de hal bij de westelijke ingang van Amsterdam CS.
Welling fietst, ook als het regent.

Jan Haasbroek

Nieuwe fiets-club

Geef u in het café op voor de Welling fiets-club.
Later meer informatie op deze site.